Waar gaat jouw geld allemaal aan op? Heb jij een gat in je hand? Of ben je juist een spaarder? Heb jij een bijbaantje of heb je die extra inkomsten niet nodig?

Doe mee aan het Scholierenonderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!

Boekverslag Marga Minco

De val

... 9 10 11 12 13 [14] 15 16 17 18 19 ...

Info over dit verslag

Geschreven door:

Vincent Bitter

Niveau:

4VWO

Kwaliteit:

Waardering:

Taal:

Nederlands

Woorden:

4287

Opvragingen:

103

Hulpmiddeltjes

Openen in tekstverwerker Openen in tekstverwerker

Printen Printen

Emailen Emailen

Waardering

Gemiddelde waardering: 3 uit 5 (15 stemmen)

Heb je er iets aan gehad? Geef zelf je waardering:
Erg goed bruikbaar
Goed bruikbaar
Bruikbaar
Een beetje bruikbaar
Niks aan gehad

Titels van Marga Minco

Laatst gewijzigd op 7 oktober 2003

Primaire bibliografie: Marga Minco, De val, Bakker, Amsterdam 1983, 17e druk (1994)

Bibliografie uittreksel: het uittreksel heb ik van internet. De site heet: http://huiswerk.scholieren.com/uittreksels/verslag.php?verslagid=6391

Bibliografie recensies: De Groene Amsterdammer van 22-06-1983 en Trouw van 05-05-1983 geschreven door Tom van Deel.

Uittreksel:

Ik heb de samenvatting in lijnen gemaakt:

1e lijn:
vertelt een werkdag van de gemeentewerklui Baltus en Verstrijen. Hun taak is het om de putten van de stadsverwarming leeg te pompen. Het grondwater dat door de hete buizen stroomt is oververhit. Beide mannen hebben geen zin om te werken. Verstrijen is te druk met zijn problemen thuis en Baltus loopt de kantjes ervan af. Baltus is het ook die verzuimt bij een open put veiligheidshekken te plaatsen, waardoor het ongeluk (de val) gebeurt.

2e lijn:
hierin staat de oude joodse vrouw Frieda Borgstein centraal. Zij is de hoofdpersoon van ‘De Val’. Een eigenzinnige dame met een sterke wil. ’s Morgens bij het opstaan heeft zij veel spierpijnen maar daar bijt zij zich doorheen ( blz. 15: “Pijn wil zeggen dat je bestaat.”). Dit geldt ook voor haar leven: op 21 april 1942 worden haar man Jakob en haar kinderen Olga en Leo weggevoerd door de SD. Het gezin stond klaar om naar Zwitserland te vluchten. Dat zou door Hein Kessels gebeuren. Frieda gaat nog even naar boven om een vest voor haar dochter te halen. Zij treuzelt wat en hoort dan beneden stemmen. Ze rent naar beneden, struikelt en valt. Ze is te laat: man en kinderen zijn verdwenen. De val (het toeval) had haar van haar gezin beroofd. Haar verjaardag heeft Frieda nooit meer gevierd. Zij leeft met haar herinneringen. Omdat ze de volgende dag 85 jaar zal worden, besluit Frieda het hele bejaardenhuis, waar zij verblijft, te trakteren. Zij vindt deze leeftijd het vieren waard: het is vooral de herinnering aan haar laatst gevierde verjaardag 40 jaar geleden die haar dit doet besluiten. Al die tijd heeft zij bewust met haar doden geleefd. Nooit wilde ze daarom de stad verlaten waar ze met haar gezin heeft gewoond. Daarom hertrouwt zij ook niet: wijst meneer Marks, medebewoner van het bejaardenhuis, af.
Frieda wandelt graag langs de rivier. Zij neemt dan het portret van Jakob mee in haar tas.
Op de noodlottige dag verlaat Frieda het bejaardenhuis om dingen voor haar verjaardag te regelen. Het is guur weer en koud. Zij valt in de openstaande put. Verstrijen tracht haar nog te redden, loopt zelf brandwonden op. De redding is te laat, Frieda overlijdt.

3e lijn:
Ben Abels is de klusjesman in het bejaardenhuis. Frieda schenkt hem wel haar vertrouwen. Als zeventienjarige kwam hij in 1938 bij Jakob Borgstein op kantoor en werd verliefd op dochter Olga. Hij overleefde het kamp, vluchtte de wereld over totdat hij ergens zijn kampbeul tegenkwam en terugkeerde naar Nederland. Hij praat regelmatig met Frieda, echter weinig over de oorlog. Hun relatie loopt via hun doden. Op de noodlottig dag zal het bejaardenhuis bezocht worden door twee Zweden met een Nederlandse begeleider. Abels herkent in hem Hein Kessels.

4e lijn:
Dit is de lijn van de al eerder genoemde Hein Kessels. Hij zou als jongeman het gezin Borgstein in 1942 naar Zwitserland brengen. Toen hij bij hun deur verscheen stond de SD achter hem. Hein vertelt aan Abels waarom in zijn ogen de vlucht mislukt is, maar hij kan niet alles verklaren. Ook hier speelden pech en toeval een rol.

Ervaringsverslag ‘De Val’, Marga Minco.

‘De Val’ is een korte novelle (92 bladzijden), die heel gemakkelijk leest. Minco gebruikt beeldende taal en als lezer leef je snel mee met de hoofdpersoon Frieda. Het verhaal is opgebouwd uit 4 verhaallijnen (zie samenvatting). Iedere lijn volgt één of meerdere personen.

Verhaallijnen.
Deze 4 lijnen worden in de samenvatting volgens mij duidelijk aangegeven. Deze lijnen kruisen elkaar door toeval. Je zou ook over noodlot kunnen spreken, want de oude vrouw Borghuis overleeft het niet.

Personages.
- Frieda Borghuis: de eigenlijke hoofdpersoon. Een krasse oude dame van bijna 85 jaar. Zij is eigengereid, wordt ‘ijzerenheinig’ genoemd (door Bien Hijmans). Heeft voorkeur voor rekenen. Zij is ook attent, wat autoritair. Leeft eigen leventje, met haar herinneringen. Elke kleine aanleiding is voor haar voldoende om aan een gebeurtenis terug te denken uit de tijd dat haar man en kinderen nog leefden. Zij sleept het verleden achter zich aan. (blz. 43: haar jas sleept over de grond, symbool voor het verleden dat Frieda met zich meesleept).
- Ben Abels: kan ook niet loskomen van zijn oorlogsverleden. Hij zoekt echter geen verklaringen zoals Frieda wel doet. Abels kent Frieda (en haar gezin) al heel lang en ze hebben een band.
De andere personages zijn bijfiguren, die bij het toeval/het noodlot wel hun eigen rol spelen:
- Baltus: gemeentewerker. Onverschillig, kankeraar. Verkletst veel van zijn werktijd. Als hij niet zo’n zwakke blaas had gehad en niet zo’n kletsmajoor was geweest …
- Verstrijen: collega van Baltus. Midden dertig, thuis huwelijksproblemen. Probeert nog Frieda te redden. Als hij niet bij de put was weggegaan …
- Stadspostjongen: als hij meteen naar de monteurs Baltus en Verstrijen was gegaan en als hij niet zo lang was opgehouden op enkele kantoren …
- Rena van Straaten: directrice bejaardenhuis. Houdt van orde.
- Bien Hijmans: hoofd huishouding, tegenpool van Rena. Nonchalant, spontaan en driftig. Als zij gehoor had gegeven aan haar sombere voorgevoel … Als Rena zoals anders Frieda had nagekeken … Als het Zweedse bezoek niet een half uurtje eerder was gekomen …

- Meneer Marks: zeer attent. Als hij geen darmkramp had gehad … Als hij het niet te koud had gevonden om met Frieda mee te gaan …
- Hein Kessels: gezet met dun, grijs haar. Wordt door Abels herkent als de man die de familie Borghuis zou wegbrengen. Ook Hein heeft het gebeurde nooit kunnen vergeten en er nooit eerder over gepraat. Als hij die 21ste april zes minuten later was gekomen …
Het blijkt wel hoeveel mogelijke verklaringen er zijn voor een gebeurtenis. Vanuit ieder personage heb je begrip voor zijn/haar handelen, bij niemand kan de schuld worden gelegd, in 1942 niet en ook in 1982 niet!

Tijd.
‘De Val’ beschrijft een periode van 40 jaar: het tragische moment dat de familieleden van Frieda opgepakt worden (1942) tot het tragische moment dat Frieda in de put valt (1982).

Plaats/ruimte.
Frieda heeft nooit weg willen gaan uit de stad waaruit haar gezin weggevoerd is. Zij had naar
Australië kunnen gaan, maar deed dat niet. Haar herinneringen en ook haar trouw aan haar overleden gezin hielden haar in dezelfde stad.
Het angstige leven in de 2de Wereld Oorlog dat de joodse mensen hadden is moeilijk in te schatten voor mij, leven in een bejaardenhuis natuurlijk ook.

Omstandigheden.
Door het hele verhaal heen speelt het toeval een enorm grote rol. ‘Als dit ..’en ‘als dat ..’ staat zeer centraal. De omstandigheden waardoor de dingen gebeuren is vanuit ieders perspectief te begrijpen, maar alles bij elkaar verandert het toeval wel in noodlot, zowel in 1942 als in 1982.
Het boek gaat dan ook over de macht van het toeval, dat met de mens doet wat het wil. Het is zinloos verklaringen te zoeken voor dit toeval. Frieda heeft dat nooit kunnen accepteren; zij is zichzelf altijd blijven afvragen waarom zij niet werd opgepakt door de SD. Haar voorliefde voor rekenen heeft hiermee te maken: ‘Cijfers waren neutraal, koel, onbeladen; ze boden haar houvast en schermden de beelden voor haar af die ze nog niet aan kon’(blz. 29).

Verklaring titel.
De titel ‘De Val’ slaat op twee dingen:
1. de val waarin de familie Borghuis in 1942 liep (en Frieda van de trap viel). Frieda was de enige overlevende.
2. de val van Frieda in de put, hetgeen haar dood tot gevolg had (1982).
De twee ‘vallen ‘vertonen overeenkomsten:
a) de SD reed in een grijze auto, de twee monteurs ook
b) zowel in 1942 als in 1982 was het grauw weer
c) in 1942 ging Frieda nog snel even Olga’s vest halen, in 982 trok zij op aanraden van de directrice nog snel even een warm vest aan
d) in 1942 kwam Kessels zes minuten te vroeg, in 1982 kwam het Zweedse bezoek (waar Kessels deel van uitmaakte) een half uur eerder dan afgesproken

Stijl.
Het boek bevat naast een duidelijke, objectieve beschrijving van de gebeurtenissen ook veel gedachteweergaven. De meeste daarvan zijn herinneringen in de vorm van flashbacks. Ook komen er dialogen voor. Minco gebruikt zorgvuldig gekozen woorden zonder veel afleiding.
Ik vind de stijl vrij sober.

Het vertelperspectief.
Je volgt het verhaal door meerdere ogen. Dit komt door de 4 lijnen die in het verhaal een rol spelen. Steeds bekijk je als lezer de situatie vanuit andermans standpunt. Ik had wel eens het gevoel dat ik aan het observeren was wat de persoon deed en daar steeds mijn goedkeuring aan moest hechten.

Motto.
Het motto van het boek is afkomstig uit ‘The Dean’s December’ van Saul Bellow.

‘I imagine, sometimes, that if a film could
be made of one’s life, every other frame
would be death. It goes so fast we’re not
aware of it. Destruction and resurrection in
alternate beats of being, but speed makes it
seem continuous. But you see, kid, with
ordinary consciousness you can ‘t even begin
to know what ‘s happening.’

Dit motto heeft te maken met het thema van het boek.

Thema.
Het thema van ‘De Val’ is dat de mens het leven niet kan begrijpen. Het toeval speelt een grote rol. Het is zinloos verklaringen te zoeken.
Ik ben het met deze stelling eens: je kunt van te voren heel zorgvuldig iets uitdenken en plannen, maar als het zover is loopt het toch altijd weer anders.

Recensie 1:
Is 'De Val' een klein meesterwerk?
Er zijn schrijvers die hun nationale bekendheid voor het grootste deel te danken hebben aan het feit dat hun boeken zijn doorgedrongen tot de uittrekselverzamelingen voor middelbare scholieren. Titels als 'Een zwerver verliefd', 'Oeroeg', 'De Metsiers', 'Wierook en tranen', en 'Het bittere kruid' worden om die reden met de regelmaat van de klok herdrukt. Twee dingen hebben boekjes met elkaar gemeen: ze zijn probleemloos toegankelijk voor iedereen en, minstens zo belangrijk, ze zijn flinterdun. Over de kwaliteit is daarmee nog niets gezegd; de leus dat het juist de kunst is met weinig woorden veel te zeggen klinkt verdacht uit de mond van een luierik.
De roem van Marga Minco is in elk geval stevig gefundeerd in het middelbaar onderwijs. Blijkbaar zo stevig, dat ze het zich kon permitteren zowat een half schrijversleven lezingen te geven (voor scholieren) en niets nieuws te produceren zonder dat haar reputatie daaronder te lijden had: de ondanks verschenen novelle 'De Val' werd onmiddellijk in alle balden uitgebreid besproken en unaniem geprezen. Wederom had Marga Minco een klein meesterwerk geschreven, geraffineerd van structuur en veelzeggend juist op de plaatsen waar zij weinig zei. En iedereen vond het voor de hand liggen (en dus, merkwaardigerwijs, zinvol) om 'De Val' te vergelijken met 'De Aanslag' van Mulisch. Na al die lof lijkt het me geen kwaad hier een wat relativerende geluid te laten horen.

Levensavond
'De Val' behandelt de laatste dag uit het leven van een oude vrouw, Frieda Borgstein, die haar levensavond nogal vereenzaamd slijt in een bejaardentehuis. Nadat zij vorige verjaardagen stilletjes voorbij had laten gaan, is zij van plan haar huisgenoten ditmaal (zij wordt vijfentachtig) eens te trakteren. Het wordt haar weliswaar afgeraden met slechte weer naar buiten te gaan (het heeft flink gevroren en er staat een ijzige wind). Maar zij is niet van haar stuk te brengen, ze zal vandaag de benodigde boodschappen gaan doen. Nu is het echter al gauw duidelijk dat die koppigheid haar fataal zal worden: ze zal in een verwarmingsput vallen, waaraan twee mannen onderhoudswerkzaamheden moeten verrichten. Naar de val in de put wordt consequent toegewerkt, beurtelings vanuit de monteurs en vanuit mevrouw Borgstein.
Het is dan ook geen verrassing als die gebeurtenis op driekwart van het boek plaats vindt; te vaak heeft Minco (om een oneerbiedige vergelijking te maken) een close-up van de bananenschil getoond waarover de held tenslotte moet uitglijden.
Dat vind ik een zwak punt. De kracht van het toeval, die (ook blijkens het motto van Saul Bellow) te demonstreren viel, komt door de voorspelbaarheid van de gebeurtenissen niet uit de verf. Ik hou niet zo van dat soort vergelijkingen, maar als ik 'De Aanslag' erbij moet halen zou ik dat doen om erop te wijzen dat Mulisch er in tegenstelling tot Minco wel in is geslaagd is allerlei toevalligheden op zo'n manier uit de structurering van de gebeurtenissen te laten voortkomen dat ze ook voor de lezer verrassen zijn en pas achteraf logisch en begrijpelijk, voor zover dat bij die gebeurtenissen überhaupt mogelijk is. Anthony Mertens had het in verband met 'De Aanslag' in deze krant niet ten onrechte over de charme van de zorgvuldig gedoseerde raadsels. Die charme ontbreekt aan 'De Val', zoals die aan vroeger werk van Marga Minco ontbreekt. Ook in haar beste verhalen zijn witregels al door de context te ondubbelzinnig ingevuld, het zijn geen plaatsen waar de lezer zelf (ontredeerd, tastend, fantaserend) verbanden moeten leggen. Minco schrijft wel beheerst en met een scherp oog voor emotionerende details, maar ze houdt mij alles wat te zichtbaar in de hand. Dat is de reden dat haar werk voor geen enkele middelbare scholier een probleem is. Dat van Alberts, om eens iemand te noemen die om zijn suggestieve eenvoud wordt geprezen, vindt elke leerling die eraan begint mateloos saai en onleesbaar. Wat mij betreft is dat een bewijs uit het ongerijmde voor het niveau verschil tussen beiden auteurs.

Herinneringen
De overeenkomst met 'De Aanslag' ligt louter op het preliteraire niveau van de stof: ook in 'De Val' speelt een gebeurtenis uit de oorlog een belangrijke rol. Via een kennis, Hein Kessels, zou het gezin Borgstein naar Zwitserland vluchten, maar op het moment dat Kessels hen komt halen worden Frieda's man en twee kinderen gearresteerd; zelf ontkomt ze aan deportatie doordat ze toevallig nog even naar boven moest om iets te halen. De manier waarop Frieda Borgstein met die herinneringen leert te leven en vooral de pogingen die ze doet om de herinneringen aan haar man en kinderen leven te houden, behoren tot de sterkste aspecten van het verhaal. Minder goed is de manier waarop heden en verleden met elkaar zijn verbonden, beide lagen blijven te zeer een eigen leven leiden. Ronduit een constructiefout bevat het slot van het boek. Na de fatale val gaat het verhaal nog zo'n twintig bladzijden door, een soort appendix waarin Hein Kessels, die na de oorlog nooit meer contact met mevrouw Borgstein had durven zoeken, maar die nu als vertegenwoordiger van de provinciale bejaardenzorg een bezoek brengt aan het tehuis, de ware toedracht vertelt van de deportatie van het gezin Borgstein. Kessels blijkt, anders dan Frieda Borstein had gedacht, geen verrader te zijn geweest. Niet alleen voor haar komt dat verhaal echter te laat, ook voor de lezer is het mosterd na de maaltijd. Het boek zou na de val in de verwarmingsput uit moeten zijn. En dat had gekund als de schrijfster er bijvoorbeeld voor had gezorgd dat mevrouw Borstein zou hebben geweten, althans vermoed, dat Kessels naar het tehuis kwam en dat hij daarom, om die man te ontvluchten, perse in dat hondenweer de straat op wou; het bestellen van de verjaardagstaartjes zou zij dan als dekmantel hebben kunnen gebruiken voor haar afwezigheid. Literair zou zo'n scenario heel wat winst hebben kunnen opleveren.
Om te beginnen zouden heden en verleden dan director en logischer op elkaar aansluiten; de beslissende handeling in het heden zou immers heimelijk worden gemotiveerd door een gebeurtenis uit het verleden, met alle mogelijkheden tot verhullen en dien. Vervolgens zou het de dramatische spanning ten goede zijn gekomen, zeker als de lezer via een kunstgreep te weten was gekomen wat mevrouw Borgstein niet wist, namelijk dat Kessels zijn bezoek aan het bejaardentehuis had willen gebruiken om na al die jaren eindelijk schoon schip te maken. Tenslotte had 'De Val' kunnen worden beëindigd op de enige plaats die daarvoor in aanmerking komt.

Commentaar:

Ik vind dat deze recensie heel erg pessimistisch over het boek is. Hij begint gelijk al met: “Is 'De Val' een klein meesterwerk?”. Ook begint de schrijver te vertellen over het laatste deel en zegt dat 3 kwart van het boek over de val in de put gaat, maar dat was misschien een tiende deel. De schrijver overdrijft dus behoorlijk in zijn recensie.

Recensie 2:

De dood van een overlevende
Na jaren is er van Marga Minco weer een nieuw boek verschenen, de novelle "De Val". Het is een zorgvuldig en bijzonder ontroerend geschreven verhaal waarin zoals vaker in haar werk, de kleinste dingen groter en erge gevolgen hebben. Marga Minco verstaat de kunst om details, die op zichzelf beschouwd nauwelijks anders dan banaal zijn, te laten oplichten zodra ze gelezen worden in het geheel van haar verhaal.
Het zijn bij haar vooral de dingen die gezegd worden en die op het eerste gezicht niet veel bijzonders betekenen, waarin tenslotte de wereld van het verhaal blijkt samengevat te zijn. Als de vader in "Het bittere kruid" tegen zijn dochter zegt "Haal onze jassen even" en zij daardoor de gelegenheid krijgt het huid uit te vluchten, ligt in dat eenvoudige zinnetje al het leed van Minco's "kleine kroniek" besloten. Kleinigheden, toevallige gebeurtenissen, hebben gevolgen waarvan de draagwijdte pas van uit het hele verhaal kan worden begrepen en overzien.
Het schrijven van Marga Minco bestaat in feite uit dit soort van samenvatten, het is het resultaat van schrappen en niet toegeven aan een neiging tot uitleg. Voor deze techniek zijn in de kritiek etiketten gebruikt als “zuiver”, “understatement”, “geëmotioneerde distantie”, “kernachtig” en dergelijk. Zeker is het een stijl die pathos schuwt, zowel in het taalgebruik als in de verhaalstructuur. Dat daarmee in het beste geval de emoties, hoezeer ook verdekt opgesteld, juist gebaat hebben, dat spreekt vanzelf’.
In 1957 verscheen "Het bittere kruid", in 1959 "De andere kant" en in 1966 "Het lege huis". Op nog wat vroege verhalen na, die later gebundeld werden, is al zeventien jaar niets nieuw van Marga Minco uitgebracht. Dat nu de novelle "De val er is, mag dus alleen daarom al opmerkelijk heten.

Het is het verhaal van de dood van een overlevende.
Frieda stond met haar man en twee kinderen op een afgesproken uur in de avond van 21 april 1942 achter de deur te wachten op de jongenman die hun vlucht naar Zwitserland zou organiseren. Ze merkte dat haar dochtertje kou had gevat en ging nog even naar boven om een vestje te halen. Precies in die tijd wordt aangebeld: "Harde stemmen drongen tot haar door uit de vestibule, een gesmoord tumult en vlak daarop het slaan van de voordeur. 'Wacht toch, wacht toch op mij,' riep ze. Ze stormde de trappen af, maar struikelde op een van de onderste treden over een losliggende roe. Terwijl ze viel hoorde ze het dichtklappen van autoportieren. Ze sprong op en struikelde opnieuw, over een citybag die midden in de gang stond. Met het vest tegen zich aangeklemd hinkte ze naar de deur.
De natte schemerige kade afkijkend zag ze nog net hoe ter hoogte van het bolwerk een grijze auto vaart minderde en om de hoek verdween." Net als het meisje in "Het bittere kruid" is Frieda Borgstein gered, maar ze leeft dagelijks met de dood van haar gezin. Op het moment dat Marga Minco met haar verhaal begint is ze bijna vijfentachtig jaar, en woont in een joods bejaardentehuis, voelt zich nog altijd schuldig omdat zij (waarom zij?) Het heeft overleefd en wil vooral oud worden om zo lang mogelijke nagedachtenis van haar familieleden in ere te kunnen houden.
Open put
Op de dag van de novelle gaat ze, tegen het advies van de directrice in, om voorbereidingen te treffen voor de viering van haar verjaardag. Het is buiten koud, een harde wind waait en ze kruipt diep weg in haar jas. Er is aan de overkant van de weg een put, waaruit hete stoom opstijgt. Hij wordt aan het oog onttrokken door een grijs autobusje, maar als ze dat passeert ligt daar die open put, zonder hekje eromheen. Ze valt erin.
Marga Minco heeft in klein bestek deze val van Frieda Borgstein subtiel en gecompliceerd voorbereid. De novelle begint met een hoofdstukje waarin twee monteurs van de gemeentewerken ‘s ochtends vroeg koffie drinken in hun koffiehuis. Hoewel er niets bijzonders voorvalt, is dit begin buitengewoon dreigend. Ze hebben "een karwei" voor de boeg, maar weten niet wat de loop der gebeurtenissen gaat inhouden. Ook andere personages doen in de ontwikkeling van "De val" mee: personeel van het
bejaardentehuis, ouden van dagen, een kennis uit de oorlogstijd. Zelfs blijkt later - Frieda Borgstein is al dood - dat het bezoek van een Zweedse architect aan het bejaardentehuis in verband kan worden gebracht met Frieda. Er is, kortom, door Marga Minco kundig gearrangeerd op een manier die toch genoeg vrijheid laat voor interpretatie.
Enigszins vergelijkbaar met het slothoofdstuk van Mulisch, "De aanslag", waarin plotseling iets wordt onthuld dat al het voorafgaande in een ander licht plaatst, laat Marga Minco op het eind de jongeman optreden die de Borgsteins naar Zwitserland zou brengen. Hij kan het haar niet meer vertellen, zij is dood, maar hij vertelt aan Abels, haar kennis uit de oorlogstijd, dat hij hun niet verraden had, maar kennelijk was gevolgd door SD-agenten, die toen hij aanbelde in een auto plotseling voorreden.

Commentaar:

Ik vind dat in deze recensie veel moeilijke termen zijn gebruikt. Ook vind ik dat de schrijver van de recensie het boek op veel punten vergelijkt met “Het bittere kruid”. In de recensie staan ook enkele slordige fouten. Zo werd Frieda aan het begin van het boek 85 en niet bijna 85. Ook zegt de schrijver dat er werd aangebeld en dat de SD-agenten voorkwamen rijden na het bellen. Dit was echter niet zo in mijn versie. In mijn uitgave deed meneer Borgstein zelf de deur open. Als hij dat niet gedaan had, kon de jongeman snel doorrijden en doen alsof er niks aan de hand was. Verder staat er nog een klein foutje. De schrijver gebruikt namelijk de ene keer “jongeman” en de andere keer “jongenman”.

Eigen recensie:

Het boek “De val” is een novelle van Marga Minco uit 1983. Marga Minco, haar echte naam is Sara Menco, heeft in het verleden meerdere boeken geschreven. Een hele bekende daarvan is “Het bittere kruid”. “De val” is al meerdere keren herdrukt, omdat het veel gelezen wordt door scholieren. “De val” is een dun boek en dat is zeer aantrekkelijk. Ook is het boek goed te begrijpen. Jammer is dat het boek niet zo heel erg leuk is. Er gebeurd, zeker in het eerste deel, niet zoveel. Het boek wordt vertelt in hij/zij perspectief en wordt verteld in de tegenwoordige tijd, maar met heel veel flashbacks. Soms is het even moeilijk om te begrijpen waar het over gaat, omdat er nogal plotseling van situatie wordt veranderd. Zo zit je het ene moment in een café en het andere moment in de slaapkamer van Frieda Borgstein. Als je gewoon doorleest kom je er meestal wel achter waar het over gaat en kun je altijd nog even terugslaan naar de vorige bladzijde.
“De val” gaat over een joodse vrouw die als enige van haar gezin de oorlog overleefd heeft. In de loop van het boek kom je steeds meer te weten over de verdwijning van haar gezin. Frieda Borgstein en haar gezin stonden op 21 april 1942 te wachten op een jongeman die ze het land uit zou smokkelen. Helaas liep het plan een beetje in de soep, omdat ze bijna geen auto konden regelen. Ze hadden dus veel mensen moeten vragen. Toch was het uiteindelijk gelukt.
De jongeman zou het gezin ophalen. Frieda ging even naar boven om een trui te halen voor haar dochter. Ze stond in de kamer van het meisje en kon zich niet meer bewegen. Toen ging de deur open en hoorden ze stemmen en portieren slaan. Ze rende naar beneden en struikelde op de trap. Toen ze opstond struikelde ze nog eens. Toen ze uiteindelijk buiten kwam was iedereen weg.
Ze dacht dat ze haar vergeten waren, maar later bleek dat het SD-agenten waren geweest die haar gezin en de jongeman hadden meegenomen. Dat heeft ze nooit geweten, want op haar 85e verjaardag ging ze gebak halen en viel in een put. In de put zat kokend water, zodat de waterleiding niet zou bevriezen. Frieda Borgstein overleefde de val niet. De titel heeft dus met de val van Frieda in de put te maken als met de val die opgezet was door de SD-agenten.
Ik vond het boek erg saai in het begin. Later viel het wel mee. Ook was het boek heel verrassend. Ik had namelijk verwacht dat Frieda de val wel zou overleven, omdat dat in alle boeken zo is. Toch vond ik het leuk om het te lezen. Alleen was het niet zo leuk dat de reddingsactie ineens werd gestopt en het verhaal over de begrafenis begon. In het hele boek worden alle details besproken en dan worden ineens dit soort dingen afgeblazen.
In het boek komen heel veel flashbacks voor. Elke keer word er teruggedacht aan de verdwijning van Frieda’s en alles eromheen. Dat is lokt wel om verder te lezen in het boek, omdat je wilt weten wat er nou eigenlijk gebeurt is. Ik begreep in het begin net als Frieda ook niet waarom de hele familie ineens weg was. Zoiets doe je toch niet lijkt me. Daarom wou ik snel doorlezen om te weten wat er nou zou gebeuren.

“De val” telt ongeveer 93 bladzijden en bevat niet al te veel onbegrijpelijke woorden. Aangezien ik niet zo houd van dikke boeken was ik heel gelukkig met de keuze van dit boek.

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.