CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

ff n studiebreak

Klasgenoten stonden vroeger als hongerige hyena's om Jorieke heen. Klaar om het jonge hertje aan te vallen dat nog scoubidoutouwtjes had.

Boekverslag Onbekend

Beatrijs

Geschreven door:

Vera

Datum ingestuurd:

3 oktober 2003

Taal:

Woorden:

1.100

Bekeken:

2084 keer (2 deze maand)

Waardering:

2.0/5 (5 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

Technische gegevens.

Titel van het boek:
- Beatrijs

Auteur:
- onbekend

Uitgever:
- Taal & Teken

Plaats en jaar van uitgave:
- Leeuwarden / derde druk 1988

Aantal bladzijde:
- 47

Genre:
- Middeleeuwse legende

Schrijver van het verhaal.

De schrijver van het verhaal komt op mij over als iemand die meerdere verhalen heeft geschreven, maar nog weinig successen heeft geboekt. Hij heeft weinig zelfvertrouwen, maar voelt zich toch geroepen om aan anderen de goedheid van Maria te tonen.

Samenvatting.

Beatrijs was een zeer welgemanierde non, met een goed karakter. