geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

ff n studiebreak

Bankhangende Justine steekt loom haar duim op voor niet-sportende jongeren. Want wie sport er tegenwoordig nou nog?

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

Geschreven door:

anoniem (5 havo) [meer]

Datum ingestuurd:

27 oktober 2003

Taal:

Woorden:

2.150

Bekeken:

2698 keer (9 deze maand)

Waardering:

3.3/5 (7 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

I Beschrijvingsopdracht

1 Korte motivatie van je boekkeuze
Ik had niets over dit boek gehoord. Maar zag het in de bibliotheek staan en wist dat het op de lijst stond dus nam het maar mee.
2 Eerste persoonlijke reactie
Het boek is best wel saai en langdradig. Wel vond ik het best interessant om over problemen te lezen over deze familie. Want het is gewoon de realiteit.
Ook wou ik het boek graag verder lezen, om erachter te komen hoe de familie verder leefde.
3 Samenvatting van de inhoud
Engelbert is een roman over mensen, hun obsessies en de manier waarop deze hun relaties beïnvloeden. De roman ontleent zijn naam op het eerste oog aan Leo Engelbert, slager van beroep, getrouwd met de katholieke Emmelien en vader van enige lichtzinnige dochter Mathilde. Maar behalve dat deze twee vrouwen een minstens zo belangrijke rol spelen, zijn er ook nog Emmeliens lieve zuster Julia, haar zieke man Daan Leris en hun vegetarische dochter Eva. De roman bestaat uit drie delen. Het eerste deel speelt zich af in de jaren vijftig, het tweede in de jaren zestig en het derde in de jaren tachtig.
De obsessies die deze mensen in hun greep hebben, zijn het katholieke geloof en vooral de seksualiteit. Het eerste deel begint ermee dat Emmelien ruzie maakt met Daan én Julia. Eva gaat uit eten met haar vriend Paul en zijn mooie en rijke moeder die op bezoek is uit Amerika. Emmelien maakt zich zorgen over Mathilde, maar met Leo kan ze er niet over praten. Hij vindt zijn dochter een leuke en gezonde meid en geeft daarom liever aandacht aan zijn postzegelverzameling, met andere woorden: Emmelien moet ophouden met zeuren. Leo Engelbert is een levensgenieter en dat wil hij laten zien ook. Het probleem is alleen, dat zijn vrouw Emmelien zich met grote onverzettelijkheid vastklampt aan de moraal die Rome op dit punt voorschrijft en daardoor heeft hij zich op den duur wel gedwongen gezien zijn toevlucht te zoeken bij het hoertje Ploosje. Emmelien zoekt steun en hulp bij de nieuwe kapelaan die een huisbezoek doet. In het einde van het eerste deel steft Daan, na lange tijd ziek te zijn geweest.
In deel twee raakt Mathilde zwanger en en gaat prostitueren om aan geld te komen voor een abortus. De volgende keer dat ze in verwachting raakte, trouwde ze met de vader van haar kind, Blanco. Er ontstaan meningsverschillen over het wel of niet vlees eten tussen Leo en Eva. Julia heeft een affaire met haar werkgever.
Het derde deel begint met een grote familie bijeenkomst. Mathilda heeft twee kinderen: Jacinta en Dennis, maar geen man meer. Leo drinkt te veel en krijft een beroerte waardoor hij in een tehuis moet gaan wonen. Eva is getrouwd met een dokter maar hun relatie is niet de beste en als ze zwanger raakt neemt ze een abortus. Ze gaat een keer uit eten met Paul, die in Amerika woont met vrouw en kinderen en heel rijk is geworden. Hij zegt alles te willen opgeven voor Eva maar zij wil absoluut niet. Emmelien laat de winkelruimte verhuren aan twee homoseksuelen die er een kledingwinkel van maken. Het boek eindigt ermee dat de lezer Leo zijn gedachten over het leven mogen lezen.


II Verdieping

Verdiepingsopdracht 1
1a Bespreek de vertelsituatie en de gevolgen daarvan voor de lezer van het door jou gekozen boek.
Het verhaal wordt verteld door een alwetende verteller. Er zijn meerdere belangrijke personages en ze komen allemaal aan het woord door de veelvuldige dialogen. De alwetende verteller is er altijd om informatie bij te vullen of om een personage zijn gedachten of gevoelens te laten uiten. Dit gebeurt vaak bij Julia, Eva, Paul, Engelbert en Emmelien maar heel zelden bij Daan en nooit bij Mathilde, waardoor ze niet even dicht bij de lezer komen te staan. Tegen het einde van de roman kijkt Leo op zijn leven terug.
b Bespreek de thematiek. Noem het thema en motieven.
De thema’s zijn: - Graag iemand anders willen zijn.
- Verdovingsmiddelen en andere vormen van troost om
te overleven.
En de motieven zijn:- Ziekte
- Eenzaamheid
- Liefde
- Jaloezie
- Ontrouw
- Seks
- Het geloof
- De dood
- Relatieproblemen

c Bespreek de ruimte. Noem de plaatsen en vermeld hun belang voor thema en
motieven.
Over de plaats wordt niks verteld maar ik denk wel dat het in Nederland is. Het is ook niet zeker of het in de stad afspeelt, maar ik denk het wel. Ik denk niet dat je in die tijd taxi’s had in dorpen. De plaats geeft het verhaal geen extra betekenis omdat het anders wel duidelijker was omschreven.

Verdiepingsopdacht 2
2a Ga na of en in hoeverre de tekst autobiografische elementen bevat.
Het is niet autobiografisch, maar omdat Mensje van Keulen zoveel wordt beïnvloedt door de rages en dergelijke in dat tijdperk, dat ze over niets ander smeer kan schrijven.
b Noteer de gebruikte van secundaire literatuur nauwkeurig en bibliografisch juist.
Jaap Goedegebuure, De Lust des vlezes, HP / Haagse Post, 14-11-1987.

Engelbert heet de nieuwe roman van Mensje van Keulen, net als het personage dat het meest frequent in beeld komt; als ik haar uitgever zou zijn, had ik voorgesteld het boek Vlees te noemen. Wat is er immers mooier dan een korte, pakkende en dubbelzinnige titel? Aan een motto had ik de schrijfster trouwens ook wel willen helpen. Mijn keus zou gevallen zijn op een citaat uit het slotgedeelte van het boek: "Sex is alles, alles is sex." Het is Ploosje die hier spreekt, het hoertje dat slager (!) Engelbert op geregelde tijden aan zijn gerief hielp nu zijn vrouw zich uit roomse bigotterie aan de huwelijkse plichten meende te moeten onttrekken. En dat terwijl de brave vleeshouwer altijd zo opgewonden raakte van het brede achterwerk dat zijn Emmelien hem toedraaide.
De lust des vlezes en de weerzin ertegen vormen de uitersten waartussen de personen en hun handelingen zich bewegen. Op dat stramien heeft Mensje van Keulen een ouderwets aandoende, oer-Hollandse familieroman geschreven. Tegenover het paar Engelbert-Emmelien staan Julia, Emmeliens zuster, en haar man Leris. Bij dit stel liggen de verhoudingen precies andersom. Julia is gezond van lijf en leden, maar heeft het ongeluk dat haar ega zwak van gestel is en bovendien geestelijk uitgeblust. Hij windt zich nog uitsluitend op wanneer zijn fijn-katholieke schoonzuster te dicht in de buurt komt. Beide gezinnen worden gecompleteerd door een dochter. Die van de slager, Mathilde, vindt een mannelijk onderlijf 'het lekkerste in de wereld', haar nicht Eva daarentegen moet op latere leeftijd toegeven dat het andere geslacht haar bitter is tegengevallen. Het toeval wil dan ook dat zij uit afkeer voor het bloederige beroep van haar oom Engelbert principieel vegetarier wordt.
Naast dit zestal hoofdpersonen uit de directe familiekring is er een aantal bijfiguren: de al genoemde Ploosje, de vrijers van de meisjes, de gefrustreerde werkgever van Julia, en kapelaan Milberg, een roomse boeteprediker aan wie bisschop Gijsen nog een puntje kan zuigen. Of Van Keulen hem nu zo goed heeft getroffen in zijn authentiek-tofelemoons jargon, of dat ze zijn aanwezigheid op een andere manier voelbaar heeft weten te maken, het is me niet helemaal duidelijk, maar zeker is dat dit personage naar verhouding het best uit de verf komt. Bovendien is zijn soort (zwart pak, wit boordje, zalvende gebaren met de handen) al weer zo lang uit de circulatie (ik zie even af van de reeds vermelde Gijsen en zijn ambtsbroeder Simonis) dat het aura van het exotische hem omgeeft. De andere figuren staan veel dichter bij ons, en daarmee hebben ze stuk voor stuk iets stereotieps, dat op de zenuwen kan gaan werken wanneer men het kleinburgerlijk milieu ook in het echt al iets verstikkends vindt.
In het verleden (en ik denk dan vooral aan Van Keulens roman Van lieverlede en Overspel) had ik daar nog al eens last van. Hoewel er wat sfeer en verloop van het verhaal aangaat weinig veranderd is, heb ik Engelbert bij eerste lezing toch heel wat beter kunnen verteren. Voor mij heeft dat zonder enige twijfel te maken met de vrijwel vlekkeloze techniek die deze schrijfster zich in de loop van haar carrière eigen heeft gemaakt. Ze produceert niet zo veel, maar wat ze uit handen geeft is stilistisch zeer doorwrocht. In dat opzicht heeft ze veel gemeen met Flaubert, wiens gestalte je trouwens menigmaal achter de zwoegende rug van Mensje van Keulen ziet opdoemen. Engelbert bevat zinnen die niet zouden misstaan in Madame Bovary, dat grote epos van platvloersheid en desillusie. Des te spijtiger is het dat Van Keulen na de herhaalde excursies in de benauwende binnenwereld van de burgerman er nog altijd niet genoeg van blijkt te hebben. Haar voorlaatste boek, de verhalenbundel De ketting, leek te suggereren dat ze eindelijk was losgekomen van de jaren vijftig. Maar nu is ze er even zo vrolijk naar teruggekeerd, als een antropoloog naar de laatste primitieve cultuur. En als er dan tenminste nog iets nieuws viel te ontdekken, iets dat we uit haar vorige werk nog niet wisten! Maar nee.
Er is dus maar één conclusie mogelijk, en die moet wel luiden dat Mensje van Keulen zo sterk wordt geobsedeerd door het tijdperk van de bleke levens, de grauwe lakens, de zwartrokken en wat er nog meer niet deugt aan de naoorlogse decennia, dat ze over niets anders meer schrijven kàn. Ze is een Rembrandt of een Van Gogh die is geconditioneerd op het beschilderen van lampekappen. Of om het wat minder overdreven te zeggen: wat jammer dat zo'n vaardige en bij vlagen zelfs knappe auteur zich aan zo'n inferieur genre vergooit. Maar ja, de geest kan dan wel gewillig zijn, het vlees is meestal zwak.

