geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

ff n studiebreak

Maandag begint de nieuwe Weg Over Rozen! Hier vast al het tergende, romantische, schokkende, suïcidale en strontvervelende uit seizoen 1 op een rij.

Boekverslag Chika Unigwe

De Feniks

Geschreven door:

Kees van der Pol (Docent) [meer]

Datum ingestuurd:

28 november 2005

Taal:

Woorden:

4.350

Bekeken:

4561 keer (17 deze maand)

Waardering:

3.9/5 (20 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

Gebruikte editie
"De feniks" is de eerste Nederlandstalige roman van de Nigeriaans-Belgische schrijfster Chika Unigwe. De prachtig gebonden uitgave verscheen bij uitgeverij Meulenhoff / Manteau te Amsterdam aan het eind van september 2005. Op de grijze kaft staan twee vleugels van een insect of een vogel (de feniks?) afgebeeld.

Geschikt voor...?
De roman lijkt het meest geschikt voor geroutineerde lezers op havo en vwo-niveau. Niet dat de roman en de stijl taal te moeilijk zijn voor middelbare scholieren, maar door de wat ingewikkelde structuur en het meervoudig perspectief is leesroutine wel noodzakelijk. Het verhaal is op zich spannend genoeg om een "leuk" nummer op de lijst te hebben. Het past uitstekend in een rijtje boeken met het thema cultuurverschillen (Adriaan van Dis, Lulu Wang, Marion Bloem, Nilgün Yerli) maar ook in een themalijst met de dood van een kind (Liefdesdood van Oscar van de Boogaard of Een gouden kind van Jean Paul Franssens)
Het boek heeft een standaard niveauaanduiding van 2 pt.

Nederlandse literatuur?
Unigwe is een Nigeriaanse schrijfster die met een Belgische man getrouwd is. Haar voertaal is Engels en ze heeft een aantal teksten in het Engels geschreven. De uitgever publiceert het boek als Nederlandstalig debuut, maar in strijd daarmee is de opmerking in het colofon aan het einde van het boek waarin wordt vermeld dat de roman vertaald is door Hans van Riemsdijk. Waarschijnlijk heeft Chika Unigwe de roman dus gewoon in het Engels geschreven en heeft Van Riemsdijk voor de overigens prachtige vertaling gezorgd. In een reactie op een recensie op internet stelt Unigwe zelf dat het haar grote droom is dat ze het Nederlands over een tijdje zo zal beheersen dat ze een roman in het Nederlands zal schrijven. Ze merkt op dat het Lulu Wang tenslotte ook gelukt is.

De flaptekst
Oge is een Nigeriaanse vrouw die in Europa woont, in de Vlaamse provinciestad Turnhout. Het oude continent baadt in een sfeer van afstandelijkheid en onbegrip. Tot overmaat van ramp sterft haar zoontje. In Oge's verdriet wordt de herinnering aan haar familie tastbaarder dan ooit. Toch lukt het Oge om overeind te blijven.
Het pakkende Nederlandstalige debuut van Chika Unigwe leidt ons van Europa naar Nigeria en weer terug. Oge, het vrouwelijke hoofdpersonage uit De feniks, tracht tegenstellingen en tegenslagen te verschalken om weer zichzelf te worden. Chika Unigwe dringt binnen in het hart en de ziel van haar hoofdpersonage. In een wereld van alsmaar vervagende grenzen plaatst Unigwe de mens centraal.
De feniks is een portret van een sterke vrouw. Deze roman zal niemand onberoerd laten.

Quotes
'De feniks is een prachtboek. Het is een verhaal dat pijn doet in zijn scherpte en opvalt door Unigwes erg krachtige zinnen, een dwingend ritme en rake beelden.' - Erwin Mortier

'Chika Unigwe schrijft prachtig over liefde, verlies en de verwarring tussen verschillende culturen en verschillende rassen.' - Caryl Phillips


Genre
De roman behoort tot de psychologische romans met als belangrijkste thema’s de cultuurverschillen waaraan een allochtone vrouw wordt blootgesteld en de verwerking van tegenslagen in je leven, zoals de dood van een kind.

Motto en opdracht
De roman is opgedragen aan Jan (haar echtgenoot?) en ter nagedachtenis van Xavier Baumers, wiens vriendschap alle grenzen overbrugde.

