ff n studiebreak
Online een chick scoren, je liefde laten zien op Whatsapp en digitale kusjes sturen. Zonder een blauwtje te lopen. Aanrader?

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.
geef je mening
Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?
Gebruikte editie
Op 27 augustus (de dag van haar verjaardag) 2005 verscheen bij de uitgeverij Atlas te Amsterdam de eerste druk van de roman van Kristien Hemmerechts die werd uitgegeven ter gelegenheid van haar 50e verjaardag. De eerste druk telt 207 bladzijden. De lichtpaarse omslag heeft een afbeelding waarop een ouderwets in het zwart geklede vrouw een portretfoto in haar handen heeft van een man. Het lijkt Clara Rooze te moeten voorstellen die een portretje van haar overleden broer in handen heeft.
Aanrader: alleen vwo
Het is geen eenvoudige roman. Het onderwerp is op zich heel literair: wat houdt een schrijfster bezig en wat is het verschil tussen fictie en werkelijkheid? Steelt een schrijver de waarheid en parasiteert hij op andere mensen? Het is in literair opzicht een vrij belangrijke roman. Je kunt de poëtica van Kristien Hemmerechts in de roman terugvinden. Daardoor is de roman op zich niet gemakkelijk te lezen. Hij lijkt me daarom niet geschikt voor vmbo en ook minder geschikt voor havo-kandidaten. Kandidaten voor het vwo kunnen wellicht de discussie over het thema fictie-werkelijkheid waarderen. Maar het is zeker geen vlot weg lezende roman.
Genre
Een psychologische roman over de problemen van het schrijversschap.
Motto en opdracht
Er is geen motto maar het boek is opgedragen aan Katherine. Zij is de dochter van Kristien Hemmerechts. Het is wel grappig dat ze het boek opdraagt aan haar dochter, omdat de vertelster in de roman ook schrijfster is, maar haar dochter eigenlijk niet in een roman als model voor een personage gebruikt wil worden.
Structuur en verhaalopbouw
De roman is opgebouwd uit 10 genummerde, maar ongetitelde hoofdstukken.
Daaraan vooraf gaat een soort proloog van vier bladzijden over het begrip parasitisme.
De roman wordt overwegend chronologisch verteld. In hoofdstuk 5 wordt in een vrij grote flashback verteld over het logeren vroeger bij de familie Rooze. De rest wordt chronologisch verteld. Ook zijn er veel literaire beschouwingen in de roman en voert de schrijfster veel bestaande auteurs op om het probleem van de fictie en de werkelijkheid te ondersteunen: James Joyce, Woolf, Flaubert, Coetzee.
De roman begint met een opening in handeling en heeft min of meer een open einde. Wanneer de lezer aanneemt, dat het boek over de incestueuze affaire er toch zal komen en dat de vertelster en Do een liefdesrelatie krijgen, kan men het eind ook als gesloten beschouwen.
Perspectief
Het perspectief ligt bij een 48-jarige schrijfster en literatuurdocente, die in de ik-vorm praat over de problemen die ze als schrijfster ervaart. Ze wordt niet bij name genoemd en is aan een roman bezig over een vrouw met een dochter. Haar dochter Jade wil dat eigenlijk liever niet. Ze wil daarom met schrijven stoppen. (het zgn. "writers block") Tegelijkertijd doet zich het probleem voor van de verboden liefdesrelatie in de familie Rooze. Er zit voor haar als schrijfster een verhaal in de stof, maar zal ze die tot fictie kunnen en/of mogen maken.
Titelverklaring
De titel van de roman is terug te vinden in de roman. De tweelingen Victor en Clara Rooze, geboren in 1890, hadden een incestueuze relatie. In 1924 kwam Victor om bij een val van een berg in Marche-les-Dames. Tien jaar later zou koning Albert op dezelfde plaats op dezelfde wijze aan zijn einde komen. Over hem ging het verhaal dat hij werd vermoord. Misschien is dat met Victor ook gebeurd, maar mogelijk heeft hij zelfmoord gepleegd. Het is namelijk aannemelijk dat Clara zwanger was van Victor op het moment dat deze de dood vond. Later in de roman duikt namelijk de vermeende zoon uit de relatie op. Over deze problematiek heeft de schrijfstervertelster een mogelijkheid om een roman te schrijven.
Tijd en decor
De verhaalstof is erg actueel: het verhaal speelt zich zelfs af in de zomer van 2004. Dat is af te leiden uit de volgende tekstgegevens. Op blz.17 staat dat Jimmy in de zomer van 1976 begint aan het opschrijven van een deel van de familiegeschiedenis van Rooze. Dat leidt tot een breuk met zijn vriend Do Rooze. Op blz. 48 zegt diens zus Marie dat dit precies 28 jaar geleden is. Dat brengt de tijd in de roman op 2004. Dat gegeven wordt gestaafd door de opmerking van de vertelster dat het de zomer is van de Da Vinci Code van Dan Brown. Ze ziet veel mensen in de stad deze roman lezen. (blz. 28)
Het decor van de roman is de stad Antwerpen. Dat wordt al snel duidelijk gemaakt met het noemen van de stad en straatnamen in de stad. Ook het door Jimmy toegestuurde boek aan de vertelster draagt de titel "Antwerp". De bedoeling ervan is dat de vertelster ziet welke straten en wijken uit de havenstad in literatuur kunnen worden omgezet. Ook dit draagt dus bij aan de thematiek van de roman.
Thematiek
Een roman over de problematiek van het schrijversschap. Waarom zou je gaan schrijven als je dochter en je beste vriendin niet eens de moeite nemen om je werk te lezen? Sterker nog, ze ervaren het model staan voor een personage als een soort parasiteren van de schrijver. Met die passage begint de roman. De ikfiguur overweegt dan ook te stoppen met schrijven. Ze komt bovendien in aanraking met vrienden uit het verleden die ze in het gezin Rooze leerde kennen. Eén ervan, Jimmy, heeft het wel aangedurfd een geheim van die familie in boekvorm te publiceren en als dank daarvoor kreeg hij ruzie in de familie. Ook de "ik" weet dat er een roman over de incestueuze relatie tussen broer en zus in zit. Maar durft ze het aan de roman te schrijven of niet? Wat mag een schrijver? Wat is fictie, wat waarheid? Is de romancier uiteindelijk een parasiet die zich niet alleen voedt met andermans werkelijkheid, maar daarbij die ander ook aantast of verminkt? Dat is het type vragen waarmee Hemmerechts zichzelf pijnigt. Ze maakt dan ook herhaaldelijk uitstapjes naar de wereldliteratuur als Woolf, Joyce, Coetzee. Van deze auteurs was ook bekend dat ze autobiografische elementen in hun romans opnamen en hun naaste familieleden waren niet zo dankbaar voor die situatie. Datzelfde merkt de vertelster aan de reacties van haar dochter Jade en van haar moeder die steeds als vloekend wordt beschreven. In het verleden had ze die ervaring ook al toen ze in het huis van de Roozes dingen over de jongen Do schreef, die dat niet op prijs stelde, toen hij daarvan in een nachtelijk uur stiekem kennis kreeg. Ook haar vriend Jimmy die net een manuscript af heeft, schrijft over zichzelf, al noemt hij zijn hoofdfiguur anders. De vertelster heeft het na het lezen van een hoofdstuk meteen door. Daarom gaat de roman steeds weer over dezelfde problematiek: in hoeverre mag je de werkelijkheid gebruiken voor de fictie. De schrijfster geeft op blz. 93 van de roman in feite zelf een uitleg aan Do: "Zo gaat dat in fictie. Je fictionaliseert door middel van verschuivingen, transformaties, uitvergrotingen."