Verdiepingsopdracht 3
3a Bespreek de plaats van het boek in het hele oeuvre van de schrijver. Vergelijk daartoe de thematiek van het boek met de algemene thematiek van de schrijver.
In het werk van Mensje van Keulen komen de elementen ‘bloed’ en ‘winkels’ opvallend vaak voor. ‘Bloed’ is bij de schrijfster een beladen woord, ‘winkels’ zijn oases. De tegenpolen lijken onverenigbaar. Toch bestaan er winkels waar bloederige artikelen worden verhandeld: slagerijen. Een slager is de hoofdpersoon van Engelbert.
Sinds 1972 heeft Mensje van Keulen een oeuvre bij elkaar geschreven dat op het eerste gezicht tamelijk heterogeen lijkt. Vier romans, elke volgende omvangrijker dan de vorige. Eén kinderboek en één kinderverhaal. Twee verhalenbundels. Eén bundel met korte, verhalende gedichten en één lang, verhalend gedicht. En één toneelstuk. Ook verscheen nog, als losse uitgave, het verhaal ‘Pension’, maar dat is, sterk gewijzigd overigens, opgenomen in haar tweede verhalenbundel.
En de wereld van de kinderboeken, waarin altijd alles uiteindeiljk op zijn pootjes terecht komt lijkt wel heel ver af te staan van zowel Anna Moline als Lotgevallen alsmede de ‘smlle’ wereld van haar romans en verhalenbundels. Toch zijn er twee tegenpolen die in al het werk terugkeren. Twee verschijnselen met een, voor Mensje van Keulen blijkbaar grote geladenheid. Van het ene verschijnsel zal het voor niemand onbegrijpelijk zijn dat het in het werk een spanningsveld creëert.
In Engelbert wordt consequent de lijn doorgetrokken van die drie eerdere romans. Qua stijl en opbouw is er grote verwantschap tussen die drie erste romans en Engelbert. Engelbert is alleen nog geconcentreerder, nog stugger dan bv Overspel.
b Noteer de gebruikte secundaire literatuur nauwkeurig en bibloigrafisch juist.
Maarten ’t Hart, De wereld van Mensje van Keulen; Oases van bloed, NRC Handelsblad, 28-07-1989.

In het werk van Mensje van Keulen komen de elementen ‘bloed’ en ‘winkels’ opvallend vaak voor. ‘Bloed’ is bij de schrijfster een beladen woord, ‘winkels’ zijn oases. De tegenpolen lijken onverenigbaar. “Toch bestaan er winkels waar bloederige artikelen worden verhandeld: slagerijen.” Maarten ’t Hart beschrijft in de serie Klassieken de roman Engelbert waarin de uitersten samenvallen. Een slager is de hoofdpersoon.
Sinds 1972 heeft Mensje van Keulen een oeuvre bij elkaar geschreven dat op het eerste gezicht tamelijk heterogeen lijkt. Vier romans, elke volgende omvangrijker dat de vorige. Eén kinderboek en één kinderverhaal. Twee verhalenbundels. Eén bundel met korte, verhalende gedichten en één lang, verhalend gedicht. En één toneelstuk. Ook verscheen nog, alslosse uitgave, het verhaal ‘Persion’, maar dat is sterk gewijzigd overigens, opgenomen in haar tweede verhalenbundel.
Het lijkt alsof de ‘minimal’ wereld zoals zij in de romans, verhalen en dat ene toneelstuk beschreven wordt weinig gemeen heeft met de groteske wereld van de balladen diein Lotgevallen zijn gebundeld, en met de schelmenroman in dichtvorm die onder de titel De avonturen van Anna Moline verscheen. En de wereld van de kinderboeken, waarin altijd alles uiteindelijk op zijn pootjes terecht komt (maar vraag niet wat daaraan is voorafgegaan!) lijkt wel heel ver af te staan van zowel Anna Molino plus Lotgevallen alsmede de ‘smalle’ wereld van haar romans en verhalenbundels.
Toch zijn er twee tegenpolen die in al het werk terugkeren. Twee verschijnselen met een, voor Mensje van Keulen blijkbaar grote geladenheid. Van het ene verschijnsel zal het voor niemand onbegrijpelijk zijn dathet in het werk een spanningsveld creëert.

III Evaluatie

1 Geef je eindoordeel over het boek
Ik vond het boek best interessant. Want zo zie je hoeveel hoop mensen kunnen vestigen op hun geloof. Het verhaal maakte me ook best nieuwsgierig over hoe het verhaal af zo lopen, of iedereen weer een beetje op het rechte pad kwam.
2 Geef je oordeel over het uitvoeren van de verdiepingsopdracht.
Het maken van de opdrachten ging eigenlijk best goed. Ik heb er geen problemen mee gehad. Deze opdrachten waren makkelijker als de vorige vond ik.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.