Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 28 juli 1999 |
Taal: | |
Woorden: | 3401 |
Opvragingen: | 4813 (3 deze maand) |
Waardering: |
Titel
Het vrome volk
Uitgeverij
De arbeidspers, Amsterdam,
Druk
8e druk, november 1980 (1e druk, december 1974)
Genre
Het genre van het boek "Het vrome volk" Is een autobiografische verhalenbundel, waar ook wat komische dingen inzitten.
Samenvatting
Het verhaal bestaat uit 11 kleine verhalen waarvan ik van elk verhaal een kleine samenvatting maak.
Het Braakland
Het eerste verhaal in het boek is Het braakland. Het begint in de kerk en de ik-figuur zit daar met zijn vader en Quack en Parre. Ze zitten heel gehoorzaam naar de preek van de dominee te luisteren totdat Quack in 1 keer heel bleek ziet en gaat braken. Vader en Parre roepen een dokter maar het is al te laat. De oude Quack is al dood.
De bunzing
Het gaat hierover een dier die nogal gevaarlijk schijnt te zijn. Vader en de buurman proberen hem te pakken en te vermoorden maar dat lukt niet echt goed. De bunzing vlucht de schuur in. Nu wil vader dat de buurman de schuur in gaat en de buurman wil dat vader de schuur ingaat. Tenslotte gaat vader en hij krijgt hem te pakken.
Later op die dag komt er bezoek en als tentoonstelling word de bunzing op een kistje gelegd. Iedereen vindt hem eng en is blij dat hij dood is behalve de ik-figuur. Hij vindt het zielig voor het beestje en hij vindt dat niemand zomaar vermoord mag worden. Iedereen verklaart hem voor gek. Het Paard: De ik-figuur is met zijn vriend in een hut als er mensen langs komen die zeggen dat er een paard in het water ligt. De twee gaan kijken en zien dat het paard in het water ligt en geprobeerd wordt om het dier uit het water te halen. Na lang trekken en zwoegen wordt het paard helemaal onderkoeld uit het water gehouden. Hij heeft ook heel veel water in zijn longen waarop de dierenarts advies geeft om hem zijn kop af te hakken omdat het paard alleen maar zou leiden en toch dood gaat. De ik-figuur vindt het vreselijk dat het paard doodgemaakt moet worden. Het paard gaat naar de dierentuin.
Handel
De ik-figuur wordt door zijn oom gevraagd om hem te helpen bijzijn werk. Natuurlijk wordt hij daarvoor betaald. De ik-figuur beleeft allemaal gebeurtenissen met handel. Het belangrijkste van deze handel is om mensen af te zetten en te proberen overtuigen dat zo'n orgel haast niks waard is. Zo ziet de ik-figuur hoe je winst moet maken en moet handelen.
De aardbeienplukker
De ik-figuur heeft een vakantiebaantje gevonden als aardbeienplukker. Als hij daar aankomt wordt hij meteen al een beetje gepest omdat hij nog zo jong is en dat hij met zijn kleine handjes geen aardbeien kan plukken. Als hij aan het plukken is hoort hij dat de meisjes en de jongens na het plukken het koren in gaan om daar te vrijen. De ik-figuur is daar hartstikke bang voor en wil er niets van weten. De jongens pesten hem overal mee zoals dat hij besneden zou zijn. Op een gegeven moment pakken ze met ze allen hem en trekken ze broek uit en wrijven over z'n lid. Hij gaat helemaal ten onder van schaamte en vlucht het koren in waarin hij uitrust. En hij doet dit nooit meer zegt hij bij zichzelf.
De neef van Matahari
Er was een nieuwe dominee gekomen. Dominee Zelle. Hij zou de neef van Matahari zijn. De dominee deed alles wat hij zelf wou. De mensen konden dat accepteren omdat hij hele goede preken kon geven. Hij was de beste dominee die ze ooit gehad hadden. De echte kerksleden waren niet blij met hem en probeerde op alle mogelijkheden om hem af te zetten. Maar in eerste instantie lukte dat niet. Op een gegeven moment achtervolgen ze de dominee. Maar ze raken hem kwijt alleen de ik-figuur wist waar hij heen ging. Hij verraadde hem welke kant hij op ging. De achtervolgers gingen hem achterna en wat bleek hij ging altijd naar de hoeren. Op die manier hebben ze hem als dominee afgezet.
Ouderling bezoek
De familie van de ik-figuur kreeg ouderling bezoek van de kerk. Ondertussen was er in de familie al heel wat verander ten op zichten van de kerk omdat ze niet meer streng gelovig waren. De ouderlingen waren een beetje boos dat de familie niet meer in de kerk kwam, maar de vader zag dat heel anders in. Hij vond de ouderlingen niet meer belangrijk. Vooral in zijn huis hadden zij niet meer recht dan hij. Dus dat liet hij ook duidelijk merken. Hij liet ook duidelijk merken dat zijn kinderen (dus ook de ik-figuur) zelf moesten weten naar wat voor scholen ze gingen en wat voor dingen ze deden. Daar hadden de ouderlingen niks over te zeggen vond vader.
Hoge hoed
De oom van de ik-figuur vertelt een verhaal aan de ik verhaal over Hoge hoeden. Zijn oom die dominee is, moest is in een dorp een preek doen bij een begrafenis waar hij een speciale hoge hoed opdeed, omdat dat gepast was dacht hij. Iedereen dacht dat dat hoorde bij zo'n begrafenis. Dus nu dragen ze nog allemaal zo'n hoge hoed als er iemand begraven werd vertelde hij. De oom vond het wel grappig maar de ik-figuur vond het niet echt een leuk verhaal.
Hoofdschedelplaats
Als de ik-figuur wordt overgeplaatst naar een andere kazerne ontmoet hij daar zijn oom die lang geleden het contact verbroken had met de familie van de ik-figuur. Hij is nu kapper bij het legen en praat met de ik-figuur omdat die bij de kapper zit. De kapper vertelt allemaal dingen over god en Jezus die de ik-figuur schijnt te begrijpen volgens hem maar de ik-figuur begrijpt er helemaal niks van. Iedereen verklaart de kapper voor gek en de ik-figuur moest maar niet zeggen dat hij zijn neefje is. Maar hij schaamt zich helemaal niet voor zijn oom.
Een oxim uit Amerika
De ik-figuur moet naar Brussel om daar een vergadering bij te wonen van chemische stoffen. Hij krijgt daar allemaal dingen te hopren over b en c wapens. Hij krijgt ook testen te zien die op dieren worden uitgevoerd en die verschrikkelijk slecht zijn voor hem. Hij kan niet naar die dingen kijken. Hij vindt het zielig dat dat soort testen op dieren worden uitgeoefend. Hij ziet het allemaal met pijn in zijn hart aan.
Hoogzomer in april De ik-figuur is weer thuis en zit weer in het normale leven. Hij ziet nu alle dingen anders. De hele natuur klopt niet meer volgens hem. Hij ziet alle dingen allemaal anders en probeert er dingen in te veranderen. Hij heeft gezien dat de mens alles met de natuur kan doen. Ze kunnen dieren klonen de bloemen in de winter laten groeien en zon. Hij denkt ook steeds weer terug aan vroeger met de goede godsdienst. Hij is nog altijd een beetje gelovig. Het boek sluit met als de ik-figuur aan zichzelf vraagt of het wel rechtvaardig is dat de mens blijft voortbestaan.
De personen en hun karakter
De ik-figuur: hij is de hoofdpersoon van het verhaal. Deze persoon is in alle verhalen aanwezig waar hij elke keer een andere gebeurtenis beleeft. De ene gebeurtenis is leuk de andere een nachtmerrie. Deze jongen is heel ondernemend en doet veel dingen. Bijvoorbeeld helpt hij zijn oom om te helpen handelen met orgels en hij werkte bij aardbeienplukkers. Dit boek gaat vaak niet om de eigen persoon. Hij is meestal niet de persoon waar het om verhaaltje echt om gaat. Hij is altijd wel degene waardoor je het verhaal ziet maar het draait meestal om anderen.
Elk verhaal heeft 1 of meerdere belangrijke personen.
Ik zal er een paar noemen.
Quack: Een oud erg gelovig mens. Die in de kerk voor zijn ogen de mooiste dood heeft wat je ook maar kunt bedenken.
Dominee Zelle: is niet bang voor kritiek. Bedenkt helemaal zijn eigen manieren en doet dingen die andere mensen nooit zouden doen maar wel respecteren. Hij krijgt bijna de hele kerk achter zich maar niet iedereen. En die mensen hebben hem toch als dominee kunnen wegsturen. Dat kwam omdat hij niet wou trouwen en dus ergens anders aan zijn trekken kon komen. Iemand van de kerk heeft hem gevolgd en heeft gezien dat hij naar de hoeren ging. De ik-figuur had hem verraden.
De vader van de ik-figuur: Hij is erg stug en laat niet iedereen over zich heen lopen. Hij is boos en laat goed merken dat hij de baas is in zijn eigen huis. Zijn vrouw ziet dat allemaal anders zij is meer gelovig.
Oom Tjeerd: oom Tjeerd is de oom van de ik-figuur. Oom Tjeerd komt pas laat in het verhaal voor. Hij is kapper op de militaire basis waar de ik-figuur ook zit. Ze komen elkaar daar tegen waar de kapper veel over God en Jezus praat. Hij zegt allemaal dingen die de ik-figuur schijnt te snappen maar hij snapt het helmaal niet. Deze oom Tjeerd wordt door iedereen voor gek verklaard.
Het verhaal perspectief
Je volgt het verhaal door de ogen van de ik-figuur. Er zijn allerlei verhalen met allerlei onderwerpen maar telkens beleef je de gebeurtenissen door de ogen van de ik-figuur.
Structuur
Het boek heeft 141 bladzijden die onder verdeeld zijn in 11 hoofdstukken (verhalen). Die verhalen hebben allemaal hun eigen onderwerp.
Tijd
Dit boek is wel in chronologische volgorde verteld maar er zitten wel enkele tijdsprongen in. Je ziet het jongetje opgroeien en hoe hij later volwassen is. Van het ene verhaal naar het andere zitten vaak enkele jaren tussen maar uit het verhaal kun je niet uitmaken hoe groot die sprongen zijn. Je weet wel of het 1 of 5 jaar is maar je weet het niet exact.
Ik denk dat het boek in verteltijd zo'n 25 jaar is.
Ruimte
Dit verhaal speelt zich bijna in alle verhalen af in het plaatsje waar hij woont. Het plaatsje heet Maassluis. Aan het einde van het boek komt de ik-figuur ook nog een keer in België om te kijken naar dierlijke testen.
Thematiek
Het thema is dat mensen zich meer van het leven bewust maken. In dit verhaal kun je zien hoe de tijden veranderen en hoe mensen ook steeds anders na elkaar gaan kijken. Je ziet dat sommige mensen niet geaccepteerd kunnen worden. De schrijver komt daar een beetje voorop. Dit boek draait ook heel veel over godsdienst en bijgeloof. De ik-figuur wet niet wat hij moet kiezen of hij wel of niet wil geloven. Daar gaat het thema over.
Moieven
Mensen moeten een beetje anders tegen het leven aankijken, ze moeten niet elkaar willen wegjagen omdat hij anders is of dat hij iets niet goed heeft gedaan. Een dominee moet toch zelf weten wat hij in zijn privé leven doet. Als hij een goede dominee is, is dat toch oké.
