CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

ff n studiebreak

Experiment: geen Twitter, mail en Whatsapp meer voor Nina. Wel faxen, brieven in enveloppen en ouderwetsch bellen.

Geschreven door:

anoniem (2 vmbo) [meer]

Datum ingestuurd:

6 november 2004

Taal:

Woorden:

2.600

Bekeken:

4355 keer (8 deze maand)

Waardering:

3.8/5 (48 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

A) Zakelijke gegevens.

1)Mijn tante is een grindwal.
2)Anne Provoost.
3)Het boek is niet-realistisch, want Anne Provoost die heeft veel stukken uit tijdschriften en pers gehaald. De dolfijnen in het boek is ook gebaseerd op een Amerikaans weekblad. Alle gegevens over de dolfijnen en namen kloppen. Anne provoost zei een keer, “Ik schrijf niet autobiografisch daar vind ik mijn leven te eentonig voor ”
4)Het is geschreven in 1990. En mijn uitgave is van 2003.
5)192 blz.

B) Over de inhoud van het boek.

Samenvatting.
Anna: is niet bepaald blij als ze hoort dat haar nicht Tara Myrold uit Cleveland met haar ouders op de Kabeljauwskaap komt wonen. Ze gaan de kustvilla huren, waar vroeger de zeeheks Goody Hallett verbleef. Dit is een mythe die al heel lang op de Kaap speelt en heel veel mensen geloven er heilig in. Tara wordt door haar moeder verwaarloosd, haar moeder besteed bijna geen aandacht aan haar. Tara’s vader is heel lief voor zijn dochter, maar wat de rest niet weet is dat zij door hem wordt misbruikt. Tara mag dit aan niemand vertellen, daarom krijgt ze van haar vader elke dag een dollar. Anna vertelt Tara: "Als je dingen kletst die geheim zijn, dan verandert Goody Hallett je mond in steen." Tara kan (durft) met niemand over haar geheim spreken, alhoewel haar moeder de pijnlijke situatie ontdekt. Ze maakt depressieve periodes mee en pleegt uiteindelijk zelfmoord. Na lang aarzelen durft Tara haar verschrikkelijke geheim aan Anna toe te vertrouwen. Anna weet niet wat zij met de situatie aan moet, en zwijgt er verder ook over. Tara draagt steeds rode T-shirts wat voor haar ‘STOP’ betekent. Ze voelt zich, van bij het verschijnen van de aangespoelde walvissen op de Kaap, met de dieren verwant. Ze vergelijkt haar moeder met de dieren, die ook niet meer ‘terug’ wil omdat ze zich totaal machteloos voelde. Bij de operatie is de walvisdeskundige Petr’Ann aanwezig. Zij vermoedt Tara’a geheim, en als zij naar huis terug keert besluit zij contact te houden met het meisje. Ze bellen regelmatig en Tara en Anna mogen zelfs op bezoek komen als het niet goed met de overgebleven drie walvissen in het verzorgingscentrum. De drie raken goed met elkaar bevriend en ze komen vanaf dat moment regelmatig kijken hoe het met de grindwallen gaat. Als het niet goed gaat zorgen de twee meisjes dat het weer beter gaat door met ze te zwemmen en ze af te leiden. Tara en Anna vinden het helemaal geweldig, maar weten ook dat de grindwallen eens weer terug moeten naar zee. Ze zijn dan ook door het dolle heen als ze mee mogen op de boot om ze terug te brengen naar hun eigen leefgebied. Ondertussen vertelt Anna per ongeluk het geheim aan Petr’Ann. Zo begint het balletje toch een beetje te rollen en Anna’s ouders horen er ook van. Anna is er ziek van dat ze het geheim heeft door vertelt. Maar daardoor komt er wel een einde aan het misbruik. Tara’s vader wordt opgenomen en Tara blijft bij Petr’Ann. De reddingsoperatie van de grindwallen was voor Tara een keerpunt. Tara’s wonden zijn nog lang niet geheeld, maar toch zijn er tekenen die erop wijzen dat al die pijn ooit eens zal genezen, dat Tara zich op een dag weer zal laten aanraken.

