Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Niveau: | 5VWO |
Kwaliteit: | ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 2155 |
Opvragingen: | 4 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 1 uit 5 (9 stemmen)
Titels van Remco Campert
Alle dagen feest (0) 1976 Als in een droom (2) 2000 Beschreven blad (5) 2001 De Harm & Miepje Kurk story (14) 1983 De jongen met het mes (1) 1958 Een liefde in Parijs (10) 2004 Gouden dagen (1) 1990 Het gangstermeisje (2) 1965 Het leven is vurrukkulluk (32) 1961 Het onkruid en de bloem (17) 1971 Het satijnen hart (2) 2006 Het theater (1) 1979 Liefdes schijnbewegingen (11) 1963 Mijn leven's liederen (5) 1968 Ohi, hoho, bang, bang of Het lied van de vrijheid (2) 1995 Rechterschoenen (1) 1992 Somberman's actie (12) 1985 Tjeempie, of Liesje in luiletterland (15) 1968 Wie doet de koningin ? (0) 1984 Zachtjes neerkomen (0) 1989
Laatst gewijzigd op 6 februari 2004
Auteur
Remco Campert
Titel
Als in een droom
Uitgeverij
De bezige bij
Verwachtingen
Ik had niet veel verwachtingen van het boek. Dit kwam vooral doordat het boek geen achterflap had. Ik had wel verwacht dat het boek een beetje vaag en onduidelijk zou zijn. Dat was in zeker zin wel het geval omdat je tussendoor steeds stukjes krijgt van dingen die Simon, de hoofdpersoon, in zijn droom ziet. Dat maakt het boek vooral in het begin moeilijk te lezen.
Ruimte
Het verhaal speelt af in een Nederlandse stad en de functie van deze omgeving is het verhaal zo echt mogelijk over te laten komen. Dit realisme is soms wel welkom als je net een van de wat minder duidelijk passages hebt gehad.
Thematiek
De thematiek in het boek is de relatie tussen werkelijkheid en fictie. Dit blijkt uit al de passages waarin dromen van Simon worden verteld, terwijl het even later gaat over berovingen en bedreigingen op straat en een burgeroorlog in een ver land.
In de volgende passage wordt een voorbeeld van de fictieve gedachten en flashbacks van Simon gegeven:
“Ik ben een jaar of acht…in mijn bevende hand.”, bladzijde 17/18.
In de volgende, lange, passage, geef ik een voorbeeld van de realistische en op werkelijkheid gebaseerde kant van het boek:
“Ik kijk zijn kant uit…niets wat hij erbij doet.”, bladzijde 39/42.
Simon, de hoofdpersoon, is een beetje de alter ego van Campert zelf. Hij gebruikt Simon om een beeld te geven van zijn eigen gedachten maar ook om zijn eigen wereldbeeld te verduidelijken. Campert heeft het hier vooral over de toenemende onveiligheid op straat en een burgeroorlog in het buitenland. Ik denk dat Campert hiermee ook een beetje de bedoeling heeft om hieraan wat te veranderen, en de onveiligheid op straat neer te zetten in een realistische en goed voor te stellen omgeving.
Secundaire Literatuur
Ik heb twee recensies gebruikt van LiteROM.
De eerste stond in het NRC Handelsblad van 17 maart 2000 met als titel “Het raadsel van het schrijverschap” en is geschreven door Elsbeth Etty. En de tweede stond in Het Algemeen Dagblad van 17 maart 2000 met als titel “Een mooie droom van Remco Campert” en is geschreven door Menno Schenke.
De recensie van het NRC:
Deze recensie heeft het in het begin vooral over de relatie tussen Campert en de hoofdpersoon Simon. Daarna gaat het over de verwijzingen die Campert heeft geschreven naar toneelstukken van Hugo Claus. Het laatste stuk van de recensie gaat over de relatie tussen fictie en werkelijkheid in het boek.
Na het lezen van deze recensie is mijn kijk op het boek niet veranderd. De recensie haat voornamelijk over de relatie tussen Campert en Claus. Dat maakt de recensie er niet duidelijker op.
De recensie van het AD:
Deze recensie is een stuk korter een is meer een samenvatting van het boek dan een echte recensie. Aan het eind pas wordt een mening geven maar die wordt niet echt onderbouwd.
Na het lezen van deze recensie is het verhaal van het boek misschien iets duidelijker geworden maar veel verschil heeft het niet gemaakt. Verder vind ik dit niet een erg goed recensie omdat het slechts uit een samenvatting bestaat.
In de recensie van het NRC staan enkele verwijzingen naar toneelstukken van Hugo Claus. Hiermee wordt een beetje de relatie tussen poëtica en dit boek weergegeven. Maar dat gedeelte is niet erg duidelijk en het is lastig om hierover een goede passage aan te geven. Maar in de recensie stond de volgende overeenkomst tussen Campert en Claus:
De hoofdpersoon in een toneelstuk van Claus is net zoals de hoofdpersoon van Campert verliefd op een Euridice achtige vrouw die hij echter niet genoeg begeerd om haar te blijven ‘bezitten’.
NRC Handelsblad, Elsbeth Etty, 17-03-2000
Het lijkt wel alsof ze het hebben afgesproken, Harry Mulisch, Hugo Claus en Remco Campert. Ter gelegenheid van de boekenweek schreven ze, wat thematiek betreft, sterk overeenkomstige verhalen. De gerenommeerde generatiegenoten hebben het alle drie over de relatie tussen fictie en werkelijkheid - en schrijven dus over het schrijverschap zelf. In het officiële boekenweekgeschenk Het theater, de brief en de waarheid (besproken in Boeken van vorige week) analyseert Harry Mulisch de droom, aan de hand van een acteur die zijn dromen omzet in daden en daarmee ophoudt kunstenaar te zijn. Droom is ook het meest prominente woord in - de titel zegt het al - Als in een droom van Remco Campert, een mooie, suggestieve vertelling die De Bezige Bij woensdag bij het begin van de Boekenweek presenteerde. Campert schrijft over een toneelgezelschap waar de vriendin van hoofdpersoon Simon deel van uitmaakt. De groep besluit solidariteit te betuigen met de bevolking van een land in burgeroorlog en reist af naar een belegerde stad, waarbij de lezer denkt aan Sarajevo. Simon, een op Campert lijkende schrijver, vindt dit 'een vorm van liefdadigheid gecombineerd met hoogmoedswaanzin'. Zijn vriendin verwijt hem op haar beurt dat hij 'slappe, zogenaamd humoristische romannetjes schrijft waar niemand op zit te wachten.' Simon vervalt vervolgens in machteloos gemijmer over de functie van taal, poëzie, dromen. De mens wordt volgens hem al vroeg van zijn dromen afgescheiden en leidt daarna een geamputeerd leven. Waar Simon het meest onder lijdt, is zijn onmogelijke, overspelige liefde voor Lana, een droombeeld, dat bij daglicht niet houdbaar blijkt. 'Een droom toont zich maar één keer helder en vanzelfsprekend: terwijl hij gedroomd wordt. Nadien ga je hem verzinnen en verandert hij in een verhaal of een gedicht', bedenkt Camperts alter ego, en het lijkt of we Mulisch' alter ego Felix horen die in Het theater, de brief en de waarheid bijna leterlijk dezelfde tekst uitspreekt: dat wie een droom navertelt, iets anders vertelt dan wat je droomt, maar wat? Campert vermijdt bewust elke zweem van humor als hij schrijft over het (on)vermogen van de taal. 