Het grappige van deze thematiek is dat je het Droste effect krijgt. Je bent een boek aan het lezen dat eigenlijk niet geschreven zou kunnen zijn, omdat de schrijfster ervan gestopt is met schrijven en toch is het wel geschreven, anders had je het natuurlijk niet kunnen lezen. Zo ontstaat in feite een variant op het oeroude literaire thema: het verschil tussen fictie en werkelijkheid. En natuurlijk ook over de ruimte die daartussen zit. Dit geldt ook voor de schrijfster en haar vertelfiguur: ze zijn beide schrijfster en docente, zitten tegen de menopauze in en toch kun je in de "ik" niet meteen Kristien Hemmerechts zelf zien. Maar op het moment dat het verhaal wordt beschreven is de vertelster 48 jaar en dat is de schrijfster Hemmerechts ook. Immers de roman werd uitgegeven ter gelegenheid van haar 50e verjaardag in het najaar van 2005 en de romaninhoud van "De waar gebeurde…." speelt zich af in 2004. Met andere woorden, ze brengt precies in de praktijk wat ze in de thematiek van haar roman wil weergeven.
Andere motieven:
Naast het thema van het "writers block" gaat de roman over motieven
- als vriendschap ( Jimmy en Do, Marie en “ïk”, Jimmy en "ik")
- verraad aan de vriendschap (Jimmy en Do)
- de moeder-dochterrelatie, (tussen de ik en Jade)
- het verlangen naar een kind in de menopauze om de veroudering niet onder ogen te hoeven zien
- seksualiteit en incest (de verboden liefde tussen Victor en Clara Rooze)
- het familiegeheim (de incest en het onechte kind dat daaruit voortgekomen is)
- het Vatersuchmotiv: het onechte kind gaat op zoek naar zijn biologische voorouders
Samenvatting van de inhoud
Aan de tien hoofdstukken gaat een soort proloog vooraf. In die proloog gaat de vertelster in op de term 'parasiet'. Het leidt tot een filosofische redenering of de schrijver parasiteert op de mensen om hem heen: gebruikt hij de mensen in zijn omgeving voor de personages in de roman?
De ik-vertelster (die de hele roman geen naam krijgt) en haar vriendin Marie Rooze zitten op een terras in Antwerpen, waar als curiositeit bovendien helemaal geen mannen zitten. Ze zijn beiden 48 jaar oud en zitten in de menopauze of er tegen aan, zoals waarschijnlijk heel wat meer vrouwen op het terras. Ook staan ze beiden voor de klas. Marie praat wat over huwelijksperikelen van een bevriend stel. Marie heeft eigenlijk de laatste tijd geen romans van de vertelster gelezen: het interesseert haar niet zo veel. En dat terwijl ze het achternichtje is van Eliza Rooze, een in den lande bekende dichteres. De familie van Rooze is wel bijzonder geweest voor de vertelster. Vroeger logeerde ze er altijd als vriendin van Marie en haar broertje. Do had dan ook altijd een vriendje, Jimmy, te logeren. Het gezin Rooze ving hen op als ware het eigen kinderen. In de familie was er wel een groot geheim. Een tweelingbroer en zus waren op incestueuze wijze op elkaar verliefd: de broer Victor was in 1924 op mysterieuze wijze bij een val in het ravijn om het leven gekomen, toen hij met zijn zus Clara fossielen aan het zoeken was.
Jimmy had in 1976 het familiedrama willen opschrijven, maar dat had hem de vriendschap met Do gekost. De vertelster denkt na over de problematiek van het ontlenen van gegevens van personages uit de werkelijkheid. Ze gebruikt zelf in haar boeken nog al eens een vloekende moeder (haar eigen?) en haar dochter Jade heeft al aangegeven er niet zo veel prijs op te stellen in haar boeken voor te komen als een protesterende puber.
De vertelster ziet die problematiek ook terug in het werk van Joyce. Zijn vrouw Nora maakte er een probleem van als ze zich weer in een personage in een roman zag opgenomen. Maar is het niet juist de problematiek van een schrijver dat hij ergens geweest moet zijn of iemand gekend moet hebben om iets goed te kunnen beschrijven. Ze zit momenteel zelf vast in een roman over een moeder-dochterrelatie. Eigenlijk wil ze stoppen met schrijven. Wat doet het werk er eigenlijk toe? Ze rekenen daarna af en nemen afscheid van elkaar.
Midden in de nacht wordt de "ik" badend in het zweet wakker. Opnieuw denkt ze na over het schrijversschap en James Joyce, die natuurlijk ook elementen van zijn eigen jeugd in de romans gebruikte. Ze besluit om te stoppen met schrijven en is meteen een stuk opgeluchter.
Bij de post die ochtend ziet een ansicht van Jimmy die in de Ardennen is geweest op de plek waar Victor Rooze om het leven is gekomen. Als ze weer op het pleintje in Antwerpen zit, krijgt ze een sms-je van de vader van haar dochter Jade. De laatste zit in een zomerkamp en heeft tegen de regels in haar mobiel toch meegenomen. Opnieuw komt aan de orde dat Jade liever niet wil dat ze in de romans van haar moeder voorkomt. En oma vindt het ook niet leuk dat ze als een vloekende vrouw wordt voorgesteld.
Wanneer ze in een verfwinkel staat, belt haar vriendin Marie Rooze op om te vertellen dat haar broer Do in één nacht al zijn lichaamsbeharing is kwijtgeraakt: hij is overal zo kaal als een biljartbal. Hij moet ergens van geschrokken zijn, is de medische verklaring.
In de hete zomer die nog steeds in Antwerpen heerst, wordt de vertelster nauwelijks gebeld op haar gsm. Opeens belt Jimmy die graag langs wil komen. De vertelster die momenteel geen relatie heeft, ziet Jimmy wel een beetje zitten. Ze heeft hem een tijdlang uit het oog verloren en hij vertelt haar van zijn heroïneverslaving. Op zijn sterfbed had zijn vader hem via de nagelaten erfenis laten beloven dat hij zou afkicken en dat was met veel moeite gelukt. Ze praten daarna over de situatie van de ruzie tussen Do en Jimmy. De laatste geeft aan dat hij inmiddels zelf een roman heeft geschreven en hij vraagt of de “ik” het manuscript lezen wil. De schrijfster wil dat liever niet, maar belooft het te doen, als hij de dikste roman van haar leest. Er gebeurt die avond niets tussen de twee. De volgende dag brengt de post het manuscript en een roman over Antwerpen van een buitenlandse auteur. Opnieuw komt het probleem van het schrijverschap aan de orde in het denken van de vertelster. Ze legt de beide boeken in de la bij haar eigen half afgeschreven roman.
Jimmy belt de schrijfster op om iets te vragen over een zin uit het werk van Hugo Claus. Ze wint de weddenschap en hij belooft haar die avond bij haar te komen eten. Ze heeft inmiddels de badkamer afgeverfd en de leidster van het zomerkamp belt dat er a.s. zondag een ouderdag gepland staat. Jade heeft alles zelf geregeld en haar ouders weten eigenlijk van niets van het hele zomerkamp.
Die avond zit de schrijfster te wachten met het door haar bereide eten, maar Jimmy komt aanvankelijk niet opdagen. Uren later komt hij wel en hij vertelt dat Do contact met hem gezocht heeft. Hij heeft hem verteld dat hij zijn haar is kwijtgeraakt. Jimmy en de vertelster gaan toch nog eten, zij het allemaal wat later.
Eén van de weinige hoofdstukken waarin de chronologische volgorde van het verhaal wordt doorbroken. De vertelster schrijft over de doorgebrachte dagen in het huis van Do. Ze was wel een beetje verliefd op hem. In het huis van Rooze mochten broers en zussen nooit bij elkaar op de kamer komen in verband met het familietaboe. Do en zij wisselden morseseinen uit via de verwarmingsbuis. Op een nacht hoort ze Do het bed uitgaan en ze denkt dat hij voor haar deur staat. Maar hij blijkt naar beneden te zijn gegaan en zit te lezen in de verhalen die ze in het huis van Rooze geschreven heeft. De afspraak was gemaakt dat niemand daarin ooit zou mogen kijken. Do ziet zich terug in één van de verhalen en vindt dat niet zo leuk. Voor de schrijfster is het een ramp dat hij in haar verhalen heeft zitten snuffelen. Daarna ging ze weer enkele weken naar haar eigen huis, omdat haar zieke moeder verzorging nodig had. Toen ze in het huis van de Roozes terugkeerde, was er wel het een en ander veranderd. Bovendien maakte Do’s vader steeds nare opmerkingen over het te lange haar van Do.
De vertelster is inmiddels in de roman van Jimmy begonnen: ze merkt dat hij natuurlijk ook over zichzelf schrijft, al heet zijn hoofdfiguur Johnny. Het is een eenzame man die in stilte verliefd is op een krantenverkoopster en daarom elke dag boven de bij haar gekochte krant masturbeert. De "ik" prikt er meteen door heen en vraagt over Jimmy’s seksleven. Het wordt haar duidelijk dat Jimmy alleen maar seks kan hebben met vrouwen die hij niet kent, bijvoorbeeld hoeren. Zo gauw hij een vrouw kent, kan hij niet de liefde met haar bedrijven. Hoewel de vertelster best wel in is voor een vrijpartij met Jimmy, gaat het feest om bovengenoemde reden niet door. Hij beschouwt haar namelijk als een echte vriendin.
In dit hoofdstuk wordt verteld over de roman die de "ik" aan het schrijven is. In feite gaat hij over haar dochter en het verlangen naar liefde van de moeder. Ze heeft de stof over haar dochter over twee kinderen verspreid: ene Joke en een door "God verwekt" kind. De ouders heten Sandra en Kevin, zijn gescheiden (net als de vertelster) en hebben samen een transportbedrijf opgezet. Hoewel Sandra al in de menopauze is, wordt ze door een vreemdeling bezwangerd. Uit alles blijkt steeds meer dat het echte verlangen van de vertelster gebaseerd is op het alsnog krijgen van een kind, niet op het schrijven van een nieuw boek.
Jade belt op om te vertellen dat ze niet naar de ouderdag hoeft te komen, maar de vertelster doet het toch. Ze ziet dat haar dochter nieuwe ervaringen in het kamp heeft ondergaan (waarschijnlijk ook op seksueel gebied). Haar dochter heeft blijkbaar rondgebazuind dat haar moeder schrijfster is, want ze wordt er herhaaldelijk door ouders van andere kinderen op aangesproken. Aan het einde van de dag beseft de vertelster heel goed dat ze eigenlijk op zoek is naar een tweede kind. Maar dat kan niemand bij haar voor elkaar krijgen. Daarom zal het boek ook nooit afgemaakt worden.
Ook de volgende morgen heeft ze nog steeds de drang om te baren. Is het misschien de wens om dan grootmoeder te worden, maar dat kan ook nog een tijdje duren. Op dat moment stuurt Jade een sms-je dat haar mobiele telefoon is ontdekt en afgepakt.
Het verlangen naar een kind op de leeftijd van de menopauze, wordt het overtreden van een grens van een gebied waar je eigenlijk niet mag komen. Ze geeft daarbij een ander voorbeeld van de film The Mother waarin een weduwe hartstochtelijk vrijt met de minnaar van haar dochter. Zoiets is natuurlijk “notdone” Ze had er met Marie over gesproken. Sommige dingen moet je niet beschrijven. De incestueuze geschiedenis die Jimmy tijdens zijn logeerpartij had beschreven, was er ook zo’n voorbeeld van. Marie had zich in het verhaal teruggelezen en had zich geschoffeerd gevoeld. Het is opnieuw het probleem van de schrijver die beelden uit zijn omgeving gebruikt: het parasietenmotief. De vertelster geeft nog een voorbeeld van een passage uit het werk van de schrijver Coetzee. Tijdens een lezing over wat je wel of niet zou mogen opschrijven, bekruipt haar het motto: "Er is niets wat een schrijver niet zou mogen opschrijven! De schrijver kent slechts één taboe en dat is slecht schrijven.!" Ook in een televisiefilm die ze op dat moment bekijkt, komt een situatie voor waarin een vrouw met de vriend van haar dochter vrijt. (Diana Keaton met Jack Nicholson)
De vertelster fietst daarna naar de hoerenbuurt van Antwerpen. Ze wil kijken naar de type vrouwen met wie Jimmy het wel zou kunnen doen. Toevallig ziet ze in het district Jimmy en Do als vrienden lopen. Teruggekomen van haar uitstapje vindt ze het heel vervelend dat er een verschil is tussen mannen en vrouwen op vijftigjarige leeftijd. Mannen als Jimmy kunnen dan nog gewoon een grote liefde krijgen en een kind, vrouwen kunnen dat dan niet meer. Ze denkt dat Jimmy dus tegen haar gelogen heeft. Hij wil gewoon niet met haar vrijen, omdat hij liever een jongere vrouw wil, die hem nog een kind kan schenken.
Marie belt op om te vertellen dat ze weet hoe het komt dat Do’s haar uitgevallen is. Maar zolang hoeft de vertelster niet te wachten, want diezelfde dag komen Do en Jimmy (de oude vrienden) bij haar langs. Do is inderdaad helemaal haarloos, wat een vreemd gezicht oplevert. Jimmy en Do maken bekend dat ze samen een boek gaan schrijven. Ze onthullen dat ze nog een ander groot familiegeheim te weten zijn gekomen. Toen Victor van de rots viel, was zijn tweelingzus Clara zwanger van hem en dat jongetje moest na de geboorte natuurlijk verdonkeremaand worden. Deze Jerome had echter zelf contact opgenomen, omdat hij zijn naaste familieleden wilde kennen. Omdat Do hem in levende lijve had gezien, was zijn haar in één nacht van schrik uitgevallen. Ze vragen aan de vertelster of die hen wil bijstaan in het schrijven van het boek. Die brengt Do zijn eigen woorden uit het verleden onder de aandacht: zijn schrijvers dan geen parasieten meer? Als ze weer weg zijn, maakt de schrijfster van het geheel meteen weer een literair probleem gewag. Deze keer brengt ze de roman Madame Bovary van Flaubert ter sprake. Ook die worstelde met het probleem tussen dingen verzwijgen en dingen toch opschrijven.
De vertelster wil het allemaal een beetje tot zich laten doordringen op deze weer snikhete dag, maar dan wordt ze weer eens door de kampleiding gebeld met de mededeling dat Jade het nu echt te bont heeft gemaakt en dat ze verwijderd wordt uit het zomerkamp. Ook Jades vader (de ex van de verstelster) wordt gebeld en samen gaan ze naar Koksijde om Jade te zien. Nu is de vader niet zo benauwd over de gedragingen van zijn dochter. Ze horen dat Jade wat al te vrije handelingen in het kamp onderhield: drinken, vrijen en waarschijnlijk ook drugs. Ze zegt ook dat ze verliefd geraakt is op een jongen uit het kamp, waar ze nu nog even een paar dagen zal logeren. Op de terugweg komt een kinderwens van beiden overigens nog eens ter sprake. De vader van Jade komt over het algemeen wel sympathiek over. De volgende dag belt hij nog eens op om haar aan te moedigen te blijven schrijven. Ooit heeft hij haar eens twee bijzondere muntstukken gegeven: hij raadt haar aan daar eens een boek of verhaal over te schrijven.
Niet lang daarna ontvangt ze een kaartje van Jimmy en Do (uit de Ardennen) om de volgende zondag allemaal bijeen te komen in het huis van de Roozes: een reünie van vroeger. Ook krijgt ze een brief van een mevrouw die een fan van haar is en die wil vragen hoe het met de personages afloopt. Ze schrijft die fan ook een brief terug.
De vertelster heeft nog moeite om het huis te vinden. Ook de vader van Do (inmiddels 80 jaar) en de moeder leven nog. Do en Jimmy komen later dan gepland aan. Mon Rooze is nogal sceptisch over de ineens opgedoken buitenechtelijke neef. Hij gelooft niet dat het werkelijk een kind van Clara is, ook zijn vrouw is die mening toegedaan, maar Do is onverbiddelijk: hij heeft niets voor niets al zijn haren verloren. Hij wil met Jimmy het boek over de affaire gaan schrijven: het zal niet eenvoudig worden, vindt de vertelster. Ze wil ook nog een keer de bibliotheek van het huis bezoeken, waar ze vroeger had leren schrijven. Do staat naast haar: vroeger waren ze verliefd op elkaar. Hij rijdt dan achter haar aan naar haar huis en neemt een douche. Hij zegt dat hij de vertelster nodig heeft en dan bedoelt hij niet alleen voor het schrijven van de roman over zijn familie. Ooit beschouwde hij haar toch min of meer als zijn zus en seks tussen broer en zus was in huize Rooze natuurlijke een groot taboe. Nu is de seks niet langer verboden en geeft ze zich aan Do.
Ze rijdt ook met Do en Jimmy mee naar de Ardennen. De uitgeefster van zijn roman wil graag met Jimmy praten. De vertelster denkt dat die verliefd op Jimmy is geworden, na het lezen van het manuscript. Jimmy heeft al onderzocht dat koning Albert die op dezelfde plaats van de rots gevallen is als Victor Rooze, vermoord zou zijn. Ze bezoeken de plaats des onheils, maar ervaren niets bijzonders.
Daarna zet Jimmy de vertelster en Do af bij het station. "Zorg goed voor elkaar" zegt hij. De vertelster spreekt de hoop uit dat de lange, hete zomer nog lang mag duren.
Recensies
In De Volkskrant van 26 augustus 2005 verscheen een uitgebreide recensie over de jubileumroman van Kristien Hemmerechts. Arjen Peters gaat natuurlijk als recensent uitvoerig in op de relatie tussen fictie en werkelijkheid en wat een schrijver allemaal wel of niet mag opschrijven. Want daar gaat het boek immers over. "Door te spelen dat ze op een nulpunt aanbelandt, een ex-schrijfster, iemand die het vak de rug toekeert, gunt Hemmerechts de lezer geruime tijd zijn pleziertje: dat hij deze keer niets dan de plotselinge en grimmige waarheid- echt gebeurd! krijgt voorgeschoteld.
Maar pas als haar fantasie weer wordt aangezwengeld: of beter: wanneer blijkt dat die eigenlijk nooit volkomen plat kan liggen, ook al komt er dan even geen boek van, dan verschijnt er structuur in de brouwerij. Zelfs het onaf terzijde gelegde boek over Jade wordt tussen de bedrijven door voltooid. Een de schrijfster benoemt het grote mysterie van de familie Rooze, maar dan zonder het te vermoorden door het "op te lossen" of het te reduceren tot een aantal prozaïsche feiten. Er blijft speling. En die is cruciaal. Zoals de "ik" niet samenvalt met mevrouw K.H. te A (B) maar de schrijfster als personage is. Zo maakt ze inzichtelijk hoe literatuur werkt, beeldend , suggestief, en zonder belerend te worden. Hiermee schenkt ze zichzelf het mooiste verjaardagscadeau."
Op dezelfde datum recenseert Elsbeth Etty in het NRC-Handelsblad de roman.
"Voor de ikfiguur is 'echt bestaan' in plaats van in fictie, in deze fase van haar leven, voorafgaand aan de menopauze, ook het enige wat telt. Echt bestaan doet ze alleen in de armen van een man van vlees en bloed. Een man die de naam Rooze draagt, een man met wie ze is opgegroeid en die haar dichter bij Clara en Victor brengt dan in fictie mogelijk was geweest. Een man tegen wie ze de eerste nacht zegt: 'Dit voelt een beetje incestueus'. Een man die antwoordt: 'Ik heb jou nooit als zus beschouwd. Maar indien we broer en zus waren, zouden we gewoon de familietraditie voortzetten.'
Had gekund, het zou een betere roman hebben opgeleverd. Wat Hemmerechts uit het oog verliest bij haar beschouwingen over de dilemma's van grote schrijvers is dat zij vormen hebben gevonden om pijn, geheimen en taboes te beschrijven en aannemelijk te maken. Maar de vraag waar haar hoofdpersoon over tobt, of een gebeurtenis echt is, gedeeltelijk waar is of volledig fictioneel, doet in een roman niet ter zake. Deze kwelling van de schrijver, hoe bloemrijk en erudiet ook verwoord, loutert de lezer niet."
Over de schrijfster
Kristien Hemmerechts werd geboren op 27 augustus 1955 in Brussel. Ze studeerde Germaanse taal- en letterkunde aan de universiteiten van Brussel en Leuven. Daarna volgde ze een jaar lang colleges aan het Instituut voor Literatuurwetenschap in Amsterdam. In deze stad leerde ze haar eerste echtgenoot, een Brit, kennen met wie ze in 1978 trouwde. Ze verhuisden naar London waar Hemmerechts onder andere als typiste werkte. In 1979 beheerden Hemmerechts en haar man een half jaar een jeugdherberg in Dover. Aansluitend op die periode maakten ze een reis van 6 maanden door Zuid-Amerika. Na hun terugkeer gingen ze in Brussel wonen waar Hemmerechts docente Engels werd aan de universiteit.
In maart 1981 werd hun dochter Katherine geboren. Later werden twee zoontjes geboren die ze allebei aan wiegendood verloren.
Intussen was Hemmerechts begonnen met het schrijven van verhalen in het Engels. Tegelijkertijd schreef ze een studie over het werk van de schrijfster Jean Rhys, waarop ze in 1986 promoveerde in Leuven. Na de dood van haar eerste zoontje, Benjamin, schreef Hemmerechts niet meer in het Engels maar in het Nederlands. In 1987 is ze gescheiden van haar man. In het jaar daarop ontmoette ze de Vlaamse dichter Herman de Coninck, met wie ze later in Antwerpen-Berchem ging samenwonen en in 1992 trouwde. Vijf jaar later op 22 mei 1997 overleed De Coninck aan een hartaanval op een terras in Lissabon, waar hij was voor een literair festival. Hemmerechts schreef hierover Taal zonder mij (1998) dat zowel een biografie van De Coninck als een analyse van zijn poëzie is.
Sinds 1999 doceert Hemmerechts literatuur aan de Toneelopleiding van het Conservatorium te Antwerpen.
Enkele van haar bekendste boeken zijn:
1987 Een zuil van zout
1989 Brede heupen
1991 Zonder grenzen
1993 Wit zand
1995 Veel vrouwen, af en toe een man
2000 De kinderen van Arthur
2002 Donderdagmiddag. Halfvier
2003 Een jaar als (g)een ander
2004 De laatste keer
2005 De waar gebeurde geschiedenis van Victor en Clara Rooze
Het manuscript van Een zuil van zout werd in 1986 bekroond met de Driejaarlijkse Prijs voor het Proza van de Provincie Brabant en verscheen als haar debuut in 1987. In 1990 werd haar werk bekroond met de Driejaarlijkse Staatsprijs voor verhalend proza, in 1993 ontving ze de Frans Kellendonkprijs.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.