Hoofd/bijpersonen.
Tara : Weinig communicatief. Een evoluerend personage.Het is een ongenietbaar kind, eenzelvig, gemeen als de pest, dat door haar moeder verwaarloosd en door haar vader rot verwend wordt. Tara heeft een geheim waarover ze met niemand kan praten. Het gedwongen zwijgen dringt haar in een isolement dat door haar gestoorde gedrag en de zelfmoord van haar moeder nog groter wordt. Voor de kust loopt een groep grindwallen vast.Volgens Tara hebben ze in de zee iets heel erg gezien wat maakt dat ze niet meer verder willen leven. Zo is het ook de moeder van Tara vergaan. Tara voelt zich, van bij het verschijnen van de aangespoelde walvissen, met de dieren verwant. Ze denkt dat ze niet meer naar het diepe water willen omdat ze iets afschuwelijks hebben meegemaakt. Ze is er van overtuigt dat het haar moeder, die zelfmoord pleegde, precies zo is vergaan. Ook zij wilde niet meer 'terug' omdat ze zich totaal machteloos voelde t.o.v. het misbruik dat haar man van haar dochtertje maakte. Tara draagt allen rode T-shirts wat voor haar ' stop' betekent. De reddingsoperatie van de grindenwallenis voor Tara een keerpunt. Tara geeft signalen te kennen als gevolg van seksueel misbruik : psychosomatische klachten, gedragsmoeilijkheden en schoolmoeilijkheden. Is ' papa's poppemie' en moet hem elke dag weer voor wat zwijggeld ter wille zijn. Schreeuwt zonder woorden om contact en om een luisterend oor, maar ze stoot iedereen af door hatelijk gedrag : haar vader heeft ze lief, al haat ze zijn aanrakingen ; ze gelooft vast dat van iemand houden ook betekent iemand pijn doen.Ze weet zeker dat er iets verschrikkelijks zal gebeuren over wat er met haar aan de hand is, maar tegelijkertijd stuurt ze signalen de wereld in ( flessenpost in zee met bestemming Europa).Ze is in werkelijkheid al vrouw maar ze wil niet groeien ; ze heeft enorme nood aan genegenheid, maar doet cynisch over wat tussen jongens en meisjes gebeurt en is als de dood voor aanrakingen.
Anna: Anna en Tara zijn gedwongen speelvriendinnen.De sfeer tussen hen is koel en verward.Tara durft haar verschrikkelijk geheim na lang aarzelen alleen aan Anna toevertrouwen. De reacties over Anna zijn overtuigend.Aanvankelijk was Anna jaloers op Tara, die door haar vader erg verwend wordt.Wanneer ze het geheim kent is ze erg geschokt : ze wil er niets meer over horen. Anna wordt vaak verscheurd tussen gevoelens van vriendschap voor Taraen haar afkeer als die weer eens al te tyranisch of pesterig was.Ze wil haar vriendin helpen maar is bang om over het geheim te praten.
Oom Tony, vader van Tara:Om deze man draait het natuurlijk allemaal. Hij misbruikt zijn dochter Tara en is misvormd in z'n jeugdjaren zonder moeder en met een treiterige vader. Hij ziet geen andere uitweg dan zijn dochter hem liefde te laten geven. Hij houdt meer van z'n dochter dan van zijn vrouw.
Moeder van Tara: Is heel vaak depressief en staat niet echt centraal in het boek, omdat zij al snel zelfmoord pleegt. Ze kan de situatie niet meer aan als ze ontdekt dat haar man meer van zijn dochter dan van haar houdt.
Petr’Ann: Ze is de biologe. Ze werd om hulp gevraagd toen de walvissen aangespoeld waren. Ze verzorgt de drie overgebleven kleine walvissen. Ze ontdekt Tara’s geheim en zorgt voor een oplossing omdat zij zich verantwoordelijk voelt aangezien ze het zelf ook heeft mee gemaakt.
Ouders van Anna:Hele lieve mensen die hun dochter proberen te beschermen tegen het geheim dat Tara draagt als ze het weten. Zij hebben zelfs ook nooit wat door gehad en voelen zich daar best schuldig over, vooral ook omdat zij dachten dat het gewoon een raar kind was.

Opbouw.
Het verhaal wordt verteld in 32 kleine hoofdstukjes. In elk hoofdstuk vindt een gebeurtenis plaats en elke gebeurtenis brengt de waarheid een stapje dichterbij. In het begin zijn die klein en onduidelijk. Door het verhaal zo langzaam op te bouwen, laat de schrijfster je heel langzaam wennen aan de gruwelijkheid van het thema en maakt ze de waarheid ook als een dreiging die boven de lezer hangt.

Taalgebruik.
Het verhaal is absoluut niet lastig om te lezen. Dit komt waarschijnlijk doordat de meisjes nog heel jong zijn als je het boek leest. Daardoor is het boek soms zelfs makkelijk om te lezen. Dit past natuurlijk wel bij de personages, omdat zij niet te ingewikkeld kunnen denken.

Plaatsen.
Het boek speelt zich af in het plaatsje Truro, in de VS. Het plaatsje is klein en ligt aan de kust waar de meisjes dagelijks komen. Sommige stukken speelt zich ook af in Boston want daar zijn de grindwallen die gestrand was.