'Bouwvallen' noemt hij zijn eigen schrijfsels, gedroom van een buiten de werkelijkheid staande zonderling, 'dat verijlt naast de stralende werkelijkheid van de verliefdheid.' Elders heeft hij het over 'de barricade van de taal' en beschrijft hij hoe 'het lichaam spiedt terwijl de geest ergens in een hoekje woorden stottert, bezig het zinloze te bezweren in plaats van het te aanvaarden.' Simon lijkt in veel opzichten op Luc, de held uit Hugo Claus' novelle Een slaapwandeling, die hij ter gelegenheid van de boekenweek schreef voor De Bijenkorf. Niet alleen verwijst Campert in zijn 'vertelling' een paar keer naar Claus' toneelstukken, Claus' protagonist is net als Simon verliefd op een Euridice-achtige vrouw (Laura), die hij niet genoeg begeert om haar blijvend te 'bezitten'. 'Lichamelijk stelt onze liefde weinig voor', zegt Simon over Lana. 'Als ik aan haar dacht toen ze nog onbereikbaar was deed ik dat zonder begeerte, zonder het verlangen om met haar in bed te belanden.' (Campert). In Een slaapwandeling mijmert Luc dat 'alleen willen weinig is, dat je om iets te bereiken moet begeren.' (Claus) Hij wil Laura, maar begeert haar niet. Ook Luc stuit op de barricade van de taal. Als hij Laura, zijn grote liefde, na jaren terugziet, herkent hij haar niet. Maar dat is niet het enige: hij kan niet horen wat zij zegt, noch kan hij zich verstaanbaar maken. 'De bewegingen van het lichaam (zijn) zichtbaar en die van de geest onzichtbaar verborgen.' Denkend aan Laura verhaspelt hij als een hedendaagse Petrarca de woorden tot poëzie. 'Ik heb je niet bekend', stamelt hij als hij herkend bedoelt en hij heeft last van luizelingen, duisterlingen en duister zingen in plaats van duizelingen. Explicieter dan Campert refereert Claus in zijn novelle aan de mythe van Orpheus die zijn geliefde Euridice uit de Hades wil redden. Tijdens een droom daalt de antiekhandelaar Luc, getrouwd met de overspelige Agnes, af in de onderwereld van Brugge, waar kunstvervalsers zich met notabelen overgeven aan seksorgieën. Tijdens deze slaapwandeling, onder invloed van een tabletje valium, lopen fictie (in de vorm van film, theater en literatuur) en al dan niet gedroomde werkelijkheid voortdurend door elkaar. Zo herinnert Luc zich zijn eerste ontmoeting met Laura in de metro in Parijs, waar zij zich gezamenlijk bewogen 'door de holle gang in de holte van de aarde'. Zij wilde hem, hij wilde haar niet genoeg. Dus kijkt hij op een fataal moment om en raakt haar kwijt. Een dergelijke situatie herhaalt zich enkele malen. Wanneer Luc ontwaakt, nadat Laura in een taxi uit zijn droom is verdwenen, blijkt hij zich in zijn eigen garage te bevinden, een paar meter verwijderd van zijn 'verlicht huis', waar hij zich een paar uur eerder te ruste legde. Toch is hij ver weggeweest. Zo ver, dat zijn vrouw zegt: 'Ik dacht dat je dood was'. Of Claus van de Bijenkorf opdracht heeft gekregen zich in zijn novelle te houden aan het motto van de boekenweek, 'Lectori Salutem. Verhalen uit de klassieke oudheid', weet ik niet. Mulisch heeft er zich in Het theater, de brief en de waarheid weinig aan gelegen laten liggen, al strooit hij hier en daar wel met verwijzingen naar de orakelende Pythia in Delphi en naar Apollo, god van de dichtkunst en dus de sleutel tot het wereldraadsel. Orakeltaal, het spreken in raadsels die de werkelijkheid beter benaderen dan keurig in het gelid staande woorden, is de 'kwaal' waar Claus' hoofdpersoon aan lijdt. Apollo schiet hem niet te hulp al is er wel een klein rolletje voor deze god weggelegd. Midden in de onderwereld, in Lucs droom een 'maniakale kopie van het Witte Huis', wil hij aan vier dronken voyeurs zijn verhaal uit de bovenwereld kwijt. Hij probeert te spreken over Hector, de minnaar van zijn vrouw. Een van zijn toehoorders kent Hector als 'de edelste van de Grieken' en vertelt dat zijn kadaver rond de wallen van Troje werd gesleept tot Apollo er tussenkwam en hem 'vrijwaarde voor bederf'. Luc spreekt de dronkaard niet tegen, legt niet uit dat Hector de leider was van de Trojanen die door de Griekse held Achilles werd gedood en verminkt (hij sneed zijn hielpezen door). Wat de bedoeling is van deze omkering van de mythe is mij niet duidelijk. Fictie, mythe, droom, werkelijkheid: Luc noch Simon ontwart het raadsel van het schrijverschap al komt Luc in de buurt met zijn constatering 'dat wij overgeleverd zijn aan taal en aan toeval en dat dit herkennen het enige is dat ons rest.' Zo is het, zonder woorden zijn we nergens. 'Ik verstik mezelf in zwijgen. Ik kan geen woord vinden. Ik word een steen', om met Camperts Simon te spreken. Er is - met alle overeenkomsten één belangrijk verschil tussen de intrigerende boekenweek-verhalen van Claus en Campert. Een slaapwandeling zit vol actie, sfeerbeelden en verwijzingen, terwijl de verstilde Campert, die zijn hoofdpersoon laat zeggen dat hij als schrijver 'geen drama' heeft, meer bespiegelt dan beschrijft. Om in de sfeer van het boekenweekthema te blijven: Claus is de man van het epos, Campert lijkt op een hellenistische dichter, subtiel, poëticaal, de liefde als onderwerp combinerend met zelfreflectie over het schrijverschap.
Algemeen Dagblad, Menno Schenke, 17-03-2000
De zeventigers van onze literatuur doen het deze Boekenweek in kort bestek. Het theater, de brief en de waarheid van Harry Mulisch, het Boekenweekgeschenk, telt 85 bladzijden, Hugo Claus' De slaapwandeling komt maar tot 63 pagina's. En de nieuwe Remco Campert, Als in een droom, lees je ook in iets meer dan een uur. Een vertelling, is de bescheiden ondertitel van Camperts mooie en ontroerende juweeltje. Als je deze kleine roman zou moeten samenvatten in een paar woorden, bedenk je zoiets als 'was het leven maar een mooie droom'. Maar zo is het niet, dat weten we. Schrijver Simon heeft een relatie met Olga, die werkt voor de toneelgroep Het Gezelschap. In terugblikken en in dromen trekt Simons leven voorbij. Die Simon, in wie ongetwijfeld gebeurtenissen uit Camperts eigen leven zijn verpakt, dacht dat-ie een grote liefde had: Lana, vriendin van zijn vroegere boezemvriend, de succesrijke kunstschilder Maurits. Maar ja, die grote liefde was een gedroomde liefde, want toen Maurits en Lana uit elkaar dreven en Simon toch zijn kans greep, liet hij Lana na een poosje zitten - een beetje laf van 'm - zonder dat te durven uitspreken. 'Mijn droom bleek in het daglicht niet houdbaar', schrijft Campert treffend. Droom en herinnering staan, net als in Mulisch' Boekenweekgeschenk, in deze novelle tegenover de werkelijkheid. Berovingen op straat, 'een burgeroorlog die een paar landen verder woedt' en Olga's toneelgroep die om solidariteit te betuigen, in dat verscheurde land gaat optreden. Het leven is hard: een Zweedse toneelschrijver pikt Olga van Simon af. En van haar houdt Simon echt: 'Het afscheid van haar ontroert me.' Remco Campert is in deze vertelling af en toe heerlijk Nederlands: 'Voor die crematie is jaar in jaar uit betaald en dat geld gooi je niet weg.' Als hij zijn verhouding met Olga analyseert, doet hij dat in zinnen zonder hoofdletters en zonder punt aan het eind. Hij mijmert ook over poëzie: 'Het gedicht is op zijn mooist als het op weg naar af is.' 'Dromen zijn boodschappen van mezelf aan mezelf en ik zal ze serieus moeten nemen', schrijft Campert. Als in een droom, een fijnzinnig dunnetje, is er het prachtige resultaat van. U mag de nieuwe Campert niet missen!
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen