Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 6VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1613 |
Opvragingen: | 7 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 4 uit 5 (7 stemmen)
Titels van Ferdinand Bordewijk
Apollyon (0) 1941 Bint (47) 1931 Bloesemtak (1) 1955 Blokken (4) 1934 Blokken, Knorrende beesten, Bint (8) 1949 De wingerdrank (0) 1937 Fantastische vertellingen (0) 1919 Het vegetarisme van mr. J.P. de Vries (2) 1984 Huissens (1) 1982 Karakter (51) 1938 Knorrende beesten (0) 1931 Noorderlicht (2) 1948 Rood paleis (1) 1936 Tijding van ver (1) 1961
Laatst gewijzigd op 20 december 2004
Blokken
Blokken is geschreven door F. Bordewijk. Het boek dat ik heb gelezen is uitgegeven in ‘s-Gravenhage door Nijgh & van Ditmar en is de 28e druk. De eerste uitgave was in Utrecht in 1931.
Het begint met de landing van een vliegtuig in de nacht. Op een vliegveld dat bestaat uit kubussen en vierkante hoge torens. Het blijkt dat het vliegtuig is geland in een land waar de staat regeert en waar de mensen in vierkante blokken zonder gordijnen leven. Ook zijn de personen aan veel regels gebonden. Zo mogen ze alleen op de rustdag naar buiten iedere 5e dag en dan begint het opnieuw.
Het centrum van de staat is echter nog precies zoals het vroeger was. Het is bedoeld als museum van de kapitalistische staat. Het is verboden om s nachts in de stadskern te komen. Toch zijn er mensen die zich willen verzetten tegen de staat en die het menselijke weer in de personen naar boven wil halen. Deze personen noemen zich ‘groep A’. Ze proberen een opstand uit te lokken. Deze wordt hard neergeslagen door de Raad, het bestuursorgaan van de staat. De raad besluit het hele stadscentrum te laten platwalsen en er een groot plein van te maken. Om de neergeslagen opstand te vieren organiseert de raad een feest dag. Ook nadat het centrum is platgewalst blijven er echter nog ‘ondeugden’ zoals drank en prostitutie. De Raad ziet dit aan en ziet vanuit hun luchtschip tijdens een militaire parade ook dat er in de stad nog ongeregeldheden zijn omdat de legeronderdelen niet in de juiste formaties blijken te lopen. Na deze militaire parade is het erg onrustig in de hoofdstad. En er zal altijd onrust heersen, ondanks de voorgeschreven regels van de Raad.
Autobiografische achtergronden
F. Bordewijk heeft in dit boek geen eigen belevenissen of gebeurtenissen gestopt.
Literair historische achtergronden
Bordewijk heeft zelf in een van de weinige interviews die hij gaf gezegd dat hij op een geven moment genoeg had van de manier waarop hij tot dan toe had geschreven. Hij wilde iets in een expressionistische stijl gaan schrijven, omdat hij daar tot dan toe nog erg weinig vanaf wist heeft hij zich eerst goed verdiept in het expressionisme dat vooral in Duitsland floreerde. Het expressionisme in het boek is te merken aan de korte haast onsamenhangende zinnen. Doordat het boek heel erg tegen de toen heersende staatsvorm in gaat en door een haast totalitair systeem weer te geven dat uiteindelijk niet blijkt te werken bezit Blokken duidelijk expressionistische kenmerken. Toch zit er ook weer een kern van nieuwe zakelijkheid in dat zich juist afzet tegen het expressionisme. De korte zinnen met inhoud, zonder dat er een woord te veel word gezegd kenmerken dat.
Ruimte
De ruimte die wordt beschreven is heel duidelijk ingedeeld. De ruimte wordt veel beschreven als er een passage is in het boek. Zo ook in het begin van het boek wanneer het vliegveld en zijn omgeving waar het vliegtuig landt word beschreven. ‘Zestien meermasten voerden plat rood licht in top. Maar ontzaglijk waren de zestien zoeklichten aan de randen in hun betonnen torens, voetstukken voor zestien kaarsrechte vierkante lichtkolommen die het dak van de nacht torsten.’ Het verhaal speelt zich af in een betonnen, blokkige stad, dat een onderdeel vormt van ‘de staat’. In deze stad is alles hoekig, behalve de stadskern, daar vallen nog enkele ronde vormen te herkennen die over zijn gebleven uit het verleden. Wanneer de staat alle onrust wil tegen gaan en het centrum platwalst is de Raad als eerste zeer tevreden, de oude plaats van onruststokers is immers verdwenen, maar het grote plein wat er nu ligt is toch rond. En de onrust blijft bestaan, vooral in de oude rioleringen van de vroegere wereld vóór de staat.
Structuur
Het boek is opgedeeld in verschillende stukken, die op zichzelf ook weer in een soort ‘blokjes’ kunnen worden ingedeeld. De structuur is erg geordend net zoals het systeem in de staat. Zo bestaat het boek uit twee verschillende fasen die apart weer uit vijf hoofdstukken bestaan. In de eerste fase wordt de staat als totalitaire goed functionerende staat gepresenteerd, een goedlopende machine. Het tweede deel gaat over de weerstand tegen het massale waarbij het individualisme sterk naar voren komt. Doordat het boek bestaat uit verschillende fragmenten weet je niet weet hoeveel tijd ze beslaan en hoeveel tijd er tussenzit. Het eerste fragment begint dan ook op de eerste pagina, met regel 1. Gelijk wordt ook de toon al gezet voor het verhaal:
‘Er waren geen lichten op de aarde. Er was een overvloed van licht in de hemel. Daar waar de mens nog geen macht had leefde de romantiek, wild en vertoornt in haar zege. De stormwolken gingen geweldig, fregatten van de nacht, overbespannen met zeil. De zeilen scheurden. (Blz. 9 r.5-9)’
Bordewijk zelf zei dat blokken is opgebouwd volgens een wens van de mensen om: ‘Alles te rationaliseren en uniform te maken. Individuele schakeringen zoals die in de natuur voorkomen, worden van de hand gewezen. (...) Zoals de collectivistische staat individualiteit en natuurgetrouwheid verloochent door alles op grond van een abstract systeem gelijk te maken (...)
Stijl
Blokken is in stijl een heel apart boek. Er zijn niet veel boeken van Nederlandse schrijvers die Blokken evenaren. Het taalgebruik komt zeer ouderwets en uit de hoogte over. De zinnen zijn meestal kort, en de zinnen zeggen allemaal stuk voor stuk iets, de zinnen staan voor zichzelf. Het feit dat het perspectief bij een alwetende verteller ligt en dat er geen hoofdpersonen of überhaupt enkele personen in het boek voorkomen geeft een apart effect. Het boek is dan ook helemaal in de "men"-vorm geschreven.
Een voorbeeld van bovengenoemde: •’In andere wijken maakte men gevangenen. Enkelen, bekent als aanstichters, werden behoedzaam gegrepen gelijk kostbare pelsdieren. Men schond hun pels niet’. (blz. 30)’
Doordat het verhaal zo geschreven is lijkt het of het boek ver van de lezer afstaat. Het is heel onpersoonlijk, net zoals de maatschappij waarin het verhaal zich afspeelt. Doordat het boek heel kernachtig en sober is zou je kunnen zeggen dat het boek in de stijl van de nieuwe zakelijkheid is geschreven. Dat zit ook in enkele andere boeken van Bordewijk bijvoorbeeld Bint en Knorrende beesten. Toch omdat er halverwege een kentering is van de perfecte staat naar een wat onrustige staat veranderd er ook wat aan het taalgebruik. Er komen vergelijkingen aan te pas en de zinnen worden langer. ’De kern was klein, maar uiterst samenhangend dooreengevlochten als de hersenen van een hooggeordend zoogdier. Zij was de miniatuurfoto van de kapitalistische staat. Er was een gracht met patriciërswoningen, er waren kazernehuizen met eenkamerwoningen, er waren sloppen en stegen, krotten en er was een kerk.’ (blz. 21) Wat verder opvalt, is dat er eigenlijk geen verhaal wordt verteld. Er wordt meer een situatie geschetst van een totalitaire staat.
Oordeel
Ik vond Blokken een heel vreemd boek. De eerste bladzijden leken maar niet voorbij te gaan, maar toch blijf je nieuwsgierig omdat je toch wel wil weten of er nog iets gaat veranderen in het verhaal of dat de stijl ineens heel anders wordt. Dat blijkt dus niet zo te zijn. En dat maakt het boek toch wel erg apart. Ik kan niet zeggen dat ik het een fantastisch boek vond om te lezen, maar ik vond het ook niet echt vervelend. Wel had ik op een gegeven moment echt geen zin om verder te lezen, terwijl het maar een klein boekje is, dat je zo uit zou moeten hebben.
Er zijn wat schrijfstijl betreft veel overeenkomsten met Bint en Knorrende beesten.
(ik heb ze allebei ook gelezen) Bij beide verhalen had ik er halverwege ook geen zin meer in om het verhaal uit te lezen. Verder vond ik het einde heel vreemd. De lezer blijft met vragen zitten hoe het met de staat zal aflopen, of die überhaupt nog wel blijft functioneren of dat het uitloopt op een gigantische chaos. Wel is het erg fascinerend hoe Bordewijk een staat schept waar alles en iedereen lijkt te luisteren, waar bijna iedereen lijkt te zijn gehersenspoeld. Kortom een heel vreemd boek maar wel interessant om te lezen.
Extra opdracht 15
Voor de illustratie ziet bijlage. Ik heb de ruimte aan het begin van het boek geschetst zoals die op mij is overgekomen.
Extra opdracht 16
De eerste bladzijde van het boek heb ik geschreven vanuit een ikfiguur.
‘Het vliegtuig ging zijn weg, pijlrecht, een rood seinlicht voorop, verstrekt door kristallen prisma’s. Ik schoot door de nacht als een pijl met gloeiende punt. Mijn doel was de stad. Het vliegtuig waarin ik zat vloog laag over de bouwlanden. Er kwamen geen lichten mij te gemoed. Er was een overvloed van licht in de hemel. Daar waar wij mensen nog geen macht had leefde de romantiek, wild en vertoornt in haar zege. De stormwolken gingen geweldig, fregatten van de nacht, overbespannen et zeil. De zeilen scheurden. Ik zag de aarde bepanterd met wit en zwart, bleekzwart, bleekwit. Het vliegtuig ging door schaduw en licht. De maan barstte te voorschijn. Lichtvloeden kwamen af in watervallen. Ik zag het ravijn van de nacht vol watervallen. Het vliegtuig met zijn straffe robijn zocht mijn stad.
De dorpen, de ruines, die ik zag waren weggevaagd. Er was in mijn staat voor dorpen geen plaats. Er waren grote centrale punten. Het vliegtuig ging over bouwland, dan over weide, dan over bos. Er was geen enkel licht op de aarde, en de maan werd overwoekerd. Winterhagel ruiste langs mij, het steeg voor onzichtbare heuvels op zijn weg naar de hoofdstad. Even was de nacht volmaakt, - dan, aan de kim, blonk een robijn. Die week noch naderde: een vliegtuig dat evenwijdig ging. In de donkere cabine rezen mijn medepassagiers van hun matras. De nacht, leegehageld maar zwart gebleven, werd voller en voller van rode ogen, onder, boven.’
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen