ff n studiebreak
Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.
geef je mening
Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?
Gedichtenbundel
Alles op de fiets ~ Rutger Kopland
Titel
De titel is ‘Alles op de fiets’. Toen ik deze bundel uitkoos, had ik geen idee waar de titel op zou slaan. Nu, na het lezen, denk ik dat de titel de realiteit van de gedichten weergeeft. De meeste gedichten gaan namelijk over werkelijke dingen.
Delen
De bundel bestaat niet uit afdelingen of delen. Alle gedichten staan gewoon achter elkaar.
Verband tussen gedichten en de titel
Zoals ik al zei bij het kopje ‘Titel’ denk ik dat de titel te maken heeft met het realiteitsgehalte van de gedichten.
Onderwerpen
Een onderwerp in veel gedichten is het verstrijken van tijd. Zoals in het gedicht Stilleven, daar gaat het over een man en een vrouw op een portret, zoals ze in de lens keken. Dit toont dat er tijd verstreken is. Verder gaan bijna alle gedichten over werkelijke dingen, er zitten amper gedichten bij over onderwerpen die heel zweverig zijn.’Veel gedichten gaan over onderwerpen die tastbaar zijn, zoals een moeder, een pilsje, een jas. Veel gedichten gaan over de dood.
Analyse van drie gedichten
Oud buiten
Het was zo mooi vroeger.
Maar de freule met de lekkere
kont is verdwenen met de tuinman
in de weiden, naar de geheimen van
bloemen en bijen op zoek zei ze.
De jachtopziener heeft de laatste
nachtegalen doodgeschoten voor
de schoorsteenmantel. Je lag
er maar wakker van zei hij.
Nesten hangen open en bloot in
de bomen. Iedereen kan het zien.
En in de nacht strompelt een koe
als een oude dichter uit de sloot
en doet op de stoep, bijgelicht
door makker maan, haar klappende
boodschap van de vrede.
De eerste zin, Het was zo mooi vroeger, is een belangrijke zin. Want wat volgt, laat de tegenstelling zien tussen het mooie vroeger en hoe het nu is. Na de eerste zin volgen voorbeelden van hoe het nu is. Het onderwerp van dit gedicht is dat de tijd verstreken is, en dat dingen negatief veranderd zijn.
De titel (Oud buiten) is waar dit gedicht over gaat. Het gaat immers over een oud landhuis waar een hoop verander is. De freule is weg met de tuinman en de nachtegalen zijn weg. Oud is denk ik dubbel op te vatten. Namelijk als oud in de zin van een huis dat er al lang staat, niet nieuw. En in de zin van hoe het vroeger was.
Wat me opviel, was dat er in elke strofe bepaalde uitdrukkingen zitten. In de eerste strofe is dat op zoek naar de geheimen van bloemen en bijen. Dat is natuurlijk een uitdrukking voor een stevig robbertje bridge met de tuinman.
In de tweede strofe heeft hij het over nachtegalen. Je ligt er toch allen maar wakker van. Nu heb ik in mijn hoofd zitten dat er één of ander spreekwoord/uitdrukking is waar het gaat over de nachtegalen die ’s nachts zingen. En dat het zingen voor iets positiefs staat. Maar ik kan er maar niet op komen. Als het klopt wat ik denk, staat die nachtegaal dus voor het positieve wat nu weg is.
In de laatste strofe heeft hij het over een koe die als een oude dichter uit de sloot strompelt. Dat doet me denken aan het gezegde geen oude koeien uit de sloot halen. Oftewel, niet terugdenken aan dingen die gebeurt zijn.
Volgens mij gaat dit gedicht over het verschil tussen vroeger en nu. Dat blijkt al heel duidelijk uit de eerste zin het was zo mooi vroeger. Vervolgens wordt verteld welke voor negatieve veranderingen er zijn geweest. Wel op een grappige, moderne manier overigens. Ik snap niet zo goed waar die nesten die open en bloot hangen op slaan. Misschien laat klappende boodschap van vrede zien dat er toch ook nog wel positieve dingen zijn. Maar je kan het ook opvatten als dat het nog steeds niet gelukt is om vrede te krijgen.
Kortom, ik vind dit best een lastig gedicht, veel dingen die je op verschillende manieren op kunt vatten. Maar wel leuk om te lezen.
Tweede gedicht
Een moeder
loopt langzaam naar haar kind om
het niet te laten schrikken,
pakt het voorzichtig op om
het niet te beschadigen,
slaat dan keihard
Dit is een heel verrassend gedicht. De eerste zinnen geven je een lief beeld van de moeder, maar de laatste zin draait alles om, ze slaat dan keihard. Die laatste zin is dus het belangrijkste, omdat daarmee het beeld van het gedicht definitief bepaald wordt.
Het onderwerp van dit gedicht vind ik dat iets heel lief voor kan komen, maar toch gemeen kan zijn. Dus dat je eerste indruk niet altijd de juiste is.
De titel is eigenlijk het begin van het gedicht, want het hoort bij de zin een moeder loopt langzaam …. Toch geeft het ook het onderwerp van het gedicht weer, want het gedicht gaat immers over een moeder. Knap gekozen vind ik.
Wat me verder opviel was het woord keihard. Dat is een modern woord, en wordt niet vaak gebruikt in gedichten. Het past erg goed in dit gedicht, want het klinkt ook hard.
Er zit geen rijm in dit gedicht, en het bestaat ook niet uit strofes of iets dergelijks. Gewoon een kort maar krachtig gedicht.
Ik vind dit gedicht wel mooi. Je wordt in de eerste 5 regels op een gedachte gebracht, en in één zin wordt die weer helemaal omgegooid. Het geeft ook een mooie tegenstelling weer vind ik. Het is ook niet moeilijk te begrijpen, hier staat gewoon wat er bedoeld wordt. Weinig poespas eromheen. Daar houd ik wel van.
Derde gedicht
Een mengsel
Het is wat we zien, zover we
zien, zover we denken te zien,
het is wit in het westen, blauw
in het oosten, het is een
lichtblauw mengsel.
In dit gedicht zit niet echt een woord of zin die er uitspringt. Alhoewel lichtblauw mengsel als het ware wel een korte samenvatting geeft van het gedicht.
Dit is wel een beetje een mysterieus gedicht. Want nergens staat genoemd waar het nou over gaat. Maar ik denk dat het over de lucht gaat. Want we zien de lucht immers altijd en overal. En zover als we kunnen zien, zien we over het algemeen lucht. De lucht is soms blauw, soms grijs, soms wit. In het oosten een andere kleur dan in het westen. Maar er zit geen grens tussen het oosten en het westen. De lucht wordt dus ook niet tegengehouden door grenzen, oftewel; de lucht is een mengsel van alles wat zien.
De titel geeft de conclusie van het gedicht weer. Namelijk dat het (de lucht denk ik) een lichtblauw mengsel is.
Er zit geen beeldspraak in dit gedicht. De woorden zien en zover worden vaker gebruikt. Er zit beginrijm in, de eerste regels. Wat we zien, zover we zien, zover we denken te zien. Ik vind dit stuk erg mooi. Het is namelijk net alsof je steeds iets meer bedenkt. Eerst het is wat we zien. Dan voeg je eraan toe zover we zien. Tenslotte, zover we denken te zien. Het resultaat is een beetje een gedachtegang die je in je hoofd hebt: Het is wat we zien, zover we zien, zover we denken te zien.
Ook het zinnetje wit in het westen is erg mooi. Die dubbele ‘W’ erin klinkt gewoon erg mooi.
Ik vind dit een mooi mysterieus gedicht. Zoals ik hiervoor al zei, vind ik vooral het begin erg mooi. Ik dacht altijd dat ik alleen van duidelijke gedichten hield, maar deze vind ik ook erg mooi. Het roept gewoon een beeld bij me op, van wolken die met de blauwe lucht samensmelten tot een lichtblauw mengsel.
Mijn mening
Je kunt niet zeggen dat de hele bundel over één onderwerp. Zoals ik in het begin al zei gaan veel gedichten over het verstrijken van tijd en over realistische dingen. Maar het gedicht een mengsel is bijvoorbeeld weer best mysterieus. Veel gedichten zijn erg lastig te begrijpen. Ook als ik ze een paar keer heb gelezen, kom ik er niet uit.
Ik vind het niet een superbundel. Er zitten wel wat leuke gedichten bij die ik ook wel denk te snappen, maar het merendeel van de gedichten kan ik niet echt ontcijferen. Nu ben ik ook niet echt een dichtfanaat, dus dat zal er zeker mee te maken hebben. Ik vond het niet heel erg om deze bundel te lezen, omdat het eigenlijk helemaal nieuw voor me was en het toch wel een beetje meeviel.
Achtergrondinformatie
Rutger Kopland is het pseudoniem van de psychiater dr. Rutger Hendrik van den Hoofdakker. Hij is geboren in 1934, te Goor en woont nu in Glimmen, Drenthe. Hij heeft ook een gedicht naar zijn woonplaats vernoemd, namelijk Groeten uit Glimmen. Hij werkt als hoogleraar psychiatrie aan de universiteit in Groningen. In 1966 verscheen zijn eerste dichtbundel Onder het vee (1966). Hij schreef daarna nog een aantal bundels, waaronder Alles op de fiets en Een lege plek om te blijven. Daarvoor kreeg hij respectievelijk de Jan Campertprijs 1970 en de Herman Gorterprijs 1976. De eerste druk van Alles op de fiets was in december 1969 en is uitgegeven door G. A. Van Oorschot. Het is opgedragen aan Ineke.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.