ff n studiebreak
Experiment: geen Twitter, mail en Whatsapp meer voor Nina. Wel faxen, brieven in enveloppen en ouderwetsch bellen.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.
geef je mening
Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?
Primaire gegevens
Auteur : Marten Toonder
Titel : De andere wereld
Uitgeverij : De Bezige
Plaats van uitgave : Amsterdam
Jaar van uitgave : 1982
Druk : Niet vermeld
Motivatie
Het boek is verplicht gesteld door de leraar
Samenvatting
Olivier B. Bommel (ook wel Ollie genoemd) woont op Bommelstein samen met zijn bediende Joost. De winter loopt op zijn einde. Ondertussen loopt Kweetal naar zijn zomerverblijf. Kweetal de breinbaas werkt al twaalf jaren aan een ruimtehevelaar, maar deze loopt nu drie dagen achter. Luut Lierelij stelt voor deze in het Zompzwin te gooien, en dit doet Kweetal ook, maar met gemengde gevoelens.
Als Ollie ligt te slapen wordt hij wakker van herriemakers in de tuin. Er zitten drie personen die rond een vuurtje zitten te zingen. Ollie jaagt ze weg. Weer binnen krijgt hij een voetenbad van Joost en gaat weer slapen. Om 6 uur ’s ochtends komt Joost hem weer wekken omdat er familie voor de deur stond. Eenmaal buiten gekomen ziet Ollie dat dezelfde figuren als gisternacht voor de deur stonden. Ze zeggen dat ze familie van hem zijn, en dat ze onderdak zoeken. Ollie stuurt ze weg, omdat ze zeggen dat ze Boemel heten, en niet Bommel.
Vervolgens krijgt Ollie een brief van de gemeente dat ze onderdak moeten bieden aan de vreemdelingen, in hun tuinen. Ollie is het hier totaal niet mee eens en wordt voorzitter van een comité die deze beslissing gaan aanvechten. Nadat hij nog een paar vreemdelingen uit de tuin gejaagd heeft, gaat hij op pad. Hij gaat eerst langs de eigenaar van de Rommeldamse Courant, en vervolgens komt hij Tom Poes tegen. Tom Poes gaat verder uitzoeken waar de vreemdelingen vandaan komen, en Ollie gaat naar de burgemeester, om te protesteren.
Hierna gaat hij naar Grootgrut, een kruidenier. Hier ziet hij vreemdelingen, Apoka’s genaamd, die gewoon weglopen zonder te betalen. Ze moeten mee met de politie.
Nadat Ollie bij Argus de journalist is geweest, heeft deze voor hem een optreden op televisie geregeld.
Tom Poes schrijft een toespraak voor hem, maar deze toespraak is in het voordeel van de Apoka’s. De andere leden van het comité worden boos op Ollie. Heer Bommel gaat verdrietig weg van huis, en loopt langs zijn buurvrouw Doddeltje, die zijn tv-optreden niet heeft gezien. Hij krijgt een bloem van haar. Dat gaat hij verder, en komt Tom Poes tegen.
Samen gaan ze op zoek naar de herkomst van de Apoka’s. Ze komen uit bij het Zwarte Water, waar Heer Waggel voor veerdienst speelt, en de Apoka’s overzet. Over het meer hangt een dikke mist. Als ze iemand horen schreeuwen, wil Heer Bommel deze persoon gaan redden en valt in het water. Hij komt pas aan de andere kant boven.
Hij spoelt aan en wordt door Salem gered. Deze neemt hem mee naar zijn huis, maar voordat ze er zijn wordt Salem’s huis de lucht in geblazen door een vulkaan. Daarom gaan ze naar Salem’s neef, waar Ollie vertelt van zijn eigen wereld en daarna gaat slapen. De volgende ochtend moet hij de hele bevolking van Apoka (waar hij beland is) vertellen over zijn andere wereld. Ondertussen wordt er één bewoner aangevallen door een wringerd, een plant die zich om je heen wikkelt en je hersens gebruikt. Vervolgens gaat de hele bevolking naar de oever van het Zwarte Water, waar Ollie peinst op een oplossing om deze mensen te helpen. Deze vindt hij niet voordat hij in het water valt…
Als hij aan de andere kant weer uit het water komt, staan Heer Waggel en Tom Poes op hem te wachten. Zij zeggen dat hij maar eventjes weg is geweest, maar Heer Bommel weet zeker dat hij drie dagen in de andere wereld is geweest.
Ondertussen vist Kweetal met een speciaal instrument de ruimtehevelaar weer uit het Zomzwin en opeens is er geen mist meer boven het Zwarte Water, en ook is er geen stroming meer. Kweetal vraagt aan Heer Bommel of er veel ‘oele sinsen’ waren door de drie dagen verschil in de andere wereld. Wat hij hier precies mee bedoelt weet hij niet. Hij gaat maar op weg naar huis waar hij de burgemeester tegenkomt, die vertelt dat iedereen opeens vol lof over hem is. Uiteindelijk mag hij voorzitter worden van het comité dat voor de Apoka’s gaat zorgen.
Genre
Fantasieverhaal of een soort sprookje, omdat dit in het echt niet zou kunnen gebeuren. De dieren kunnen praten en leven zoals een mens. Ook bestaat “de andere wereld” Apoka niet.
Titel
Het boek draagt de titel “de andere wereld”. De titel slaat op een andere wereld, waar de Apoka’s het heel slecht hebben, hun wereld gaat onder. Ze vluchten naar een andere wereld. Voor de Apoka’s is de wereld van Boemel de andere wereld. En voor Boemel is de wereld van de Apoka’s de andere wereld.
Ondertitel
Er is geen ondertitel
Motto
Er is geen motto
Personages
Olivier B. Bommel (ookwel Olie Bommel, en door de vluchtelingen Dhr. Boemel of de geruite vreemdeling genoemd):
Een adellijke beer. Hij is een beetje dom (hij denkt o.a dat hij boeken van niveau leest zoals ‘de negerhut van oom Tom’, terwijl dat eigenlijk geen boeken van zijn niveau zijn) Bovendien is hij arrogant en rijk.
Tom poes: Een erg slimme kat, de goedheid zelve. Hij is een vriend van Ollie.
Joost: Is de butler van Ollie, een hond Hij is trouw en slim.
De apoka’s: De wasberen, de bewoners van Apoka. Ze zijn erg vriendelijk.
Markies de Canteclear: Een haan die aan Ollie voorstelt om voorzitter van het comité te worden. Het is niet duidelijk wat hij voor beroep doet, wel is hij erg hooghartig. Hij doet zich hoger voor dan dat hij werkelijk is. Kortom een onuitstaanbare ijdeltuit.
O. Fanth Mzn.: Een rijk nijlpaard die de Rommeldamse Courant bezit.
Argus: Hij is een rioolrat. Hij is de verslaggever van O.Fanth.
Dickerdack: Hij is de burgemeester van Rommeldam. Hij is een nijlpaard.
Groot Grut: Hij is een bok. Hij is de kruidenier van Rommeldam.
Snuf: Een politieman van Rommeldam. Hij is een speurhond.
Doddeltje: Een vrouwelijke hond. Ze is de buurvrouw van Olie Bommel. Olie Bommel is verliefd op haar. Ze is erg vriendelijk en lief.
Luut Lierelij: Hij is een soort dwerg. Hij is altijd vrolijk en aardig. Zingt altijd blije liedjes en speelt op zijn sitaar, maar wel irritant waardoor je verkeerde beslissingen kan nemen (door Luut Lierelij gooit Kweetal de oloroon in het meer).
