Info over dit verslag
Geschreven door: | |
Kwaliteit: | ![]() ![]() ![]() |
Waardering: | ![]() ![]() ![]() |
Taal: | Nederlands |
Woorden: | 1081 |
Opvragingen: | 9 |
Hulpmiddeltjes
Waardering
Gemiddelde waardering: 3 uit 5 (13 stemmen)
Titels van Boudewijn Büch
Brieven aan Mick Jagger (5) 1988 De blauwe salon (1) 1981 De bocht van Berkhey (3) 1996 De hel (21) 1994 De kiezen van de keizer (0) 2000 De kleine blonde dood (72) 1985 De rekening (8) 1989 Eerstejaars (1) 1985 Geestgrond (5) 1995 Het bedrog (4) 1993 Het dolhuis (17) 1987 Het geheim van Eberwein (6) 2003 Links! (1) 1986 Weerzien (1) 1984
Laatst gewijzigd op 22 januari 2004
1.
Titel: De kleine blonde dood
Auteur: Boudewijn Buch
Uitgever: De Arbeiderspers
Plaats van uitgave: Amsterdam
Jaar van uitgave en druk: 1985 (1985)
Blz. 195
2.
Chronologisch/niet Chronologisch:
Het boek bestaat uit vele flashbacks die de relatie tussen Boudewijn en zijn vader
en zijn zoontje duidelijk moeten maken. Beide personen zijn al overleden, op het moment dat het boek verteld wordt. De flashbacks in het verhaal vertellen de herinneringen die de hoofdpersoon heeft. Zo komt de lezer meer te weten over het leven van Boudewijn. De flashbacks kunnen sommige situaties goed verklaren. Het verhaal is dus beslist niet chronologisch verteld. ‘’Ongeveer 20 jaar na de gebeurtenis…”(100), “Al een jaar woonde…”(112), “Het was 31 oktober 1956…”(148), “Zes jaar na…”(171).
Ruimte:
De belangrijkste ruimte waar het verhaal zich afspeelt zijn: de omgeving van Wassenaar rond zijn ouderlijk huis en Voorschoten komt ook nog twee keer in het boek voor. Verder speelt het boek zich af in zijn woonplaats in Amsterdam, en de vakantie in Italie. Er lopen twee verhalen in een andere tijd door elkaar, de tijd waarin Boudewijn opgroeit thuis, en wanneer hij zelf een zoon heeft.
Het verhaal speelt zich tijdens de jeugd van Boudewijn af in zijn wijk en vlak na de oorlog.
Tijdsduur:
Het verhaal speelt zich enkele jaren na de Tweede Wereldoorlog af, waarschijnlijk in het begin van de jaren 50. De gevolgen van de oorlog zijn in het boek duidelijk te merken. De vader van Boudewijn is namelijk hoofd van de reservepolitie. Ook wordt er nog veel over de gruwelijke daden van de oorlog gesproken en was er nog niet in ieder huishouden een televisie aanwezig.
De vertelde tijd is ongeveer twintig à vijfentwintig jaar. Het verhaal begint als Boudewijn een jongetje is van 5 à 6 jaar. Op het moment dat hij zelf vader werd was hij nog student, ongeveer 20 jaar. Het verhaal in het boek eindigt als Micky als 5-jarige jongen overlijdt.
Er zijn twee verhaallijnen. Zo is er het verhaal dat Boudewijn nog jong is en samen met zijn vader, moeder en broers woont, en er is de verhaallijn dat Boudewijn inmiddels vader is. Beide verhaallijnen lopen in elkaar over op de manier waarop ze vertelt worden. De verhaallijnen zijn even belangrijk en hebben met elkaar te maken. De gebeurtenissen die plaatsvonden tussen Boudewijn en Rainer worden vergeleken met die van Boudewijn en Micky.
3.
Thema:
Drie thema's staan in dit boek centraal: oorlogstrauma van de vader, de homoseksualiteit van de hoofdpersoon en de dood van 'de kleine blonde'
Een ander thema wat niet zo duidelijk naar voren komt, maar wat wel een beetje een rol speelt, is de eenzaamheid van Boudewijn. Hij verliest namelijk eerst zijn vader, dan zijn zoon en Mieke. Er blijft niemand over.
Motieven:
- oorlogstrauma’s:
Vader Buch en Onkel Jobab hebben trauma’s overgehouden aan de oorlog.
- zelfmoord:
Vader heeft enkele malen zelfmoordpogingen gedaan en het is hem uiteindelijk gelukt. Boudewijn had in het opvanghuis al bijna de neiging om zelfmoord te plegen.
- alcoholverslaving:
Vader Büch was regelmatig dronken en ook Mieke heeft een drankprobleem. Boudewijn drinkt zelf ook best veel, maar beperkt zich vanwege Micky.
- Homoseksualiteit:
Boudewijn was homoseksueel, ondanks zijn relatie met Mieke en Fleurette.
- Antisemitisme:
de jodenhaat in de oorlog tegen alle joden.
- Vader-zoon-relatie:
De opvallende genegenheid tussen vader en Boudewijn, waar zelfs moeder Büch jaloers op is. Zij snapt niet waarom vader en zoon elkaar zo goed begrijpen.
4a.
Rainier, vader:
Vader speelt een hele belangrijke rol in dit boek. Hij heeft 6 zonen en hij heeft WO II overleefd en voelt zich schuldig, omdat zijn broers en zussen niet meer leven. Hij heeft last van een oorlogstrauma en hierdoor doet hij hele vreemde dingen. Hij kan bijvoorbeeld ontzettend boos worden en dan slaat hij alles kort en klein in het huis. Hij onderdrukt zijn gezin en mensen uit zijn directe omgeving. Zijn militaristische gedrag leidt tot een scheiding van zijn vrouw. Hij hertrouwt enkele malen, maar uiteindelijk pleegt de vader zelfmoord. Hij is van joodse afkomst en heeft in de oorlog veel gedaan voor Nederland. Hij is aan de ene kant erg tegen Duitsers en laat dat ook goed blijken, maar aan de andere kant treedt hij wel hard en militaristisch op.
Hij is een type, omdat zijn persoon niet verder wordt uitgewerkt.
Moeder Büch:
De moeder van Boudewijn lijdt eveneens onder het gedrag van haar man. Ze is een lieve zorgzame vrouw die Boudewijn en zijn broers probeert te beschermen tegen hun vader. Zij is van Italiaanse afkomst en heeft tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken gezeten. Ze weigert het kind van Boudewijn te zien.
Moeder Büch is een type, omdat ze niet zo uitgebreid beschreven wordt.
Mieke:
Boudewijn heeft een relatie met een veertien jaar oudere vrouw, die vroeger een lerares van hem was. Ze krijgen samen een zoon, maar door haar drankprobleem kan ze hem niet zelf opvoeden. Zelfs als Micky is overleden komt ze niet naar zijn crematie.
Mieke is een type, want we leren haar niet echt goed kennen.
Micky:
Micky wordt geboren uit de relatie tussen Boudewijn en Mieke. Hij is een levendige en enthousiaste jongen en, evenals zijn vader, fan van Mick Jagger. Hij overlijdt op vijfjarige leeftijd aan een geknapt hersentumor.
Micky is duidelijk een type, omdat je niet veel over hem te weten komt.
De oma van Boudewijn:
Ze is afkomstig uit Italië. Volgens Boudewijn kon ze altijd heel mooi vertellen. Hoe ouder ze echter wordt, des te meer dement. Ze slijt de laatste jaren van haar leven, vastgebonden in een psychiatrisch ziekenhuis waar ze zelfs haar eigen dochter niet herkent. Ze is een type.
5a.
Ik kan mezelf moeilijk herkennen in een persoon uit het boek. De enige persoon op wie ik dan uit kan komen is Boudewijn. De karakters van de andere personen lijken totaal niet op die van mij. Degene waar ik me helemaal niet in kan herkennen is Rainier. Hij heeft aan de oorlog een groot trauma overgehouden en heeft dat zijn hele leven gehouden. Ik heb oorlog nooit meegemaakt en weet dus ook niet hoe ernstig het is. Boudewijn voelde zich heel erg onzeker over zijn opvoedingscapaciteiten. Zelf heb ik natuurlijk nog geen kind opgevoed, maar die onzekerheid kan ik mezelf wel voorstellen.
Hij weet niet of hij de dingen wel goed doet. Ik weet zeker dat ieder mens wel onzekerheden heeft over zichzelf en dat is ook helemaal niet erg, maar mensen die echt superonzeker zijn die hebben het een stapje moeilijker. Je kunt onzeker zijn over je uiterlijk maar ook zeker over je innerlijk en of iedereen je wel mag.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.




Openen in tekstverwerker
Printen
Emailen