CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Bankhangende Justine steekt loom haar duim op voor niet-sportende jongeren. Want wie sport er tegenwoordig nou nog?

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Boekverslag Hella S. Haasse

Oeroeg

Geschreven door:

Suus [meer]

Datum ingestuurd:

14 juni 2006

Taal:

Woorden:

2.200

Bekeken:

2539 keer (12 deze maand)

Waardering:

2.8/5 (8 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

Zakelijke gegevens.
Luisterboek.
Titel: Hella S. Haasse leest Oeroeg.
Voorlezer: Hella S. Haasse.
Jaar uitgave: 2003.
Uitgever: Uitgeverij Rubinstein BV. Amsterdam.

Samenvatting.
'Oeroeg was mijn vriend.' De openingszin van Oeroeg introduceert de beide hoofdpersonen van het verhaal: Oeroeg en de ikfiguur. De ikfiguur blijft het luisterboek door 'ik': we vernemen zijn voor- en achternaam niet. Oeroeg behoort voor de ikfiguur tot het verleden. Hoewel ieder contact tussen hen beiden onmogelijk is, wil de ikfiguur aangeven wat zijn verhouding tot Oeroeg is, wat Oeroeg voor hem betekende en nog betekent.

De vader van de ikfiguur is administrateur op de onderneming Kebon Djati, in wat toen nog Nederlands Indië was en nu Indonesië is. Oeroeg is de zoon van de mandoer, inheemse opzichter, van de vader van de ikfiguur. De ikfiguur en Oeroeg schelen maar een paar weken in leeftijd. Tussen de vrouw van de administrateur en Sidris, Oeroegs moeder, ontstaat tijdens hun beider zwangerschappen een band. Ook na de geboorte van beide kinderen houdt die relatie stand. Oeroeg en de ikfiguur kruipen als peuters rond terwijl hun moeders kleding verstellen; ze zoeken mooie steentjes tussen het grind en drinken vanillestroop. Sidris krijgt kind na kind, maar de moeder van de ikfiguur blijkt na een miskraam onvruchtbaar te zijn. Oeroeg blijft het enige speelkameraadje van de ikfiguur. Het contact tussen de beide moeders verwatert. De moeder van de ikfiguur trekt zich steeds meer in haar slaapkamer terug, terwijl de jongens op het erf, buiten de omheining, de kampong, een groep Indonesische woningen en in de theetuinen zijn. Vaak ook zijn ze in het huis van Oeroeg, het enige stenen huis in de kampong. Het erf van dit huis grenst aan de rivier en de kinderen spelen vaak in het water, waarbij ze krabben en insekten vangen. Oeroeg en de ikfiguur zijn dan zes jaar oud. De ikfiguur is er zich dan al vaag van bewust dat zij lachen om andere dingen, anders met dieren omgaan en dat Oeroeg er volwassener uitziet.
De ikfiguur voelt zich bij Oeroeg meer thuis dan bij zijn eigen ouders. Hij eet zelden met zijn ouders en als zijn vader hem vragen stelt over zijn bezigheden, voelt hij zich ongemakkelijk. Hij beseft dat hij de aanleiding van veel onenigheid tussen zijn ouders is. Het ergert zijn vader dat hij meer Soendanees dan Nederlands spreekt en dat hij altijd met Oeroeg speelt.
Als hij zes is, vindt zijn vader dat hij naar school moet. Er wordt een jonge employé van de fabriek, mijnheer Bollinger, aangesteld om de ikfiguur voor te bereiden om in Soekaboemi naar de lagere school te gaan. De ikfiguur voelt daar helemaal niet voor en vraagt of Oeroeg meegaat. Zijn moeder vertelt hem dat Oeroeg een inlandse jongen is en niet met hem mee zal gaan naar school.

De familie krijgt bezoek: een paar heren en dames uit Batavia en mijnheer Bollinger. Een van de gasten stelt voor een rit te maken naar Telaga Hideung, het Zwarte Meer, dat hoger in de bergen ligt. Oeroeg en de ikfiguur hebben vaak gefantaseerd over dit meer, waar allerlei spookverhalen over worden verteld. Zo zou het meer een verzamelplaats zijn van boze geesten en zielen van gestorvenen. Nènèh Kombèl, een vampier in de gedaante van een oude vrouw, loert er op dode kinderen. De ikfiguur mag met de anderen mee naar het meer. Deppoh, Oeroegs vader, wordt gehaald en het gezelschap vertrekt met de auto.
In de auto is de moeder van de ikfiguur erg vrolijk. De ikfiguur merkt dat zijn moeder en Bollinger hand in hand zitten. De ikfiguur is erg ontdaan door de uitgelaten stemming van de volwassenen. Hij zoekt bescherming bij Deppoh. Als ze gaan varen op een bamboevlot zegt Deppoh dat ze tijdens het zwemmen dicht bij het vlot moeten blijven, omdat ze anders verstrikt kunnen raken in de waterplanten. Zijn raad wat rustiger te zijn, wordt in de wind geslagen. Uiteindelijk kan het oude vlot zoveel uitbundigheid niet dragen en breekt doormidden. De ikfiguur valt in het water.
Als hij thuis in bed wakker wordt, krijgt hij te horen wat er gebeurd is. Deppoh is hem in het water nagesprongen. De ikfiguur is door zijn vader gevonden in de gescheurde wand van het vlot, maar Oeroegs vader is vastgeraakt in de waterplanten en verdronken. Hij voelt zich verschrikkelijk schuldig omdat hij de oorzaak is van Deppohs dood. Als hij hoort dat Oeroeg moet verhuizen omdat zijn vader een andere mandoer in de plaats van Deppoh heeft aangesteld, is hij wanhopig. Maar ook Sidris komt in opstand tegen deze beslissing. Keurig aangekleed komt zij pleiten voor haar zoon. Het resultaat is dat Oeroeg komt inwonen bij de huisjongen van de administrateur en in Soekaboemi op de Hollands-Inlandse school gaan. Oeroegs familie gaat bij een familielid inwonen in een van de desa's hoger op de berg.
Zo komt het dat Oeroeg en de ikfiguur 's ochtends samen met de trein naar school gaan. Langzamerhand verandert hun spelen in het verzamelen van sigarenbandjes en plaatjes van vliegtuigen en auto's. Ook gaat hun belangstelling verschillen. Oeroeg krijgt meer belangstelling voor tekenen, terwijl de ikfiguur graag leest.
De ikfiguur is zich niet erg bewust van de bijzondere positie die Oeroeg binnen het huishouden inneemt. Hij eet en slaapt in de bediendenkamers, maar brengt het grootste deel van de dag met de ikfiguur door. Oeroeg wordt hiermee geplaagd door de andere bedienden en later wordt zelfs Oeroegs werk gesaboteerd. De moeder van de ikfiguur verbiedt de omgang tussen beide jongens niet want op deze manier heeft zij zelf meer vrijheid. Opvallend aan het gedrag van de moeder is dat zij na een periode van teruggetrokkenheid ineens zeer actief is. De ikfiguur merkt op dat de verhouding tussen zijn ouders koel is. Zijn vader deelt hem mee dat zijn moeder voor onbepaalde tijd op reis gaat. Bollinger is dan al vertrokken.
Gerard Stokman is de vervanger van Bollinger en iemand die voor de beide jongens erg belangrijk zal zijn. Hij neemt ze mee op de jacht in de bergen en is hun leidsman en autoriteit voor ieder probleem dat zich voordoet.
Als de ikfiguur elf wordt deelt zijn vader hem mee dat hij een reis gaat maken. De ikfiguur kan niet mee en zijn vader stelt voor dat hij naar Nederland gaat. Als de ikfiguur Oeroeg noemt wordt zijn vader boos en zegt dat hij eens Nederlandse vriendjes op zijn verjaardag uit moet nodigen. De verjaardag is niet echt een succes. Hij is erg boos omdat Oeroeg niet met hem en de Hollandse vriendjes mee mag eten. Als ze later buitenspelen, voegt Oeroeg zich bij hen. Een van de klasgenoten scheldt Oeroeg uit. Hierna trekt Oeroeg zich geleidelijk van het feestje terug.
De ikfiguur kan tot zijn toelatingsexamen in Indië blijven. Hij moet naar een tehuis in Soekaboemi. Hij gaat wonen in het, zeer Hollands aandoende, pension van Lida. Zijn vader wil oorspronkelijk dat Oeroeg op de onderneming blijft, maar omdat de beide jongens veel spijbelen, neemt Lida Oeroeg onder haar hoede en zo komt Oeroeg weer onder één dak met de ikfiguur.