Het motto is in het Engels: "Last night your space was empty letting in the cold to hug my bones". Dit citaat is ontleend aan het werk van Victor Ehikhamenor (I wanted to dream about you last night).

"Vannacht was je plaats leeg die de kou binnen liet om mijn botten vast te pakken."

Het motto is toepasselijk omdat het verwijst naar de kouder wordende relatie tussen Gunter en Oge na de dood van hun zoontje Jordi. Ze slapen niet meer lepeltje aan lepeltje zoals ze vroeger gewend waren: er is afstand tussen de echtelieden gekomen, naar later in de roman blijkt door de dood van hun kind.

Structuur en verhaalopbouw
Eigenlijk heeft de roman de structuur van een raamvertelling. In het eerste en het laatste (12e) hoofdstuk is sprake van een treinreis van Turnhout naar Leuven, waar de hoofdfiguur een kankerspecialist zal bezoeken. Op de treinreis bespringen haar de herinneringen: eerst van kort geleden (het eerste bezoek aan de kankerspecialist, daarna volgen flashbacks over gebeurtenissen die zich eerder hebben voorgedaan: de eerste ontmoeting met Gunter in Nigeria, de trouwerij daar, haar vertrek naar België, de geboorte van haar zoon Jordi, de dood van het zoontje en de periode van rouwverwerking. Al die handelingen worden vooral op associatieve wijze aan elkaar gekoppeld, wat wel een spannende roman oplevert, maar een zeer oplettende lezer vereist. Hij wordt namelijk geconfronteerd met de gedachten van een personage dat ervan overtuigd is dat haar overleden zoontje nog leeft en daarnaar ook handelt. In hoofdstuk twaalf keert de hoofdfiguur naar het heden terug.

De roman begint dus met een opening in handeling en eindigt op dezelfde plek met een open einde: de lezer komt niet te weten hoe het met haar ziekte afloopt en of de relatie tussen Gunter en haar zich weer zal herstellen. Wel is een andere verhaallijn gesloten: nl. de acceptatie dat Jordi gestorven is.

Perspectief
Het boek heeft een meervoudig en ingewikkeld perspectief. Het eerste en het twaalfde hoofdstuk spelen zich af tijdens een treinreis van Turnhout naar Leuven: ze worden beide verteld in de ik-vorm. Het verhaal zit daarmee dicht op de huid van de vertelster.

Wanneer ze in hoofdstuk 2 echter hoort dat ze kanker heeft, is het net alsof een ander dat beleeft. De vertelster gaat dan over op de heel bijzondere je-vorm, waarbij "je" wel gebruikt wordt in de "ik"-betekenis. Maar zo ontstaat er wel afstand tussen de vertelster en de gebeurtenissen die haar overkomen.

Die "je-vorm" wordt heel lang vol gehouden, totdat in hoofdstuk 10 echtgenoot Gunter in de hijvorm vertelt over het bezoek van zijn schoonmoeder die Oge tenslotte bewust maakt van de dood van haar zoontje. Daarvoor is in hoofdstuk 9 ook een bijzondere vertelvorm gebruikt: door middel van een brief kondigt Oge’s vader aan dat haar moeder Regina haar zal komen bezoeken. In een gecursiveerd lettertype worden zinsneden uit de brief aangevuld met gecursiveerde vertellingen van Regina over haar verzet tegen de Shell en de Nigeriaanse regering.
Er zijn dus in deze roman enkele perspectiefwijzigingen, waarvan die uit hoofdstuk 10 mijn inziens de meest gekunstelde is. Bovendien had het inzicht dat Regina aan Oge bijbrengt ook in de ik-vorm met Oge als verteller verteld kunnen worden, wat wellicht een beter eindresultaat had opgeleverd.

Titelverklaring
De feniks is een mythologische vogel die één keer in de vijfhonderd jaar naar de brandstapel vliegt om uit de as te herrijzen als een nieuwe vogel. Deze verwijzing naar de Griekse mythologie moet in deze roman wel slaan op de gecremeerde zoon van de hoofdfiguur Oge. Haar man Gunther laat het jongetje na een ongeluk op school cremeren; de as staat vermengd met glitters in een urn in de kast en Oge weigert te accepteren dat haar zoontje gestorven is. Ze doet de dingen een jaar later met Sinterklaas net alsof het ventje nog in leven is. Alsof hij uit de as die in een urn in de kast staat, zal herrijzen. Op de laatste bladzijde wordt inderdaad gesproken over een herrijzenis. Typisch moment, omdat even daarvoor Oge zich werkelijk voor het eerst gerealiseerd had dat haar overleden zoontje Jordi juist niet meer bij haar zal terugkeren.