Waar speelt het verhaal zich af?
Het verhaal speelt zich af in deze tijd, en wordt verteld in de verleden tijd. Het boek is misschien wel één grote terugblik van de jeugd van Anna met Tara, die begint als zij beiden zeven jaar oud zijn tot een jaar of 15. Er zijn in het verhaal geen duidelijke tijdssprongen gemaakt,

C) Mening over het boek.

Ik vond het boek spannend, verrassend en het zette me aan het denken. Want ik dacht haast nooit aan zulke meisjes als Tara die seksueel misbruikt werd door haar vader.

D) Informatie over de schrijfster.

1, 2, 3) Anne Provoost werd geboren op 26 juli 1964 en groeide op in het kleine dorp Woesten in de Belgische Westhoek. Al in haar jeugd schreef ze verhalen en pende ze dagboeken vol bespiegelingen die ze met potloodtekeningen illustreerde. Ze studeerde Germaanse filologie in Kortrijk en Leuven en concentreerde zich op haar studie, maar toen ze een week ziek te bed lag, schreef ze een verhaal waarmee ze prompt de verhalenwedstrijd van het tijdschrift Germania won. Een jaar later werd het pleit beslecht toen ze ook nog een tweede prijs kreeg bij een verhalenwedstrijd van Knack Weekend won. Toen ze haar man vervolgens volgde naar Minneapolis (VS) begon ze aan een jeugdroman, die later uitkwam als Mijn tante is een grindewal. Ze voltooide het boek echter pas twee jaar - in 1990 - nadat ze het had herschreven en bewerkt - een techniek die ze nog steeds gebruikt. Provoost in een interview: "Noem het faalangst of perfectionisme. Maar ik denk dat het vooral is omdat ik graag puzzel aan de structuur. Ik zit steeds te zoeken welke informatie ik de lezer wanneer mag prijsgeven." Na anderhalf jaar kwam het echtpaar terug naar Antwerpen, waarna Provoost een parttime baan nam bij een uitwisselingsorganisatie voor middelbare scholieren (YFU). In 1995 werd ze fulltime schrijver. Ze woont met haar man en drie kinderen in Antwerpen. Provoost schreef zowel boeken voor jonge als voor wat oudere kinderen. De hoofdpersonen in haar boeken worden vaak met een lastige opdracht opgezadeld. Soms moeten ze helpen om een ark te bouwen, in de wetenschap dat er over niet al te lange tijd maar een paar plaatsen in het schip te vergeven zijn. Soms hebben Provoosts hoofdpersonen last van bedplassen of moeten ze leren met een verstandelijk gehandicapt broertje om te gaan. Vaak zwijgen ze daarom, niet wetend wat ze moeten doen. In Mijn tante is een grindewal verzwijgt een meisje jarenlang dat haar vader haar misbruikt heeft. In Vallen verzwijgt een moeder het 'foute' oorlogsverleden van een grootvader. Hoofdpersoon Lucas raakt in de ban van neo-nazi Benoît, en lijkt de geschiedenis van zijn opa te herhalen. Lieke van Duijn in Trouw: "Anne Provoost is diep in de persoonlijkheidsstructuur, de denktrant en het jargon van de neo-nazi gedoken, zowel in die van de leidersfiguur als de volgeling. Haar Benoît is intelligenter, geraffineerder, doortrapter dan Yge Graman, Janmaat en Le Pen bij elkaar. Ze laat haarfijn zien hoe aantrekkelijk het voor jonge mensen als Lucas is, zich door hen te laten hersenspoelen."Voor haar debuut Mijn tante is een grindewal kreeg Provoost de Boekenleeuw en de Interprovinciale Prijs voor Jeugdliteratuur. Voor Vallen (1994), dat over racisme en extreem-rechts gaat, kreeg ze zowel de Woutertje Pieterse Prijs voor kinder- en jeugdliteratuur als de Boekenleeuw, een Zilveren Griffel en de eerste "kinder/jeugd"-Gouden Uil. Het boek ging meer dan 100.000 keer over de toonbank en is in tien talen vertaald. In een interview in Trouw vertelt de auteur over de achtergronden van dit boek. "Ik weet dat engagement lang taboe is geweest in de Nederlandse jeugdliteratuur. Maar ik zie het als mijn taak om jongeren te wapenen tegen de retoriek van extreem rechts." "Anne Provoost heeft zeer veel te vertellen," concludeerde Annemie Leysen in De Morgen. "Ze vertelt haar verhaal gedreven, vakkundig en meeslepend en, zo lijkt het, met hoogdringendheid." De structuur van Provoosts verhalen is dan ook verre eenvoudig: de verschillende verhaallijnen ontvouwen zich heel langzaam en grijpen aan het einde weer in elkaar. Meestal combineert Provoost twee of meer thema's die ze zorgvuldig in elkaar weeft, "zoals een spin die haar web bouwt". In haar laatste boeken toont ze zich een bekwaam herverteller en oprakelaar van oude verhalen. In De roos en het zwijn (1997) hervertelt Provoost het klassieke verhaal van The beauty and the beast, maar het boek gaat in feit over de seksuele rijping van een jonge vrouw. Omdat het verhaal in de middeleeuwen speelt kan Provoost de schoonheid van de jonge vrouw Rosalena afzetten tegen de verminkingen en de vroege ouderdom van alle anderen - inclusief 'het beest' Thybeert. Schoonheid wordt zo bijna een taboe - verbeeld door de oerfiguren van de kinderlijke schoonheid, de elfen en de engelen. Provoost: "Belle et la Bete is voor mij altijd in de eerste plaats het verhaal geweest van hoe jonge vrouwen eerst afstand moeten doen van de vaderfiguur in hun leven om seksueel volwassen te kunnen worden." Onno Blom in Trouw : "Uiteindelijk moet je constateren dat Provoosts sprookje helemaal niet de hapklare moraal - het gaat niet om uiterlijke, maar om innerlijke schoonheid in het leven - wil opdienen, maar veel interessantere thema's aandraagt."Provoost is een schrijfster die veel tijd besteedt aan research. Vaak neemt dit meer tijd in beslag dan het schrijven zelf. Pas op het laatst houdt ze zich intensief bezig met de stijl en formulering van de zinnen. De eerste aandacht is vooral gericht op de meerlagige structuur van haar boeken. Na de voltooiing van een bijna-definitieve versie is haar man de eerste lezer - haar moeder is de tweede. "Haar heb ik in het ongewisse kunnen laten, dus stelt zij over een maand of zes de echte vuurproef." Provoosts meest recente werk is De arkvaarders, een hervertelling van het bijbelverhaal over Noach. De hoofdpersoon van het boek is het jonge meisje Re Jana, dat samen met haar moeder en haar vader, een botenbouwer, de woestijn intrekt om daar te helpen bij de vreemde onderneming van ene Noach. Re Jana wordt de geliefde van Noachs zoon Cham en komt langzamerhand achter het geheim van de onderneming. Annemie Leysen in De Morgen: "In deze roman worden dwingende vragen gesteld. Leiden kritiekloze 'rechtschapenheid' en onvoorwaardelijke trouw aan een onredelijke overtuiging niet tot onrecht en eigenbelang? Genereert uitverkorenheid dan perversie? (...) Antwoorden krijg je als lezer, gelukkig niet. De arkvaarders is geen moraliserend pamflet."
Ook NRC Handelsblad was enthousiast. Marjoleine de Vos: "De arkvaarders is een ongewoon rijk boek. Het snijdt zoveel aan, het is zo elegant geschreven, en het is zo adembenemend verteld dat het niet makkelijk is onberoerd te blijven."
Provoost schrijft niet alleen romans, maar ook toneelstukken. Zo schreef ze in opdracht van het Cultureel Centrum Hasselt de theatertekst Het hart van twee. De eenakters werden in juni 1994 uitgevoerd door studenten van de Toneelacademie in Maastricht. De vraag hoe we naar kinderen kijken stelt Provoost zich met passie. Ons kindbeeld en de literatuur die daaruit voortvloeit beschrijft ze in een verhelderend essay getiteld: En dan nu het slechte nieuws. Het kind als antagonist dat midden 2004 verscheen in Reading Minds/Gedachten Lezen, de nieuwe esssayreeks van Stichting Lezen Vlaanderen en Nederland.
4) 1990 – Mijn tante is een grindwal 1994 – Vallen
1991 – Niet uitlachen! 1998 – De roos en het zwijn
1991 – De wekker en het mes 2001 – De arkvaarders
1993 – Kauwgom voor de held
5)

E) Extra info

Bekroningen:

1991 Boekenleeuw en de Interprovinciale Prijs voor Jeugdliteratuur voor Mijn tante is een grindwal.
1995 De libris Woutertje Pieterse Prijs voor kinder- en jeugdliteratuur, de Boekenleeuw en de eerste Gouden Uil in de categorie kinder- en jeugdliteratuur voor Vallen.
1996 Boekenleeuw, Gouden Zoen en Jugenbuchpreis der Jungen Leser (Oostenrijk) voor De roos en het zwijn.
2002 Gouden zoen voor De arkvaarders.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.