Oeroeg blijkt een begaafde leerling te zijn. De vader van de ikfiguur voelt er echter weinig voor een vervolgcursus te bekostigen. Lida besluit dat Oeroeg arts moet worden. Inmiddels is de vader van de ikfiguur hertrouwd met Eugenie, een zeer praktisch type, aan wie de ikfiguur meteen een hekel aan heeft. Lida neemt een pension over in Batavia, waar Oeroeg naar de mulo gaat. Daarvoor neemt hij afscheid van zijn moeder en zijn familie. De tegenstelling tussen Oeroeg en zijn familieleden is groot. Oeroeg lijkt een prins tussen zijn armoedig geklede broertjes en zusjes. Op de terugweg zwemmen Oeroeg en de ikfiguur in de rivier, maar het is meer baden dan spelen: het zijn geen kinderen meer.
Omdat Eugenie een kind verwacht keert de ikfiguur niet terug naar de onderneming maar gaat ook in Batavia naar de hbs. Hij gaat echter wonen in een streng jongensinternaat. Lida heeft het moeilijk in haar nieuwe pension. Het is gelegen in een minder goede buurt en er wonen meisjes met een duistere reputatie. Nog steeds zien Oeroeg en de ikfiguur elkaar vaak. Ze gaan samen uit met een groep jongens van gemengd bloed. Ze gaan naar de bioscoop en dansen. Oeroeg gedraagt zich zeer westers. Hij wil niet aan zijn verleden herinnerd worden. Hij draagt zijn topi (mohammedaans hoofddeksel) niet meer en rookt. De puberteitsproblemen waar de ikfiguur last van heeft, gaan aan Oeroeg voorbij. In deze periode wordt het contact tussen Oeroeg en de ikfiguur minder. Als Lida merkt dat Oeroegs bezoeken aan de meisjes in haar pension niet zo onschuldig zijn, stuurt zij de meisjes weg en zendt Oeroeg naar het jongensinternaat waar de ikfiguur ook woont. Hier krijgt Oeroeg het te midden van de Europese jongens moeilijk. In deze periode ontstaat er een verwijdering tussen de ikfiguur en Oeroeg, die dan veel met de Arabische jongen Abdullah omgaat, die net als hij naar de NIAS, de artsenopleiding zal gaan.
Op Kebon Djati, waar Eugenie nu de scepter zwaait, voelt de ikfiguur zich helemaal niet meer thuis. Het enige onveranderde is het landschap. Maar Oeroeg ontbreekt daarin pijnlijk.
Oeroeg vertrekt voor de artsenopleiding naar Soerabaja. Hij woont daar bij de familie van Abdullah. De ikfiguur hoort alleen over Oeroeg via Lida, bij wie hij nu vaker op bezoek gaat. Oeroeg krijgt steeds meer kritiek op het gouvernement. Lida verkoopt wederom haar pension en volgt Oeroeg naar Soerabaja. Ze wordt verpleegster.
Als de ikfiguur bijna achttien jaar is, besluit hij zijn studie in Delft te vervolgen. Eerst neemt hij afscheid van Oeroeg en Lida. Oeroeg is erg veranderd. Hij draagt zijn topi weer en heeft het druk met het verenigingsleven. Hij heeft veel contact met 'gelijkgezinden'. Hij woont met Lida, die helemaal verindischt is en Maleis spreekt, bij de familie van Abdullah. Lida betaalt de studie van Oeroeg, omdat deze niet in gouvernementsdienst wil. Ze houden een politieke discussie. De ikfiguur voelt zich definitief buitengesloten.
De ikfiguur is tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. In deze periode overlijdt zijn vader. Contact met Lida en Oeroeg is er niet.
Als de ikfiguur klaar is met zijn opleiding, solliciteert hij naar een betrekking in Indië. De problemen daar ziet hij als tijdelijk en hij voelt zich solidair met het land.
Zijn aankomst valt samen met de eerste Nederlandse politionele actie. Zijn zoektocht naar bekenden levert niets op. Even denkt hij Abdullah te zien, maar deze verdwijnt in de chaos.
Als er een patrouille naar Kebon Djati vertrekt, kan hij de verleiding niet weerstaan en gaat hij mee. Hij ziet een verwoest land. De onderneming is een ruïne. Hij gaat naar Telaga Hideung. Het meer is nog even magisch als vroeger. Dan staat hij oog in oog met een inlander die hem bedreigt met een revolver. Hij noemt Oeroegs naam. In het Soendanees beveelt de inlander: 'Ga weg, anders schiet ik. Je hebt hier niets te maken.' Als de stemmen van zijn tochtgenoten hoorbaar worden, verdwijnt de inlander.


Leeservaring.
In de bibliotheek is het sinds enkele weken mogelijk om luisterboeken voor drie weken te lenen. Van de luisterboeken sprak ‘Oeroeg’ mij het meeste aan, want de titel is al een keer gevallen in de literatuur lessen, maar ook doordat het verhaal wordt verteld door Hella. S. Haasse zelf.
Het was een prettige stem om naar te luisteren en het taalgebruik was duidelijk. Het fijne van de luisterboek was dat de namen worden uitgesproken om de manier zoals het hoort.
Het verhaal is erg aangrijpend. De vriendschap tussen een Nederlandse planterszoon en een Indische onderschikte komt in het gehele boek naar voren. De gevoelens tussen hen beide wordt mooi beschreven. De gevoelens, die bepaald wordt door de politieke omstandigheden en de ouders van de Nederlandse jongen. Vooral de ouders hadden nog de gedachte dat de inlanders van Indonesië ondergeschikten waren. Het verhaal geeft goed weer dat een vriendschap bepaald wordt door cultuurverschillen en ik denk dat, dat in deze tijd nog steeds het geval is maar in mindere mate. De hoofdgedachte in ‘Oeroeg’ is dan ook dat twee vrienden van verschillende culturen steeds verder uit elkaar groeien.
Hella S. Haasse heeft een goede opbouw gebruik, dat erg overzichtelijk was. Ze heeft gebruik ge maakt van flashbacks en open plekken. Een open plek vond ik heel bijzonder. ‘Oeroeg was mijn vriend’ zo begon het boek met een open plek. Het was dus al gelijk duidelijk dat de vriendschap niet zal aan houden. De open plek werd beantwoord in de loop van het boek. Pas aan het eind, een open einde, komt er tussen de vriendschap van de Nederlander en de Indonesiër een einde. De ik-figuur hoorde een geluid naast zich. Toen hij zich omdraaide keek hij recht in de ogen van zijn vriend, vermoed de ik-figuur. Oeroeg droeg een wapen en dreigde de ik-figuur neer te schieten. Als hij even omkijkt, is Oeroeg plotseling weer verdwenen. Later twijfelt de ik-figuur of het Oeroeg wel was. Je wordt dus in de waan gelaten dat het Oeroeg kan zijn geweest en je weet niet of de vriendschap ooit weer hersteld wordt.
Het boekenweekgeschenk is een ontzettend goed boek met een prachtig beeldende verhaal, dat een groot publiek aanspreekt.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.