Tijd en decor
Het decor is eigenlijk gemakkelijk af te leiden. In principe speelt de roman zich af op het treintraject Turnhout(de woonplaats van Oge (blz. 31) – Leuven (waar de kankerspecialist op haar wacht.) Tijdens de treinreis gaan de herinneringen van Oge terug. Een gedeelte van de roman speelt derhalve in Nigeria, waar ze haar man Gunter ontmoet. Het zijn belangrijke decors, omdat de thematiek van de roman o.a. het cultuurverschil tussen de Belgische en de Nigeriaanse samenleving is (zie hieronder thematiek).

De tijd van het verhaal is de decembermaand: er staan feestdagen voor de deur en Oge wil Sinterklaasinkopen doen. In principe is het dan eind november. Op blz. 30 wordt gesproken over de schoolgijzeling in Beslan in het kader van de veiligheid in België. Die ramp in Beslan speelt zich af op 13 september 2004. Op dat moment doet Oge de lezer geloven dat haar zoontje Jordi leeft, maar later in de roman blijkt dat hij een jaar geleden gestorven is. Wanneer we hieruit mogen afleiden dat de gebeurtenis van de treinreis zich afspeelt in de maand november 2004, blijkt dus later dat haar zoontje Jordi een jaar eerder is gestorven. Hij was toen 5 jaar oud. Op bladzijde 25 stelt Oge dat ze kanker heeft gekregen na zeven jaar verblijf in België. Jordi stierf in 2003. Hij was vijf jaar oud: en is dus in 1998 geboren Vrijwel direct na haar huwelijk was Oge gestopt met de pil, waarna ze niet lang daarna zwanger raakte: voorjaar 1998. Dat klopt wel met de zeven jaar dat ze in België woont.

De vertelde tijd is dus zeven jaar en wel van 1997-2004. De verteltijd is 212 bladzijden, en door de fraaie druk en mooie bladspiegel betekent dat een gemiddelde leestijd van ongeveer drie uur.

Thematiek
Het belangrijkste thema in de roman is het verschil in cultuur tussen het land van herkomst van een jonge vrouw en het land waarheen ze verhuist na haar huwelijk. Het is de bekende thematiek van de immigrantenschrijver. Waar in Nederland al veel schrijvers van buitenlandse afkomst zijn doorgebroken (Antilliaanse, Surinaamse, Indonesische, Marokkaanse en Turkse nationaliteit) is dat in België nog helemaal geen usance. Unigwe is eigenlijk een van de eerste schrijfsters die dit lukt. In deze roman ligt dan ook de nadruk op de verschillen in cultuur. Oge merkt dit in de gesprekken met de reizigers in de trein van Turnhout naar Leuven. Ook in de gesprekken met haar buurvrouw Lisa blijkt de koele mentaliteit en cultuur van België tegenover de warmere familiecultuur van Nigeria. In België kan je niet zo maar binnenvallen bij familie "Belgen, zo concludeert ze, zijn te bezitterig om vriendschap te kunnen sluiten. In Nigeria had ze een hond waar minstens elf kinderen uit drie gezinnen aanspraak op maakten. De hond speelde met iedereen, en sliep bij een van hen - het maakte niet uit bij wie."

Wat Oge ook verbaast is de voor haar vreemde manier waarop Belgen met relaties omgaan. Geen enkele vrouw die zich ervoor schaamt als haar vriend of echtgenoot een paar jaar jonger is dan zij.
"Thuis noemen ze iemand met een oudere vrouw een 'goudzoeker', een luie vent, een schande voor het prestige van de man." Het shockeert haar dat in België de liefde zulke grenzen mag overschrijden.

Toch lijkt Oge niet al te veel nadelen van de overgang naar België te ondervinden, al heeft ze weinig contact met haar naaste omgeving. Het zou waarschijnlijk een te mager thema zijn geweest om een gehele roman over te schrijven. Daarom laat Unigwe de protagonist een ongelofelijke portie ellende overkomen. Wat is er namelijk erger dan het overlijden van een kind? Door een stom ongeluk op school valt Jordi op zijn hoofd en na een hersenkneuzing overlijdt hij. Zoals zo vaak levert de dood van een kind een breuk in een relatie tussen echtgenoten op. Door het cultuurverschil wordt die breuk navranter. Gunter laat namelijk zijn kind cremeren, wat in Nigeria ondenkbaar zou zijn en de as van Jordi staat in een urn in de kast. Oge kan zijn dood niet accepteren en blijft geloven dat Jordi nog in leven is. Een jaar na zijn dood koopt ze nog cadeautjes met Sinterklaas voor hem. Het zorgt voor een verwijdering tussen haar en Gunter, die blijkbaar vreemd gaat. Oge hoopt dat haar zoontje zal herrijzen (Is hij de feniks?) en bezoekt daarvoor ook een soort Hallelujah-kerk, waar ze van de voorganger de illusie krijgt dat haar wens kan worden gerealiseerd. Het is haar eigen uit Nigeria overgekomen moeder die haar uit de droom of liever nachtmerrie helpt. Ze hoopt dat ze nu eindelijk kan aanvaarden dat Jordi dood is.

Alsof alles nog niet erg genoeg is, is Oge in de roman op weg naar een kankerspecialist in Leuven, want kort daarvoor is borstkanker bij haar ontdekt. Vanwege de verwijdering tussen haar en Gunter heeft ze nog niets aan de laatste verteld. Er wordt dus een heleboel ellende in de roman over de lezer uitgestort. Niet dat het relaas ongeloofwaardig wordt verteld, maar het is allemaal wat teveel van het slechte.

Samenvatting van de inhoud
In het eerste hoofdstuk zit Oge, een Nigeriaanse vrouw in de trein naar Leuven. Ze is getrouwd met een Belgische man, Gunter Wouters, en ze beschrijft hoe het landschap aan haar voorbijtrekt.. Ze zal in de universiteitstad dokter Suikerbuik ontmoeten, een kankerspecialist die haar enkele weken geleden heeft verteld dat ze borstkanker heeft. Oge heeft het moeilijk gehad met die mededeling, want ze wil graag haar zoon Jordi zien opgroeien. In de trein tegenover neemt een vrouw plaats die haar constant vragen stelt over het verschil tussen Belgen en Afrikanen. Oge vindt al die vragen eigenlijk heel vervelend en gaat op reis in haar verleden. Dit hoofdstuk is in de ik-vorm geschreven. In het 12e laatste hoofdstuk zit ze nog steeds in de trein en in de tussenliggende hoofdstukken wordt haar verleden voor de lezer onthuld. Het zal niet verbazen dat het laatste hoofdstuk weer in de ik-vorm wordt verteld.

Een groot aantal volgende hoofdstukken (die dus over het verleden gaan) zijn in het vreemde perspectief van de je-vorm geschreven (zie hierboven onder het kopje perspectief). Het is een variant op de ik-vorm die min of meer aangeeft dat de gebeurtenissen een ander personage treffen dan de vertelster. Nu is dat heel goed voorstelbaar bij iemand die hoort dat zij borstkanker heeft op zeer jeugdige leeftijd, terwijl het bovendien een westerse welvaartsziekte is en je moeder je altijd heeft voorgehouden dat Afrikaanse vrouwen een dergelijke ziekte niet kunnen krijgen. Het lijkt dan alsof je hoofdrolspeelster bent in een film die je niet gewenst hebt. Dat is het bekende vervreemdingseffect.
Oge zegt daarover op blz. 23: "Misschien ben ik hier wel niet. Misschien ben ik onzichtbaar, zit ik andersmans gesprek af te luisteren."

Oge beschrijft de manier waarop de specialist haar vertelt dat ze borstkanker heeft. Ze ergert zich ook aan zijn kleine, dikke babyhandjes. Oge is afkomstig uit de betere klasse van de Nigerianen: haar ouders hebben allebei gestudeerd en zitten ook in de medische sector.
Oge is bang voor haar zoontje Jordi (genoemd naar de zoon van Cruyff?, omdat Gunter verwacht dat hij later een voetballer zal worden), omdat hij opgroeit in een onveilige maatschappij. De bestorming van de school in Beslan (13 september 2004) wordt expliciet genoemd. (Zie decor en tijd) Oge doet trouwens net of haar zoontje Jordi nog leeft en Gunter geen oog meer voor hem heeft. Dat is wel verwarrend voor de lezer, maar die hoort pas op blz. 93 dat Jordi als gevolg van een ongeluk op school al een jaar dood is. De dokter wijst haar op een folder met informatie over de borstkanker, maar zij is in deze Sinterklaastijd eigenlijk alleen maar bezig met te denken aan haar zoontje Jordi. Ze besluit het slechte nieuws over haar kanker thuis niet te vertellen.

In het derde hoofdstuk wordt veel verteld over haar eerste jaren in België. Ze is met Gunter getrouwd en veel contact met Belgen hebben ze niet. Haar buurvrouw Lisa wil echter wel koffie met haar drinken: verder dan de keuken in haar huis komt ze niet en Lisa stelt haar steeds een aantal genante vragen waardoor de Belgische (koude) cultuur en de warme Nigeriaanse samenleving tegenover elkaar komen te staan. Zo denkt Oge terug aan de ontmoeting met haar man Gunter die als ingenieur bij een Nigeriaanse maatschappij haar in een café had ontmoet. Hij had haar ten dans gevraagd en zij was meteen op hem gevallen. Ook hij was in één klap verliefd op haar geworden. Gunter was daarvoor op twee andere meisjes/jonge vrouwen verliefd geweest, maar deze keer was het goed raak geweest. Als Oge 21 jaar is, vraagt hij haar ten huwelijk en dat wordt op traditioneel Nigeriaanse wijze gesloten, waarbij Gunter aan veel familieleden cadeaus moet schenken. De ouders van Oge keuren het huwelijk met een buitenlandse man tenslotte goed, omdat er in België zoveel kathedralen zijn. Ze zijn namelijk goed katholiek in de leer, maar Gunter moet zelfs niets van het geloof hebben.

Bij de bruiloft is de beste vriendin van Oge, Angel, niet meer aanwezig. Vanwege haar buitensporige seksleven is ze twee jaar daarvoor aan aids gestorven en het is opvallend dat er zeer tegen het gebruik in de familie sprake is van een crematie. Je verbrandt je eigen kind niet en je verstrooit de as op een terrein niet, is de opvatting in Nigeria. (Die opvatting over cremeren komt later in de roman terug)

In hoofdstuk 4 begint Oge te vertellen over de verwijdering die zich tussen haar en Gunter voordoet. Ze voelt aan dat hij vreemd gaat en dat ze minder contact hebben met elkaar. De reden daarvan is op dat moment heel onduidelijk en onlogisch. In de roman zijn ze namelijk net getrouwd: er moet dus wel iets bijzonders aan de hand zijn. Gunter maakt opmerkingen over haar boodschappen, over haar eten en over haar gedrag. Vooral in de gesprekken met buurvrouw Lisa worden de verschillen tussen België en Nigeria opnieuw duidelijk. Het is Sinterklaastijd en Lisa koopt een sinterklaascadeau voor haar zoon Jordi, dat ze thuisgekomen wegzet. Ze is bang dat haar man er iets van zal zeggen en dat gebeurt ook. Hij maakt haar duidelijk dat ze geen cadeau moet kopen voor een jongetje dat al een jaar dood is (!)

In hoofdstuk 5 wordt eerst verteld over de vrijpartij die Jordi heeft verwekt, daarna over de zwangerschap en de geboorte op 18 december. Een jaar lang houdt Oge een album bij met interessante details over wat Jordi doet. Daarna stopt het album. Jordi groeit daarna voorspoedig op, is een leuk bijdehand kereltje. Maar dan gebeurt er iets wat het leven doet keren. Jordi valt bij het trampolinespringen op school met zijn hoofd op de grond, hij heeft een hersenkneuzing en overlijdt daaraan. Navrant is de passage waarin ze in de lift naast een man staan die trots meldt dat hij vader is geworden. Cynisch antwoordt Gunter dat hun zoon net is overleden. Jordi was toen vijf jaar. Gunter laat de jongen cremeren en de as komt met glitters vermengd in een urn in de woonkamer te staan. Aangezien Oge niet kan aanvaarden dat haar zoontje dood is en dat ook niet onder ogen wil zien, vlucht ze steeds het huis uit. Zo doet ze vaak boodschappen om het boodschappendoen. In boetieks wordt ze weer geconfronteerd met verkoopsters die haar zoontje kennen. Op een van die doelloze winkeltochten ontmoet Oge een Nigeriaanse sista. Deze vertelt haar van de spirituele kerk waarvan ze lid is: het geloof gaat daar veel meer op Nigeriaanse (lees warme) wijze dan de koele, katholieke Belgische manier. ("Amen") en als de voorganger de mensen uitnodigt om naar voren te komen om naar wonderen te vragen, doet Oge dat. Ze legt de onmogelijke wens voor dat haar zoontje Jordi zal terugkeren en de voorganger wekt de indruk dat dit mogelijk is. Het hek is dan voor Oge helemaal van de dam en ze ziet in alles haar zoontje terug. Dat is de reden voor Gunter om zich van haar af te wenden. Hij kan niet meer met die obsessie leven.

De redding komt toch van buiten. De vader van Oge stuurt een brief waarin hij aankondigt dat haar moeder Regina naar België komt. De vertelvorm waarin dit gebeurt, is wel origineel. Hij schrijft de brief en vertelt dat Regina zich verzet tegen het oliebedrijf Shell in Nigeria dat het milieu ernstig aantast. Aangezien ze haar verzet lichamelijk ondersteunt, wordt ze opgepakt. Waar haar man vrij neutraal commentaar geeft, vertelt Regina in gecursiveerde vorm veel subjectiever wat haar in Nigeria overkomen is.

In hoofdstuk 10 wordt Gunter ineens de verteller in een personaal perspectief. Hij vertelt over de komst van zijn schoonmoeder. Ze zal moeten logeren in Jordi’s kamer. Hij vertelt ook over zijn besluit om Jordi te laten cremeren en de as in de kamer te zetten. Hij had dat heel mooi gevonden en de reactie van zijn vrouw Oge onderschat. Als Regina komt, vraagt ze zich af voor wie al die kinderkleren zijn. Ze heeft Jordi namelijk nog nooit gezien. Oge antwoordt dat ze die kleren bewaart, omdat Jordi op een dag zal terugkeren.

In een soort videofragmenten haalt Oge de dagen van de crematie en de afloop daarna weer naar boven alsmede de dag dat Jordi doodging en zij geweigerd had hem naar school een aantal kabouter Plopkoekjes waar hij zo dol op was, mee te geven. Ook droomt ze in zo’n videofragment over hem. Haar moeder Regina maakt haar echter duidelijk dat haar zoon niet zal terugkeren en echt dood is. Dan krijgt ook de situatie met haar borstkanker (waarover ze nog steeds niet verteld heeft aan Gunter) weer een plaatsje.

In het laatste hoofdstuk (zoals hierboven vermeld, verteld in de ik-vorm) reist Oge weer in de trein naar Leuven. De Belgische vrouw blijft haar steeds vragen stellen en Oge herinnert zich de dag waarop ze een knobbeltje in haar borst voelde. Pas veel later gaat ze naar de huisarts die haar doorstuurt naar Suikerbuik. Die geeft aan dat er misschien een borstsparende operatie kan plaatsvinden en dat ze daarna bestraald zal kunnen worden. D’r haar zal ze waarschijnlijk niet verliezen. Ze zoekt allerlei sites met informatie over kanker op internet op, schaft pruiken aan. Haar moeder die ook van niets weet, raadt haar aan zich jong en aantrekkelijk te blijven kleden en aandacht aan haar uiterlijk te blijven besteden, omdat er anders het gevaar inzit dat Gunter zijn interesse in haar zal verliezen. Dan is ze immers alles kwijt. Oge bereidt zich in haar fantasie voor op de dood: een rouwadvertentie op Nigeriaanse wijze (familie wordt nadrukkelijk voorgesteld en rijker voorgedaan dan in de werkelijkheid). Ze vraagt zich af waarom haar kruis in het leven zo zwaar te dragen valt. Waarom heeft ze na Jordi nog een kruis te dragen: haar borstkanker?

De vrouw in de trein vraagt wat ze van Leuven vindt, maar Oge wil eigenlijk niet meer praten over België. Ze heeft sinds twee dagen het idee dat ze Gunter kan begrijpen waarom hij Jordi heeft laten cremeren. Ze heeft de urn voor het eerst goed beetgepakt en bekeken en die nacht hebben ze voor het eerst sinds lange tijd weer lepeltjesgewijs geslapen .Ze had tegen Gunter gefluisterd dat Jordi dood was. Gunter had het gehoord.

