ff n studiebreak

Online een chick scoren, je liefde laten zien op Whatsapp en digitale kusjes sturen. Zonder een blauwtje te lopen. Aanrader?

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

Natalie (5 havo) [meer]

Datum ingestuurd:

7 oktober 2007

Taal:

Woorden:

2.350

Bekeken:

1575 keer (2 deze maand)

Waardering:

2.5/5 (4 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

Titel: Vrouw en vriend
Auteur: Anna Blaman
Oorspronkelijke jaar van uitgave: 1941
Oorspronkelijke plaats van uitgave: Amsterdam
Oorspronkelijke uitgever: Meulenhoff
Aantal bladzijden: 197 bladzijden

Samenvatting van de inhoud:
Het verhaal begint wanneer George Blanka en zijn vriend Jonas Klinke naar het Rustoord (een gesticht) gaan. Jonas verteld aan George dat hij verliefd is op een van de zusters, Marie. Jonas is al jarenlang verliefd op haar, maar heeft nu pas de moed bij elkaar gekregen om haar aan te spreken. Marie en Jonas gaan samen wandelen en uiteindelijk wordt Marie ook verliefd op Jonas. Maar die Jonas is niet zo’n knappe kerel, en dus gaat Marie ook nog lopen flikvlooien met een andere vent: Dokter Nolense. Op een dag gaat Marie bij hem op de koffie en zoenen ze. Jonas wordt ondertussen erg ziek. Ondanks dat, gaat hij toch naar zijn werk (wat overigens erg zwaar werk is). Ook gaat hij nog uit met Marie. Op een dag stort hij in, en wordt hij opgenomen in het ziekenhuis. Als Marie hem op wil zoeken blijkt Jonas dus niet thuis, maar zijn zus, Toos, wel. Die gaat een heel gesprek met Marie aan. Zij vertelt haar dat zij Jonas met rust moet laten, omdat hij zich door haar alleen maar slechter gaat voelen. Toos liegt dat Jonas dat heeft gezegd, maar Marie gelooft haar en zegt: ‘had dan meteen verteld dat hij dat heeft gezegd!’, en ze vertrekt.

George Blanka is een man van ongeveer 23 jaar oud. Hij woont in een soort flat, waar hij zijn eten op zijn kamer krijgt gebracht. De vrouw die dat doet, is als een soort moeder voor hem (zijn eigen moeder spreekt hij nooit, die heeft zo haar eigen bezigheden: o.a. bridgen). In het begin van het boek wordt duidelijk dat George zijn grote liefde, Sara Obreen, hem heeft verlaten voor een ander (Basti). Ze waren met de trein onderweg naar Basel, toen opeens een man bij hen in de coupé kwam zitten. Sara was gecharmeerd door hem, en George had dat al snel door. George was zo jaloers, dat hij haar er op aansprak, waarna Sara gelijk vertelt dat zij niet van hem (George) houdt. Als ze uit de trein stappen gaan zij ieder hun eigen weg.

George kan alleen maar aan Sara denken. Daarom gaat hij op een avond naar haar huis toe. Sara is echter niet thuis. Zij is naar een concert van haar nieuwe liefde: Charles Holm. De hospita verzoekt hem binnen te wachten totdat zij thuis is. Hij vraagt of hij even naar haar kamer mag, en dat doet hij dus. Als hij daar is, pakt hij het boek dat Sara aan het lezen is. Hij leest de zin: My life, since I loved you, has been a prolonged agony. Deze zin heeft veel te maken met het verhaal. George haakt toch op het laatste moment af, en vertrekt voordat Sara thuis komt.
Als de hospita aan Sara verteld dat George langs was gekomen, wil Sara alles weten. Ze vraagt zich constant af wat hij te zoeken had in haar kamer. Hierna volgen dagen van afzondering. Ze sluit zich compleet af van de buitenwereld, maar gaat wel één keertje in haar eentje naar de film. Als ze op een dag de overlijdingsberichten in de krant leest, ziet ze een naam staat die haar opvalt: De Watter. Op de etage waar George woont, woont mevrouw de Watter en haar moeder. Als de moeder van mevrouw de Watter sterft, komt Sara dus op het idee om haar te condoleren. Het is natuurlijk onvermijdelijk dat ze George daar ook ziet. Als zij elkaar dan eindelijk na jaren onder ogen komen slaat er gelijk weer een vonk over. George neemt Sara mee naar zijn kamer, en daar praten ze wat af. Het wordt duidelijk dat George Sara verschrikkelijk heeft gemist, en hij erg blij is haar weer te zien. Ze spreken af om een keer samen uit te gaan. Tijdens dat uitgaan probeert George Sara telkens te verleiden, maar Sara doet afstandelijk. George begint na te denken, en komt erachter dat hij zonder Sara eigenlijk op een hele andere manier vrolijk was. Bij Sara zijn geeft hem geen voldoening, omdat zij niet echt van hem houdt. Zij gebruikt hem alleen maar, omdat ze niet alleen wilt zijn.
Als George afscheid heeft genomen, vertrekt hij richting huis. Hij begint na te denken over hem en Sara. Hij bedenkt dat hij als hij zijn eigen hart doorgronden kon, hij misschien niet van Sara hield. Het was zijn eenzaamheid die hem deed denken dat hij van haar hield. George fietst naar Jonas’ huis. Daar staat Toos (waar hij trouwens eerder ook mee gezoend had), en ze vertelt hem hoe eenzaam zij is geweest. George zegt: ‘ik ook’, en Toos zegt dat hij dan naar haar had moeten komen.

Thema:
Eenzaamheid: het hele verhaal gaat over hoe eenzaam George, Sara en Marie zich voelen. Deze eenzaamheid proberen ze weg te werken door iemand te zoeken om van te houden. Later komen ze er pas achter dat liefde niet altijd de leegte op kan vullen.

Motieven:
1. Liefde:
Door lief te hebben proberen George, Sara en Marie hun eenzaamheid weg te werken. Marie gaat een relatie aan met Jonas, maar als het blijkt dat dokter Nolense ook een oogje op haar heeft gaat zij ook met hem aan de haak. Marie wil alleen maar niet meer eenzaam zijn.
George kan zijn gedachten niet van Sara afhouden. Hierdoor ontstond een grote drang om haar weer te ontmoeten, waardoor hij naar haar toe ging. Sara had een duwtje in haar rug nodig: de moeder van mevrouw de Watter was dat duwtje. Door haar dood had Sara een smoes om eindelijk naar George toe te gaan.

2. My life, since I loved you, has been a prolonged agony:
Dit is de zin die Sara vaak noemt. Het betekent: Sinds van jou houd, is mijn leven een voortdurende foltering. Dit is eigenlijk de kern van het verhaal. Sara bedoeld hiermee dat, sinds ze van George houdt, zij nergens anders aan kan denken. Dat de George haar in haar gedachten constant achtervolgd. Hierdoor kan ze niemand anders liefhebben, en wordt ze alleen maar geteisterd door de drang om hem weer te zien.

Personen:
- George Blanka: Een jongeman van rond de 23 jaar oud.

- Sara Obreen: De grote liefde van George Blanka, een vrouw van ongeveer dezelfde leeftijd als George, maar wel kleiner. Hij beschrijft haar als lelijk, oncharmant, met een bleek Slavisch gezicht. Ze heeft hoge jukbeenderen, met een grove mond en blanke tanden. Ze is vors gebouwd met brede heupen. Meestal draagt ze een japon met een hoed. Zij is eigenwijs, dominant en laat zich niet zeggen wat ze moet doen.

- Charles Holm: Een artiest (pianospeler) waar Sara vroeger een relatie mee had (volgens mij had hij haar ongewenst geïntimiteerd, misbruikt). Zij kenden elkaar van Honny Home (volgens mij was dat een soort kostschool). Hij is een lelijke, correcte man met rossig haar. Hij heeft een dune hals en een nerveus verbeten mond. Zelfs als Sara ouder is, voelt ze nog steeds wat voor Charles, en Charles ook wel voor haar.

- Jonas: Een jongeman van ongeveer 28 jaar oud. Hij is een kop groter dan George, en ziet er uit als een lange slungel. Met zijn sluikhaar, karbonkelogen en rimpels ziet hij er veel ouder uit dan hij werkelijk is. Doordat hij ongeneeslijk ziek is, straalt hij sloomheid uit en is hij mager. Jonas is een stille, sentimentele jongen. Hij is tot over zijn oren verliefd op Marie, al jarenlang.

- Marie: De vriendin van Jonas. Een frisse, jonge vrouw met blanke tanden, golvend donker haar en bevallige manieren. Jonas is smoorverliefd op haar, of dat wederzijds is wordt heel vaag besproken.

- Dokter Nolense: Een collega van Marie. Hij werkt bij haar in het Rustoord. Nolense versiert graag de zusters, maar dat maakt Marie niets uit (ze is alsnog verliefd op hem). Als zij haar leegte maar kan vervullen. Hij is charmante, knappe man met snelle intelligente ogen en een mooi gevormde mond onder zijn dunne snor.

- Toos: De zus van Jonas. Zij is een knappe vrouw, die gevoelens voor George heeft. Zij zorgt erg goed voor haar broer, met name als hij ziek is.

Tijd en ruimte:
Het verhaal begint in de verleden tijd. Eigenlijk is het hele verhaal één grote flashback. Deze flashback verloopt in chronologische tijdvolgorde, met een aantal flashbacks in elk hoofdstuk. Het verhaal speelt zich af in de jaren ’40. De verteltijd is moeilijk te bepalen. Als je bijvoorbeeld kijkt van de flashback in de coupé naar het einde van het verhaal, dan zit er zeker wel 10 jaar tussen. Maar als je gewoon kijkt naar hoeveel tijd er verstrijkt vanaf het begin van het boek naar het eind, dan is het denk ik één week, 7 dagen (toevallig heeft het boek ook 7 hoofdstukken). De vertelde tijd is ongeveer twee weken. Het boek eindigt met een gesloten einde, omdat George eindelijk bij zinne is gekomen en hij niet meer wordt achtervolgt door zijn drang naar liefde. Zijn drang om eenzaamheid weg te werken door lief te hebben.
Het verhaal speelt zich af in een plaats dat vlak aan de zee ligt, ergens bij kale dijken. De topografische plaatsen zijn: bij George, Sara, Jonas of aan de boulevard. Het thema is in overeenstemming met de omgeving. De kale dijken symboliseren de eenzaamheid, en de boulevard met cafés symboliseren het contact tussen mensen (soms liefde). De klimatologische omstandigheden worden vaak besproken. Zo regent het vaak, wat het huilen van binnen symboliseert. Zo wordt er bij het bespreken van de regen vaak beeldspraak gebruikt, bijvoorbeeld: de hemel huilt. Ook tijdens de afspraak met Sara en George werden de klimatologische omstandigheden besproken: zo waaide het onwijs hard, en was het vloed. Daar zal ook wel een betekenis achter staan. Zo zou de vloed George zijn ‘liefde’ voor Sara kunnen symboliseren. Het water ebt altijd weer weg.

Titelverklaring:
George Blanka probeert door middel van Sara Obreen zijn eenzaamheid weg te werken. Vandaar ‘vrouw’. Maar hierdoor laat hij zijn beste vriend (Jonas Klinke) in de steek. Jonas wordt ernstig ziek, en George komt maar weining langs. Pas als hij bij zinne is gekomen realiseert hij zich pas dat Jonas eigenlijk zijn beste vriend is. Vandaar ‘vriend’.

Verteller:
Het verhaal wordt verteld door een ik-verteller, George. Je komt zijn gevoelens te weten, en bekijkt de wereld vanuit zijn ogen. Dit perspectief wordt afgewisseld door een hij/zij-perspectief.
Genre: Psychologisch roman

De context van het werk:
Blaman schreef in een tijd dat er op literair gebied veel gebeurde. De roman veranderde van karakter en in de jaren zestig verschenen de eerste ‘nouveau romans’. In deze romans deden veel schrijvers niet meer aan een vertrouwde chronologische opbouw van een roman. Romans kregen bijvoorbeeld vaker een open einde. De wereld in de roman leek niet meer zo sterk op de ons bekende werkelijkheid. Auteurs gingen experimenteren met alle in de roman voorkomende elementen.
Blaman experimenteerde niet mee op alle gebieden. De opbouw van haar romans doet zelfs wat traditioneel aan. Inhoudelijk was zij echter wel vooruitstrevend, alleen al doordat zij morrelde aan het taboe lesbische liefde. En ook al werd er af en toe negatief gereageerd op haar romans, Blaman bleef doorgaan met haar werk. Blaman wijst er dan ook op dat een schrijver geen rekening moet houden met opvattingen die hem niet aangaan.

Spanning:
De spanning ontstaat eigenlijk pas tijdens de flashback van George. Toen hij vertelde over een man die bij hen kwam zitten in de treincoupé. Je kon er gewoon niet omheen dat er wat met die man was, en dat zorgde er dus voor dat ik verder ging lezen. Voor de rest ontstond er spanning tijdens intense gebeurtenissen. Bijvoorbeeld toen Sara naar het flatje van George ging. Een ontmoeting tussen hen was onvermijdelijk. Ik vond het erg spannend toen ze elkaar eindelijk na al die jaren weer zagen. En ik was benieuwd naar wat er zou gebeuren. Zouden zij elkaar in de armen sluiten? Elkaar zoenen? Elkaar bespringen? De ik-persoon verteld de gebeurtenissen op een langzame manier, waardoor je wel nieuwsgierig wordt en dus steeds verder wil lezen. De vertelwijze speelt dus een belangrijke rol bij het oproepen van spanning.

Stijl:
Er worden veel moeilijke woorden gebruikt, waardoor je een zin vaak opnieuw moet lezen. Vaak kon je wel uit de tekst afleiden wat de schrijfster bedoelde, maar toch was het erg lastig. Maar als ik kijk in welke tijd het verhaal geschreven is (1941), valt het taalgebruik mij toch wel mee. De beschrijvende gedeeltes werden erg lang en uitvoerig besproken. Zo werden de uiterlijkheden van verschillende personages telkens opnieuw besproken. Dit helpt mee voor het oproepen van een bepaalde sfeer, en dat is de schrijfster erg goed gelukt.

Waardering in recencies:
Op het internet heb ik me rot gezocht, maar ik kon echt geen recensies vinden. Op de eerste bladzijde van het boek staan echter twee (soort van) recensies:

1. Toen Vrouw en Vriend in 1941 verscheen schreef Simon Vestdijk: ‘Het is Anna Blaman, die met de eer is gaan strijken een roman geleverd te hebben, die niet alleen het prozawerk van haar mannelijke generatiegenoten verre overtreft, maar die ook, behoorlijk in het Frans of Engels vertaald, het “Europese peil” onzer letterkunde met gemak bewijzen zou.’

2. In Vrouw en Vriend, de eerste roman die Anna Blaman schreef, vestigde zij al onmiddellijk de aandacht op het thema dat steeds in haar oeuvre terugkomt: de spanning tussen erotiek en rede.
Vrouw en vriend ‘toont allereerst haar compositievermogen. Zeven hoofdstukken-zweven dagen… en stap voor stap, onverbiddelijk en met nimmer aflatende aandachtsconcentratie, volgt de schrijfster de drie vrouwen en drie mannen: vamp, minnares, moeder, naast: vernietiger, hemeling en verworpene; één tragedie der lust, die schendt en gelukzalig maakt, én van offeren weet. Anna Blaman bezit de intellectuele passie (hoogste spanning tussen de pollen van het menszijn: seksualiteit en rede) die de bron der scheppingskracht is. De tegelijk vruchtbare en vernietigende stroom van de passie wordt voortdurend gepeild met het dieplood van het borend intellect – bittere taak, leidend tot een rationele melancholie, temporal en ruimtelijk strakke constructie, tot leven gebracht door persoonlijke plastiek en subtiele vertelkunst (intelligent variërend bij wisseling van decors en auteurs) en gedragen door onverbiddelijke ernst.’ – W. L. M. E. van Leeuwen, Drift en Bezinning

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.