Boekverslag Connie Palmen

I.M.

1 2 [3] 4 5 6 7 8 9

Info over dit verslag

Geschreven door:

Beau

Niveau:

5VWO

Kwaliteit:

Waardering:

Taal:

Nederlands

Woorden:

2771

Opvragingen:

13

Hulpmiddeltjes

Openen in tekstverwerker Openen in tekstverwerker

Printen Printen

Emailen Emailen

Waardering

Gemiddelde waardering: 4 uit 5 (6 stemmen)

Heb je er iets aan gehad? Geef zelf je waardering:
Erg goed bruikbaar
Goed bruikbaar
Bruikbaar
Een beetje bruikbaar
Niks aan gehad

Titels van Connie Palmen

Laatst gewijzigd op 2 maart 2004

Voorwerk

Titel: I.M.
Auteur: Connie Palmen
Uitgever: Prometheus
Jaar uitgave: 1998
Aantal pagina’s: 312
Jaartal eerste druk: 1998

I.M. bestaat uit twee delen van zeer ongelijke omvang. ‘In margine’ omvat zo’n 280 bladzijden en Ín memoriam’30. Het eerste deel beschrijft in een lange reeks scenens de liefdesrelatie van Connie en Ischa tussen 5 februari 1991 en begin 1995. Het tweede deel beschrijft een aantal momenten in het sterfjaar van ischa, 1995. In de slotalinea vertelt de ik-persoon hoe ze begint aan I.M.:
Vanaf de eerste zin van I.M. was ik bang voor de laatste.

Ischa komt niet alleen handelend en sprekend in het boek voor, Palmen heeft ook een groot aantal teksten van Meijer letterlijk opgenomen. Dat geldt in de eerst plaats voor de grappige gedichtjes die Ischa maakt op zijn geliefde:
Mijn brakke ziel
staat als een kaars te walmen
voor mij liefje
Connie Palmen
( p. 22)
En op p. 101:
Of ik nu kreeften eet
ff zalmen
het liefst eet ik ze
met Connie Palmen.

Er blijkt veel te rijmen op ‘Palmen’. Van deze versjes kun je nog zeggen dat ze opgenomen zijn in de handeling, mar dat geldt niet voor veel andere passages. Zo staat er in het begin van de roman al een complete introtekst voor een radio-uitzending (anderhalve bladzijde), geschreven door Meijer en voorgelezen door Cor Galis. Dit soort teksten staan letterlijk ‘apart’ , doordat ze in een ander lettertype zijn gezet. Ook als Connie boeken van Ischa leest, zoals Hoeren of Brief aan mijn moeder, dan citeert ze die. Deze werkwijze past ze in de tweede helft van het boek steeds meer toe, zodat we getuige zijn van de ontstaansgeschiedenis van het boek dat Meijer schreef over zijn vader: Ten tijde van mijn vader ( p. 163, 167, 183, 229, 234). Dat zijn kloeke fragmenten , het laatste bijvoorbeeld omvat bijna vier pagina’s. Connie geeft kort commentaar op zijn concepttekst. Het omgekeerde komt ook voor. Connie schrijft en toespraak voor de begrafenis van een vriendin; deze is integraal opgenomen in de roman, omdat Ischa vraagt de tekst voor te lezen (p. 231). Zijn toespraak op de begrafenis van zijn vader is ook afgedrukt (p. 206).

Samenvatting

Begin 1991 is Connie Palmen te gast bij het radioprogramma van Ischa Meijer, journalist en columnist. Ischa is, zoals hij verderop in de roman gekenschetst wordt, ‘een doerak, een druktemaker, een hoerenloper, een ondeugd, een schreeuwlelijk.’ (p. 105) In zijn interviews kan hij mensen genadeloos belachelijk maken. Hij zal Connie interviewen over haar eerste boek, De wetten, dat net verschenen is end at in korte tijd een hype is geworden. Tijdens het gesprek met haar is hij zo ernstig en serieus, da het iedereen opvalt. Het is het begin van een intense liefdesrelatie. Ze gaan voor de buitenwereld steeds meer een twee-eenheid vormen: als zijn verzamelalbum de dikke man verschenen is, liggen hun boeken naast elkaar in de etalage. Connie begint na te denken over haar nieuwe roman die later De vriendschap zal heten en Ischa is steeds bezig aan de column die hij drie keer per week in Het Parool schrijft en aan de voorbereidingen van zijn radioprogramma. Schrijverschap, literatuur, literair eigendom zijn onderwerp van gesprek en heftige duscussie.

Op voorstel van Ischa maken ze een reis naar Amerika, een land dat hij goed kent en waar hij zich thuisvoelt. Ze huren een kanjer van een auto en Connie rijdt, desnoods zes uur achter elkaar. Hij toont haar alle plekjes waar gij al eens geweest is en ze genieten van de McDonaldscultuur. Voor Connie blijkt Amerika ‘entertainment, leven, tegenwoordige tijd in plaats van dode, voorbije tijd’ (p.58). Ischa blijft zijn columns schrijven en faxt ze terug naar Nederland. Ze zijn nog maar nauwelijks terug in Nederland of ze reizen al weer naar Amerika, omdat Ischa een reportage moet maken over hotels in New York.
Na een paar maanden maakt Connie kennis met Ischa’s dochter van zes, Jessica. Ischa heeft haar modere net als talloze andere vrouwen in de steek gelaten en het heeft jaren geduurd voordat hij een bezoekregeling heeft kunnen treffen. Connie en Jessica kunnen het god met elkaar vinden ,. Er is nog een kennismaking die god uitpakt, namelijk die van Ischa met de familie van Connie. Bijhaar thuis ervaart Ischa wat hij zelf in zijn jeugd heeft gemist.
Ischa boekt hun derde reis naar Amerika. Connie maakt hier haar eerste aantekeningen voor haar nieuwe roman; het onderwerp van hun gesprekken is dan ook vaak verslavingen. Het belangrijkste bezoek van deze reis is dat aande ranch van de Bonanza’s hoofdpersonen in een van de oudste t.v.-series. ‘This is going to be a sentimental journey,’zegt Ischa ( p.125). E dat is kenmerkend voor al hun bezoeken: intuitief herkent Connie veel van de Amerikaanse manier van leven en werken , ze apprecieert de houding van e Amerikanen tegenover het sterrendom, kortom ze voelt zich op haar gemak in hun land.
Door de zuster van Ischa, Mirjam, komt Connie het een en ander te aan de weet over de ouders van beiden. Mirjam heeft het jodendom afgezworen en is katholiek getrouwd. Ook zij heeft alleen gruwelijke herinneringen aan de opvoeding. Contact heeft ze nooit meer met haar ouders. Ischa, die verstoten is door zijn vader en moeder, vindt da zijn zuster niets gedaan heeft met de ellende, ze is een tutje geworden terwijl ze grote mogelijkheden had. Hijzelf heft, met behulp van psychiater Tas, zijn leven productief kunnen maken, vindt hij.
Ze gaan in de zomer van 199 niet naar Amerika; ze bezoeken de familie van Connie en Ischa begint aan een boek over zijn vader, De titel heeft hij al: Ten tijde van mij vader. Ook schrijft hij nu elke dag een column in Het Parool. Tijdens hun reis door Frankrijk praten ze vooral over ideeen voor elkaars boeken en Ischa laat haar de eerste passages lezen, waarin sprake is van een zeer hardvochtige vader, Het mildste oordeel waartoe Ischa komt is: ‘Mijn vader is geen rotzak geworden door de oorlog, maar door zijn jeugd, zijn opvoeding en door de dood van zij eigen vader.’(p. 182)
In mei 1993 zitten ze weer in Amerika. Ischa schrijft verder. Als ze net weer terug zijn in Nederland, komt het bericht dat zijn moeder net is overleden. Ischa voelt zich rampzalig, omdat het nooit meer goed is gekomen tussen hem en zijn moeder. Een begrafenis is er ook niet, want zijn moeder heeft haar lichaam aan de wetenschap geschonken. Vijf weken later is ook zijn vader overleden; Ischa is er rustig onder: ‘Ik denk dat het te veel is, dat hij geen ruimte heeft om ook te rouwen over zijn vader.’ (p. 200) Nu beide ouders dood zijn, kan Ischa eindelijk hun huis weer betreden. De vader wordt wel begraven en Ischa houdt de herdenkingsrede. De dood blijft hen bezighouden, want korte tijd later sterft Pauke, de vriendin en huisgenote van Connie.
Bij hun volgende reis naar Amerika bezoeken ze o.a. het landgoed van Elvis Presley, dat een soort bedevaartsoord is geworden. Hun gesprekken gaan vooral over vriendschap en verslavingen, de centrale thema’s in de roman waaraan Connie bezig is. Ischa is in gedachten steeds bezig hun toekomst te regelen: ‘Zodra ik thuiskom, ga ik jou tot mijn erfgenaam maken en dan gaan we een groot huis zoeken, voor jou en mij en voor Jessica.’ (p. 261) Even zijn ze terug in Europa, maar na een paar weken vertrekken ze alweer naar Amerika, nu in gezelschap van Jessica, Ischa probeert nadrukkelijk een goede vader te zijn en te voorkomen wat bij hem vroeger allemaal is fout gegaan.
Eind 1994 levert Connie bij haar uitgever de kopij in van De vriendschap; pas daarna laat ze Ischa het boek lezen, als ze weer een onderweg zijn naar Amerika. Tot haar opluchting is hij geboeid.

‘In memoriam’

Op 14 februari 1995 overlijdt Ischa aan een hartinfarct, terwijl Connie op een begrafenis is in Limburg. Met haar broer Jos rijdt ze terug naar Amsterdam, verdoofd van verdriet. Niemand mag of kan haar benaderen. Pas als ze Ischa’s huis doorloopt, kan ze huilen ‘en ik jou daar de komende twaalf maanden niet meer mee op.’ (p. 291) Terwijl Connie van het rouwen een werkdag maakt, zoals ze het uitdrukt, zorgen vrienden dat ze in leven blijft. Het testament had Ischa nog niet geregeld, dus maken Jessica’s moeder en een verbitterde zoon die Ischa ook nog had, met succes aanspraak op De erfenis. Connie koopt Ischa’s huis en krijgt het beheer over zijn literaire nalatenschap. De dood blijft haar achtervolgen, want elf weken na Ischa’s overlijden, sterft haar vader. Bijna twee jaar na het overlijden van Ischa begint ze aan I.M.

Analyse en interpretatie

Titel


De titel kan gelezen worden op z’n Engels als I am. De twee letters zijn ook de initialen van Ischa Meijer en ze vormen de afkorting van ‘in memoriam’. Die woorden vormen de titel van het laatste deel, terwijl de titel van het eerste deel ‘In margine’ dezelfde beginletters heeft.

Ondertitel
Er is geen ondertitel.

Motto
Er is geen motto.

Genre
I.M. is een roman over en intense, heftige liefdesrelatie; het boek heeft door de scenische opbouw de vorm gekregen van verslag, een documentaire zou je bijna zeggen, van de ontwikkeling van die relatie. Door haar manier van schrijven, probeert Connie Palmen als het ware Ischa Meijer weer tot leven te wekken. Al schrijvend heeft ze de illusie dat hij er nog is. Dat zegt ze ook bijna letterlijk, als ze op de laatste bladzijde vertelt hoe ze elke dag haar laptop start:
Voordat die ene zin op het scherm verschijnt die me iedere dag weer in haar volle betekenis raakt, hoor ik een piep. Het is mijn animistische ziel die deze piep beschouwt als een begroeting en dan groet ik de Ischa die ik aan het maken ben.
‘Press any key to continue’,is de zin en het antwoord dat ik Ischa aan mij laat geven.
En dat doe ik dan ook.
Tegelijkertijd weet ze: ‘Vanaf de eerste zin van I.M. ben ik bang voor de laatste.’ (p. 311), want als het boek af is, zal ze wetend at het en echt in memoriam is, dat Ischa dood is.