Titelverklaring
Het vrome volk is vooral bedoeld op het begin van het verhaal. Daar zitten in het dorpje Maassluis allemaal mensen die naar de kerk gaan en dus erg vroom zijn. Deze mensen geloven heel erg in god, maar langzamer hand veranderd dat toch wel in het dorp. Mensen gat niet meer perse naar de kerk. De verandering is ook te zien in het doen en laten van de mensen. Eerst leefde zoals het van god moest later vervaagd dat een beetje.
Taalgebruik
Het verhaal was goed te begrijpen maar niet alle woorden die erin stonden waren eenvoudig. Zou waren er oude woorden die ze vroeger gebruikten maar nu niet meet en die snapte ik dan niet. Vooral over de orgels waren moeilijke woorden. Ook over geloof waren niet alle woorden mij bekend. Dat komt omdat ik niet echt gelovig ben
Gegevens over de auteur
Biografie
Geboren in 1944 te Maassluis (waterrijke plattelandsgemeente nabij Rotterdam).
De volgende aspecten uit zijn jeugd zijn van belang:
1. Hij had een goede relatie met zijn moeder.
Boek: Een vlucht regenwulpen
2. Zijn vader (eerst tuinder, later grafmaker (doodgraver)) behandelde hem hardhandig, maar was daarnaast erg sentimenteel (= overgevoelig).
Boek: De aansprekers
3. Hij is streng gereformeerd opgevoed en was zelf ook erg gelovig.
Boeken: Een vlucht regenwulpen, De steile helling, Het vrome volk, De Jacobsladder, en Het woeden der gehele wereld
4. De natuur in zijn omgeving (plassen en rietlanden) trok hem zeer aan.
5. Op school was hij een uitstekende leerling. (Hij wilde trouwens overal de beste in zijn.)
6. Met meisjes durfde hij nauwelijks contacten te leggen; hij had ook weinig vrienden; een tragische jeugdliefde beheerste niettemin zijn puberteit.
Boek: Een vlucht regenwulpen
7. Hij las erg veel en wilde al op jeugdige leeftijd schrijver worden. Vanaf zijn zevende of achtste jaar schreef hij reeds verhalen. Op zijn twaalfde voltooide hij zelfs een roman (Drie vrienden) die later in een lokaal (= plaatselijk) korfbalblad werd gepubliceerd.
8. Diepe bewondering tijdens zijn H.B.S.-tijd (en trouwens ook in zijn diensttijd) voor een jongen leidde tot de vraag of hij homofiele gevoelens had. Uiteindelijk kwam hij erachter dat dat niet zo was. (Hij trouwde in 1967).
Boeken: Stenen voor een ransuil en Ik had een wapenbroeder.
Opleiding en beroep
Maarten 't Hart studeerde biologie in Leiden, met als specialisatie ethologie (gedragsleer). Aanvankelijk (in militaire dienst (1968-1970) onderzocht hij vooral ratten; daar heeft hij ook een boek over geschreven. Later bestudeerde hij het doorkruipgedrag (baltsgedrag) van de driedoornige stekelbaars, een onderzoek waarop hij in 1978 promoveerde (= de titel van doctor behaalde). Sinds 1970 was hij verbonden aan het Zoölogisch (= dierkundig) Laboratorium van de Leidse Universiteit, waar hij een aantal jaren geleden ontslag nam. Daarvoor (1965-1967) had hij les gegeven aan zijn oude HBS te Vlaardingen.
Tijdens zijn studententijd heeft hij zijn geloof afgezworen; de laatste jaren neemt zijn interesse in God en religie echter weer toe.
Interesses
Hij interesseert zich vooral voor de volgende aspecten, die ook veelvuldig in zijn literaire boeken voorkomen en waarover hij ook essays schrijft:
1. Klassieke muziek (met name de werken van Bach, Mozart en Schubert.)
2. De natuur (en in het bijzonder het gedrag van dieren).
3. Literatuur (hij is uitermate belezen, ook in de buitenlandse letterkunde. Lees daarvoor zijn essaybundels.)
Politiek
Politiek is hij nauwelijks geďnteresseerd. Tegen het radicaal-feminisme heeft hij echter krachtig gefulmineerd (= woedend gereageerd). Boek: De vrouw bestaat niet
Literaire historie
Zijn debuut als literator (= schrijver) vond plaats in 1971 (Stenen voor een ransuil). Hij had de eerste jaren weinig succes. Van 1976 tot 1979 schreef hij zeer veel essays, kritieken en columns (= 'kolommen" of cursiefjes: opinies in kranten of tijdschriften) over literatuur, ethologie en muziek. Allemaal op verzoek overigens. Zelf ziet hij deze productiviteit als een reactie op de moeizame voltooiing van zijn dissertatie (= proefschrift; geschrift om doctor te kunnen worden) (zijn promotor (= hoogleraar bij wie je promoveert) bleek zeer veeleisend te zijn). Hij wekte veel ergernis, woede en jaloezie op bij collegae. Maar bekend werd hij wel door zijn frequente (= veelvuldige) publicaties. In 1978 brak hij ook door bij het grote publiek met zijn roman Een vlucht regenwulpen, verfilmd in 1981. Sinds die tijd verschijnt er bijna elk jaar wel een nieuw boek van hem.
Functie van het schrijven
't Hart schrijft vooral om twee redenen:
1. Uit afschuw over de banale (= alledaagse) werkelijkheid; de schrijver kan deze realiteit transformeren (= veranderen) en verfraaien. Het verleden wordt daarbij opgeroepen. Dit werkt geenszins therapeutisch ("van je af schrijven") zoals vaak beweerd wordt, maar leidt veeleer tot depressiviteit (= neerslachtigheid) ("naar je toe schrijven").
2. Het anticiperend (= vooruitlopend) verwerken van zaken die nog niet gebeurd zijn, maar kunnen gebeuren. Dat wil zelfs zeggen dat een auteur profetisch (= voorspellend) kan schrijven: puttend uit een mogelijke toekomst (en niet uit het verleden). Vgl. science fiction (bijv. Jules Verne).
Thematiek
1. Eenzaamheid
De volgende facetten (= aspecten) zijn daarbij relevant:
a. Fundamentele (= tot de grondslag van het leven behorende), geaccepteerde en daarom soms - min of meer - "gelukkige" eenzaamheid: solipsisme.
b. De onmogelijkheid van duurzaam contact tussen mensen.
c. Hopeloze verliefdheid.
d. Vervreemding van vrienden.
2. Het gereformeerde geloof
Het gaat met name om de aspecten:
a. Afrekening met deze religie en het milieu.
b. Schijnheiligheid.
c. Zondebesef.
d. Schuldgevoel.
3. Klassieke muziek
Diepgaande interesse in deze cultuuruiting; vooral in het werk van Bach, Mozart en Schubert.
4. Literatuur
Citaten (= letterlijke aanhalingen), parafrasen (= omschrijvingen in eigen woorden) en namen van grote nationale en internationale auteurs duiden op warme belangstelling voor de belletrie (= schone letteren; letterkunde).
5. Natuur
Veel aandacht voor natuurbeschrijvingen; soms met symbolische implicaties (= bijbetekenissen).
6. Autobiografische elementen
Een groot deel van het creatieve werk is autobiografisch, zodat kennis van het leven van deze auteur in feite een voorwaarde is voor het herkennen van de thema's en motieven waarover hij schrijft.
Personages
De hoofdpersonen in de boeken van 't Hart kunnen zijn:
1. Zachtmoedig.
2. Homofiel.
3. Geobsedeerd (= dwangmatig beheerst) door dwanggedachten.
4. Gepreoccupeerd (= in beslag genomen) met travestie (= zich hullen in kleding van de andere sekse), transseksualiteit (= geslachtsverandering) en transformatie (= verandering) in het algemeen (vooral ook het verlangen een wonderschone vrouw te zijn kan primeren (= het belangrijkste zijn)).
5. Gevoelig voor een relatie met een oudere man.
6. Levend in een agressieve (= vijandige) wereld. Hierin handhaven ze zich door:
a. Zich terug te trekken in passiviteit (= nietsdoen) (en vanuit die positie de geslaagde figuren te observeren (= waarnemen)).
b. Hun angst voor krachtigere figuren om te zetten in affectie (= genegenheid).
c. Zelf agressief (= vechtlustig) te worden.
4. Bibliografie (selectie)
1971 - Stenen voor een ransuil (roman)
1974 - Ik had een wapenbroeder (roman)
1977 - Mammoet op zondag (verhalen)
1978 - Een vlucht regenwulpen (roman)
1979 - De aansprekers (roman)
1980 - De droomkoningin (roman)
1981 - De zaterdagvliegers (verhalen)
1981 - De vrouw bestaat niet (essays en kritieken)
1983 - De kroongetuige (roman/thriller)
1984 - De ortolaan (novelle)
1985 - De huismeester (verhalen)
1986 - De Jacobsladder (roman)
1988 - De steile helling (roman)
1989 - De unster (verhalen)
1991 - Onder de korenmaat (roman)
1993 - Het woeden der gehele wereld (roman)
1996 - De nakomer (roman)
Verder essay- en kritiekenbundels, een autobiografie, een boek over ratten en een dissertatie (= proefschrift) over stekelbaarzen.
Plaats van de roman in de literatuur: Dit boek is 1974 uitgekomen. Dat is net als steeds meer mensen niet meer naar de kerk gaan. De schrijver heeft een goed tijdstip uitgekozen om dit boek in deze tijd te schrijven want had hij het 20 jaar eerder gedaan dan had hij zeker heel veel kritiek gekregen. Hij maakt nu namelijk een beetje grapjes over de kerk waar de mensen nu om kunnen lachen maar toen niet. Dit boek is niet een van de bekendste van de schrijver. Als ik zo op internet lees is dit nou niet een van de bekendste boeken die hij geschreven heeft. Volgens mij heeft dit boek geen echte grote literaire waarde, maar het kan anders niet bijna want anders hadden wij hem niet verplicht hoeven lezen.
De persoonlijke verwerking
Voor ik het boek begon te lezen had ik al gezien wat de titel was en ik dacht nee hč, toch niet alleen maar over de kerk. En ja hoor in het begin kwam mijn nachtmerrie uit. Het ging over de kerk. Gelukkig kwam daarna wat andere onderwerpen aanbod zodat ik er toch wat sneller doorheen kwam dan ik van tevoren had bedacht. Niet dat ik hem binnen twee dagen uit had, maar het ging toch redelijk vlot na het eerste verhaal.
Mijn mening van de roman na het lezen van het boek is dat het niet echt slecht boek was. Na het 1e hoofdstuk kwam ik toch een beetje in het verhaal en ging ik met de ik-figuur meeleven. Na alles te hebben gelezen heb ik toch wel een gevoel van het was eigenlijk toch best wel een mooi boek met een mooi eind. Maar ik heb toch wel eens mooier boek gelezen van Maarten 't Hart. Ik zou persoonlijk best wel meer boeken van hem willen lezen. Maar dat zal ik niet zo snel doen want ik ben niet echt een lezer.
Ik kan dit boek nou niet echt aan iemand aanraden als een topper. Ik zou dat ook niet snel doen. Ik denk dat als iemand aan mij vraagt zou ik dat boek gaan lezen? Dat ik dan zeg nee je kunt beter .......... gaan lezen. Dus ik zal eerder een ander boek aanraden. Bijv. Moeder V. David S..
Voor de rest vond ik het dus best een redelijk boek maar niet echt een topper.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.

1. Het vrome volk
2. Het vrome volk
3. Het vrome volk

Wat voor geldtype ben jij?
Meer weten over jezelf en je geld? Doe dan mee aan het Scholieren onderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!