"Adem des levens. Levensadem. Een herrijzenis. Het leven in pacht." (blz. 212)

De trein arriveert in Leuven, de vrouw tikt haar aan. Ze dacht zeker dat ik sliep. (slotzin)

Recensies
Op 15 oktober 2005 schrijft Hanna de Heus in Trouw een recensie onder de titel: "In Nigeria doen we dat anders" Zij legt de nadruk van haar recensie op verschillen tussen de Afrikaanse en de Europese cultuur,. Toch is ze niet onverdeeld positief over de roman. "Chika Unigwe, de schrijfster -- zelf ook een Nigeriaanse in Turnhout -- heeft weinig moeite gedaan om naar een verrassende invalshoek te zoeken. Ze belicht de problematiek van een allochtoon gevoelsmatig, niet politiek of maatschappelijk, maar vond dat zelf kennelijk ook te mager voor een hele roman. Alleen om die reden, zo lijkt het, heeft haar personage Oge ook nog eens borstkanker, want - ik chargeer - een zieke allochtoon, dat komt minder vaak voor in de literatuur. Bovendien is het scala aan te beschrijven gevoelens en emoties zo ook nog eens verdubbeld. Jammer dat de schrijfster haar personage zo vast laat zitten in haar Nigeriaanse afkomst. Want vanuit Europees perspectief is het juist schokkend dat de man-vrouwverhoudingen in Nigeria zo zijn gedefinieerd. Maar daarover wordt met geen woord gerept. Unigwe probeert weliswaar een genuanceerd beeld te geven, en waakt er ook voor de roman een toon te geven waaruit zou blijken dat in Nigeria alles beter is, maar slaagt er niet altijd in haar voorbeelden boven het persoonlijke leven van Oge uit te tillen, en een algemenere meerwaarde te geven."

Op vrijdag 28 oktober 2005 schrijft Edith Koenders in De Volkskrant een opmerkelijk positief verhaal onder de titel: "Afrikanen krijgen geen kanker".
"Heeft ze de roman eerst in het Engels geschreven? De feniks wordt aangekondigd als Unigwes 'Nederlandstalige' debuut en nergens staat de naam van een vertaler, dus mogen we aannemen dat ze de taal inmiddels zo goed beheerst, dat ze menig moedertaalschrijver naar de kroon kan steken. ..Unigwe schrijft soepel en krachtig, en schept genoegen in het spelen met woorden. Taal is erg belangrijk, zeker voor een immigrant die in een vreemde samenleving zijn weg moet vinden. Niet voor niets grijpt Oge, die net te horen heeft gekregen dat ze borstkanker heeft, in haar herinneringen gretig terug op de taal uit haar jeugd, het Igbo. De wisselende perspectieven dragen ertoe bij dat de roman tot de laatste zin boeit. Met De feniks heeft Unigwe een eigentijds boek geschreven, vol Belgische en Afrikaanse couleur locale. Het leven is een riskante onderneming, maar Oge blijft hopen. Ze luistert naar haar bonzende hart. 'Een geluid als een stamper die eba fijnstampt in een vijzel. Kadonk! Kadonk! Kadonk! Kadonk.'
In deze recensie staat dus een fout: "nergens staat de naam van een vertaler". Die staat er wel degelijk aan het einde van de roman in een colofon: Hans van Riemsdijk. Beter lezen dus.


Over de schrijver
Er is nog maar weinig bekend over de schrijfster. In Wikipedia (de vrije Internet encyclopedie) valt het volgende te lezen:
Chika Unigwe is een Nigeriaanse schrijfster, die in België woont Chika Unigwe werd geboren in Enugu, Nigeria, en haalde een diploma in Engelse taal en literatuur aan de Universiteit van Nigeria. Chika Unigwe is sinds november 2004, doctor in de literatuurwetenschap aan de Universiteit van Leiden (Nederland). Haar gepubliceerd werk bevat poëzie, kinderboeken en korte verhalen. Haar verhalen werden uitgezonden op de BBC World Service, Radio Nigeria, en andere radiostations van de Commonwealth. In 2003 won ze de BBC Short Story Competition, en ze kreeg een eervolle vermelding in de Commonwealth short story writing competition 2003/2004. Eveneens in 2003 was ze een finalist voor de Caine Prize (ook genoemd de African Booker).
Bibliografie
• Tear Drops, Enugu: Richardson Publishers, 1993. Poëzie.
• Born in Nigeria, Enugu: Onyx Publishers, 1995. Poëzie.
• Thinking of Angel, 2005, kort verhaal.
• Dreams, 2004.
• De Feniks, 2005, roman.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.