I.M. is niet alleen een roman over de liefde, maar ook een roman over sterven en dood.

Thema en motieven

Thema


Een van de belangrijkste thema’s inde roman is het schrijverschap. In de beschouwende passages, gesprekken , discussies, steeds duikt dit thema op, waarbij een mening nogal eens op aforistische wijze onder woorden wordt gebracht:
Fictie komt voort uit het verlangen naar waarheid. (p30)
Schrijvers, acteurs, entertainers, dansers, dichters, hoeren, ze begeven zich allemaal op het immense podium waar de wet van het alsof regeert. Ze doen dit omdat alleen het alsof hun de mogelijkheid biedt om de waarheid te zeggen. (p30)
Fictie en werkelijkheid daarom gaat het in I.M., of met een andere invalshoek: literatuur en journalistiek. Voor ischa is het lezen kennis nemen van de werkelijkheid en schrijven is verslag doen van de werkelijkheid. Connie hanteert de werkelijkheid heel anders, vindt hij:
‘Jij zet alles om in fictie, zelfs je eigen leven,’ zegt Ischa, ‘dat is voor jou de manier om de werkelijkheid te kunnen hanteren.’ (p. 69)
Connie is het daar maar half mee eens, voor haar zijn fictie en werkelijkheid niet tegengesteld:
God, de liefde, en zelfs de waarheid zijn werkende ficties die ons leven, ons geluk, onze verhoudingen en ervaringen, dis onze werkelijkheid iedere minuut beïnvloeden. (p. 69)
Met de voortdurend weerkerende vraag naar het verschil tussen fictie en werkelijkheid hangt een andere vraag samen, namelijk die naar het autobiografisch gehalte van literatuur, met name van Palmens romans.
Je eigen leven is doordesemd van thema’s, abstracte ideeën, van verhalen die al eerder verteld zijn , als je het er maar in ziet, Ik gebruik mijn leven niet voor de literatuur. Het werkt andersom. De literatuur bestaat uit levens als het mijne en ik zie welke fictie doorwerkt in mij leven, omdat ik die erin wel kan en wil zien. (p. 100)

Motieven

Er zijn een aantal belangrijke motieven te vinden in dit verhaal:

• dood: de dood komt werkelijk in het hele boek voor. Al meteen op de eerste paar bladzijden wordt verwezen naar de dood door het overlijden van Jac Heijer (pag. 8). Vervolgens komen in de rest van het boek nog vaak verwijzingen naar de dood, om er een paar te noemen: de moord op John F. Kennedy, de zelfmoord van Jerzy Kosinsky, het overlijden van Yves Montand, Charles Trenet, Ischa’s moeder, Ischa’s vader en Pauke. Allen zijn zij zeer bewust opgenomen in het verhaal.

• fictie/werkelijkheid: Connie en Ischa discussiëren vaak over dit onderwerp met elkaar; je zou dit motief ook kunnen noemen ‘literatuur en journalistiek’, waarbij Connie vanzelfsprekend de fictie (literatuur) vertegenwoordigt en Ischa de werkelijkheid (journalistiek). Ook de rol van fictie en werkelijkheid in hun eigen leven wordt vaak besproken (bv. pag. 61, 69, 70, 100).

• Het Boek: vooral voor Ischa is Het Boek, de Bijbel, erg belangrijk. Hij is joods en ook in zijn opvoeding speelde de Bijbel een grote rol; hij mocht aan geen van zijn vaders boeken komen, behalve aan de Bijbel (pag. 168). Daardoor staat de Bijbel voor hem ook automatisch voor zijn vader (“Het verlangen naar God valt voor mij volkomen samen met het verlangen naar mijn vader.” pag. 161). Ook merk je dat als hij een grafrede moet houden, bv. voor die zelfde vader, hij opent met een zin uit de Bijbel.

• Het gebruiken van elkaars ideeen of teksten: Connie is vooral in het begin van hun relatie razend, als ze merkt dat Ischa verhalen van haar gebruikt voor zijn columns.

Spanning

Er is geen tot weinig spanning in I.M. te ondervinden. Het verhaal zelf speelt niet de hoofdrol, de betekenis achter het verhaal daarentegen wel.

Personages

• Connie Palmen; een schrijfster, die net haar debuut heeft gemaakt met “De wetten”, wonend in Amsterdam. Aan het begin van de roman is zij 35 jaar, aan het eind 40 jaar. Zij is geboren in het kleine plaatsje St. Odiliënberg, waar haar ouders nog wonen. Verder heeft zij drie broers.

• Ischa Meijer; een joodse journalist/columnist/radio- en televisiepresentator die vrouwen achter elkaar verslijt. Hij is vader van een dochtertje; Jessica. Hij heeft een zeer moeilijke jeugd gehad; in de Tweede Wereldoorlog overleefde hij samen met zijn ouders het concentratiekamp Bergen-Belsen en later negeren zijn ouders zijn bestaan volkomen. Hij is grotendeels gevormd door deze gebeurtenissen en is in zijn hoofd nog dagelijks bezig met zijn ouders.

Dit zijn de twee belangrijkste personages. Verder spelen er nog een aantal mensen een belangrijke rol:

• Louis Tas; de psychiater van Ischa. Hij komt amper in het verhaal voor, behalve in de flashbacks en verhalen van Ischa, maar toch is hij zeer belangrijk voor Ischa; hij ziet hem als de persoon waar hij het meest van heeft geleerd. Ischa bezoekt hem elke woensdag.

• Dr. Jakob Meijer en Liesje Meijer-Voet; de ouders van Ischa. Zij komen ook amper in het verhaal voor, behalve in flashbacks en verhalen van Ischa, maar toch zijn zij zeer belangrijk in het verhaal. Ischa heeft namelijk nog dagelijks moeite met de manier waarop zijn ouders hem opgevoed en behandeld hebben. Je zou kunnen zeggen dat hij er een trauma aan over heeft gehouden. Zijn ouders negeerden zijn bestaan volkomen en een ieder die het in hun huis over één van de kinderen had, werd linea recta naar de voordeur verwezen.

Tijd

Het verhaal speelt in de periode van 1991 tot 1996.

De scènes zijn kort, hooguit en paar pagina’s, vaker een alinea, soms maar een paar regels en altijd fragmentarisch. Ze zijn door een witregel van elkaar gescheiden. Aanvankelijk lijkt het of de onderwerpen en de gesprekken als los zand aan elkaar hangen. Dat komt ook doordat het hele verhaal in de tegenwoordige tijd is verteld, nagenoeg in chronologische volgorde. In de loop van het verhaal ontstaat voor de leen, net als voor de ikpersoon, de structuur, als duidelijk wordt dat bepaalde onderwerpen terugkomen en ideeën zich ontwikkelen.

Perspectief en vertelsituatie

De juiste literaire term bij dit verhaal is de ik-figuur, achteraf vertellend.

Ruimte

Het verhaal speelt zich grotendeels in Amsterdam af, maar ook grote stukken spelen zich in Amerika en Frankrijk af.

Taalgebruik en stijl

Je kunt op zijn minst zeggen dat het taalgebruik in I.M. dicht bij spreektaal staat, anders dus dan in haar vorige roman, De vriendschap. Niet alleen spreektaalachtig, maar vooral hyperbolisch is haar stijl als Connie probeert haar emoties te noteren. ( zie bijvoorbeeld pagina 18.). Het meest krasse staaltje vormt de openingsscène.
Hij sluit de voordeur van de Reestraat af als ik van de Prinsengracht de hoek om kom. We blijven allebei verstard staan, kijken elkaar aan en zeggen niets. Hij wou naar mij toe en ik naar hem, dat weten we. Zonder me van te voren te waarschuwen wijkt mijn kringspier uit elkaar en ik doe het in mijn broek. Tegenover me spreidt hij zijn benen, grijpt naar zijn kont en roept verbaasd dat hij in zijn broek heeft gepoept.

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.