Kweetal: Hij is een soort trol die indirect de oorzaak van alle rare gebeurtenissen is. Hij werkt aan een ruimtehevelaar, genaamd oloroon. Hij is brompot en chagrijnig. Hij is iemand die erg op zichzelf is gericht.
Wammel Wagel: uitgebeeld als een eend, hij vaart de Apoka’s naar de wereld van bommel. Hij is een veerman.
Links met Griekse mythologie
Wammes Waggel: Hij is afgeleid van veerman Charon. Charon zet zielen van overledenen de Sfix (doden zee) over.
Relatie met de bijbel
Salem: Bijbelse stad Jeruzalem
Apoka: Apokalyps. Boek van de openbaringen
De 3 dagen: Na 3 dagen was Christus verdwenen.
Ruimte
Het verhaal speelt zich af in Rommeldam en in de “andere wereld”. Olie Bommel is in het begin van het verhaal in zijn eigen woonplaats. Daar komen de vluchtelingen naar toe. Die krijgen van de burgemeester toestemming om bij adellijke mensen in de tuin te overnachten. Dhr Bommel is het daar niet mee eens. Tom poes haalt hem over om te onderzoeken waar de vluchtelingen vandaan komen. Hij valt in het Zompzwin en wordt door de sterke stroming meegevoerd naar de “andere wereld”.Na 3 dagen daar te zijn geweest valt hij weer in het meer en is weer in zijn eigen wereld.
Tijd
*wanneer speelt het verhaal zich af?
Eind jaren 70, omdat er in die tijd een vluchtelingenstroom was van onder andere Surinamer die Nederland als het paradijs zagen.
*wat is de verteltijd/ vertelde tijd?
De verteltijd is ongeveer 4 uur.
De vertelde tijd is drie dagen, maar deze drie dagen worden wel dubbel verteld, omdat Bommel ‘terug in de tijd reist’.
*chronisch/ niet chronisch?
Wel Chronisch, omdat het wel in chronologisch volgorde verteld wordt, maar omdat er gebruik wordt gemaakt van een tijdmachine, ligt het wat ingewikkelder. Je kunt de verhalen niet alle 2 tegelijk vertellen. (Maar eigenlijk ook weer niet chronisch, omdat de gebeurtenissen samen vallen).
*flashbacks?
Het is eigenlijk geen echte flashback, maar Bommel gaat wel 3 dagen terug in de tijd.
*continu/ discontinu?
Discontinu, omdat bladzijde 16 van het verhaal leeg is. Er ontbreekt iets, maar je weet niet wat.
Verteller
Alwetende verteller, omdat deze meerdere verhaallijnen door elkaar kan vertellen.
Citaat: Geen wonder; daar was het heel wat mooier dan waar hij zich bevond.
Thema
Het thema is de vluchtelingen problematiek. Dat het moeilijk is om vluchtelingen te accepteren. En Ollie had er ook moeite mee om de Apoka’s te accepteren.
Je moet geen vooroordelen trekken, zonder dat je weet wat er aan de hand is. Is ook een thema.
Motieven
De dubloenen staan voor de welvaart. Apoka staat voor de andere wereld. En de verwarring bij Bommel.
Informatie over de auteur
In 1938 verscheen voor het eerst een strip van hem, in een Zweedse krant. Vanaf 1941 verschenen in De Telegraaf de strips die Toonder het meest bekend hebben gemaakt, met als hoofdpersonen Tom Poes en Olivier B. Bommel. De strip heeft een eigen, karakteristiek formaat: een bladzijde tekst met een paginabrede band van plaatjes erboven, geen tekstballonnen. Hierdoor wordt de aandacht bij de plaatjes niet afgeleid door tekstballonnen en krijgt de tekst een eigen leven. Er zijn bijna 200 Bommel-verhalen verschenen, later meerdere keren opnieuw uitgebracht in boekvorm.
De beste verhalen kenmerken zich door subtiele humor en een min of meer verborgen maatschappijkritiek (bijvoorbeeld in het verhaal De bovenbazen). Ook kennen ze een bijzonder taalgebruik. Woorden als denkraam en minkukel werden ook buiten de strips van Toonder bekend.
Een aantal van de Bommel-verhalen zijn als tekenfilm uitgebracht, maar deze waren niet erg succesvol. De tekenfilms hadden wel de grollen, maar misten de subtielere humor die uit de verhalen spreekt.
Andere series van stripverhalen van Toonder zijn:
-De verhalen van Panda en zijn tegenspeler, de gentleman-oplichter Joris Goedbloed.
-Koning
-Hollewijn
-Kappie
Gebeurtenissen
Het boek heeft me inderdaad aan het denken gezet door onder andere de vluchtelingen problematiek. Wij zouden hetzelfde reageren als Bommel en bewoners, als er opeens een immens grote groep vluchtelingen naar ons land toe zou komen. Dan gebeurt er hetzelfde als in het boek. De regering wil ze opvangen maar de bevolking werkt dit tegen.
Personen
Ik vond vooral Tom Poes een sympathiek personage omdat hij naast de burgemeester de enige is die, althans in het begin van het boek, de Apoka’s wel wil opvangen. Hij heeft eerst alles zorgvuldig uitgezocht voordat hij een beoordeling gaf.
Doddeltje vond ik ook een sympathiek persoon, omdat ze de Apoka’s heel vriendelijk ontving en hun gezelschap gezellig vond.
Een minder sympathiek persoon vind ik Markies de Canteclaer, omdat hij zich hoger voordoet dan hij werkelijk is. Hij vindt zichzelf helemaal geweldig.
De overige personages vind ik meelopers, omdat ik niet het idee had dat ze zelf een mening hadden. Ze hadden er wel een, maar durfde er niet in hun eentje voor uit te komen. En Tom Poes wel.
De heer Bommel reageerde in het verhaal, emotioneel gezien, redelijk herkenbaar vond ik.
Ik denk dat ik zelf niet veel andere emoties zou hebben gehad als de emoties van heer Bommel. Het enige punt waarover de meningen wel zouden verschillen is over het opvangen van de Apoka’s. Heer Bommel is daar tegen, maar ik zou er zelf voor zijn. Omdat de mensen in nood zitten hebben ze opvang nodig. Als ik zelf in nood zou zitten, zou ik het ook fijn vinden als je hartelijk opgevangen zou worden. Het is wel raar dat er mensen aan je deur staan die zeggen dat hun wereld vergaat, terwijl jij ervanuit gaat dat er maar een wereld is. Ik snap wel dat dat voor Bommel moeilijk te geloven is.
Opbouw
Ik vond wel dat het af en toe wat moeilijk te volgen was. Dat kwan vooral omdat er wat ouderen woorden gebruikt werden, waar ik de betekenis niet van snapte. En omdat er heel vaak (ook foutieve)beedspraak werd gebruikt. Maar door de plaatjes erbij vond ik wel dat alles een stuk gemakkelijker was.
Verder vond ik het wel lastig dat er een tijdlus is zat. Daardoor was ik in het begin van het verhaal wel even de draad kwijt. Als ik de originele versie had gelezen, dan was het voor mij wat duidelijker geweest, omdat daar een pagina leeg was. Ik dacht dat er gewoon een nieuwe bladzijde kwam. Pas toen u dat aan ons liet zien snapte ik het pas goed.
Ik vond het verhaal totaal niet spannend. Er moet voor mij veel actie in een boek zitten wil ik het spannend vinden. Ik vond vooral de gebeurtenissen saai. Niet te min vond ik het geen saai boek want er gebeurde wel aparte dingen alleen waren de gebeurtenissen niet spectaculair.
Ik heb geen stukken overgeslagen, omdat ik het saai vond. Bovendien kregen we er SO over dus moesten we alles wel goed lezen en bekijken.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.