Waar gaat jouw geld allemaal aan op? Heb jij een gat in je
hand? Of ben je juist een spaarder? Heb jij een bijbaantje of heb je die extra inkomsten niet nodig?
Doe mee aan het Scholierenonderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!
Info over dit verslag
Geschreven door: | anoniem |
Niveau: | 4VMBO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1069 |
Opvragingen: | 27 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 3 uit 5 (5 stemmen)
Titels van Lieneke Dijkzeul
Aan de bal (5) 2004 Bevroren tijd (8) 1998 Blikschade (2) 2006 De stille zonde (1) 2006 De tweede viool (12) 1991 Een bezem in het fietsenrek (2) 1994 Een muis met klauwen (7) 1993 Eiland in de wind (7) 2001 Hou je taai! (3) 1990 Kortsluiting (30) 1996 Koude Lente (1) 2007
Laatst gewijzigd op 20 februari 2006
Vragen
1. Titel
De titel van het boek is ‘Kortsluiting’
2. Naam van de auteur
De auteur is Lieneke Dijkzeul.
3. In welk jaar werd het boek geschreven of voor het eerst uitgegeven?
In het jaar 1996 werd het boek voor het eerst uitgegeven. Ik heb de 4e druk van het jaar 2000.
4. Naam en plaats van de uitgeverij
De uitgeverij is Lemniscaat uit Rotterdam
5. Enkele gegevens over de auteur
Lieneke is geboren in 1950 op 7 maart, in Sneek. Ze is nog in leven. Al op jonge leeftijd was ze helemaal gek van lezen. Ze schreef uitgebreide dagboeken. Ze wilde dan ook paukenist worden, maar ze kreeg werk als secretaresse. In 1976 is ze getrouwd en drie jaar later werd haar eerste dochter geboren. Door het voorlezen kwamen de kriebels weer terug. Dus begon ze in 1987 met het schrijven van stukjes voor bladen als Donald Duck en Bobo. Haar eerste boek verscheen in 1990. Ze woont nu met haar man en dochter in Culemborg.
Enkele boeken van Lieneke Dijkzeul:
1990 Hou je taai! (Lemniscaat / 3e druk 1995)
1991 Beer Bot maakt een boot (Zwijsen)
1991 De ontevreden kip (Zwijsen)
1991 Het geheim (Zwijsen)
1991 Roos (Zwijsen)
1991 Rook in het bos (Zwijsen)
1991 Niet voor de poes (Zwijsen)
2004 Dat kan ik ook! (Zwijsen)
2004 Wat ben ik? (Zwijsen)
2004 Mevrouw Fledder gaat drummen (Zwijsen)
6. Genre
Het genre van het boek is avonturengenre. Daniel (Danny) begint bij gezin waar hij verwaarloosd word, hij komt uiteindelijk bij een ander gezin terecht, waar hij wegloopt. Hij maakt dan veel dingen mee.
7. Wat is het thema van het boek
Het thema van het boek is weglopen.
8. Wie is (zijn) de hoofdpersoon (personen) in het boek?
Er is één hoofdpersoon in het boek en dat is Daniel Bax. Je maakt mee hoe hij van gezin naar gezin verhuisd en ook nog eens wegloopt. Daniel is 14 jaar. Bruin haar, bruine ogen. Hij is heel opstandig, net als bijna elke andere puber. Hij laat zich niet dirigeren. Hij is wel een ‘karakter’.
Omdat hij sterk verandert in het verhaal.
9. Beschrijf ook de belangrijkste bijpersonen
Marja is de vrouw van het tweede gezin. Zij is heel aardig. Ze zorgt goed voor Daniel, soms te goed. Heel sociaal ook.
Jesse is de man van Marja. Ook hij is heel aardig. Wat minder dan Marja. Hij gaat bijvoorbeeld Daniel heel de avond en nacht zoeken, nadat hij is weggelopen. Dan heb je ook nog Pim en Marieke. Dit zijn de zoon en dochter van Marja en Jesse. Marieke is net als Daniel nogal opstandig. Veel op haar kamer, niet erg sociaal. Gemeen tegen Daniel, noem maar op. Pim is heel anders. Die wil Daniel veel leren over bijvoorbeeld school, waar Daniel nog nooit heeft opgezeten.
10. Beschrijf de verhouding tussen de hoofdpersonen en de andere personen
De verhouding tussen Daniel en de bijpersonen is goed. Ze houden toch wel van elkaar, ook al lijkt dat niet zo. Daniel loopt alleen weg, omdat Marieke de brieven stiekem leest, die Daniel aan zijn eerste moeder stuurt.
11. Leg de keuze van de titel uit
De titel is een beetje een doordenker. Maar ze bedoelt ermee, dat het helemaal fout gaat tussen Marieke en Daniel, waardoor Daniel wegloopt.
12. Maak een uittreksel/samenvatting van het boek
Daniel wordt opgenomen in een pleeggezin. Hij moet nog even wennen, maar dat went snel. Hij schrijft ook brieven aan zijn moeder. Alles gaat eigenlijk helemaal goed, hij zit in het schoolvoetbal team en begint het steeds beter met Marieke te vinden. Maar dan gaan het fout. Daniel komt erachter dan Marieke zijn brieven aan zijn moeder leest en slaat door. Hij loopt weg. Hij moet zien te overnachten en komt terecht in een huis van twee oude dames. Daar verblijft hij een aantal dagen zonder dat de twee vrouwen het merken. Na zijn verblijf gaat hij langs de ex van zijn moeder, om zo te weten te komen waar zijn moeder is. Hij kreeg te horen dat zijn moeder in het buitenland was. Het werd voor hem te veel en toen belde hij zijn pleegouders weer om te vragen of ze hem wilde komen ophalen. En dat mocht.
13.a Hoe behandelt de schrijver het begrip tijd
De schrijver werkt met flashbacks, omdat Daniel soms terugkijkt in de tijd dat Rosy en Mick zijn ouders waren.
- blz. 149: Hij hoorde anders niets, hij was ergens anders, bij Rosy, en bij Mick.
- blz. 150: Dat was aardig van Mick, en als je aardig terug wou doen, dan kon dat.
13.b Hoe lang duurt het verhaal
Op een van de laatste bladzijden ziet Daniel Mick. Ze praten en komen tot de conclusie dat ze elkaar al 5 jaar niet meer hebben gezien.
- blz. 162: Hoelang hebben wij elkaar niet gezien? ‘Een jaar of vier, vijf.’
14. Wat is het perspectief van het boek
Het perspectief van het boek is de ik-vorm. Je leeft met Daniel mee.
15. Beschrijf uitgebreid je leeservaring
Onderwerp
a. Het onderwerp spreekt me niet echt aan. Ik heb er ook niet mee te maken.
b. Ik heb niks geleerd door het lezen van dit boek. Het is een normaal verhaal over een die wegloopt.
c. Misschien heeft de schrijfster dit boek geschreven doordat zij in het dagelijks leven ook iemand kon die snel boos werd en wegliep. Of misschien is haar eigen zoon of dochter wel weggelopen.
d. In vind het een goed boek. Niks op aan te merken.
Gebeurtenissen
a. Het is een leuk verhaal. Vooral op het eind als hij wegloopt.
b. Ik vind het verhaal spannend, omdat je niet weet wat hij allemaal tegenkomt als hij wegloopt.
c. De meeste indruk heeft het einde van het verhaal op me gemaakt. Dat hij Mick weer tegenkomt. Dat vind ik altijd wel leuk.
Personen (personages)
a. Ik zou eigenlijk niet echt op Daniel willen lijken. Hartstikke dun en geen leuk leven als je bijna elk jaar ergens anders woont.
b. Je komt het meest over Daniel te weten. Je kent hem nu zo goed om zijn gedrag te voorspellen.
c. Daniel heeft eigenlijk niet echt een manier om zijn probleem op te lossen. Daar is gewoon niks tegen te doen.
d. De normen van Daniel zijn: lol maken, opstandelijk. Ik kon geen voorbeelden vinden, maar dit kan ik uit zijn gedrag opmaken.
Bouw
a. Op de bouw van het verhaal valt niks op aan te merken. Daardoor is het een interessanter boek.
b. Er zitten heel erg veel terugblikken in het verhaal. Daniel denkt heel veel terug naar de tijd dat hij nog bij Mick en Rosy woonde.
c. Op het eind is alles wel duidelijk, behalve waar Rosy is gebleven.
Taalgebruik
a. Ik vind het verhaal niet lastig om te lezen. Het is een boek met jongerentaal. Daardoor is het heel makkelijk te begrijpen.
b. Ik vind het taalgebruik soms grof en voor de rest makkelijk.
- blz. 97: Jezus
- blz. 148: Verdomme. Nu was al zijn geld al op.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen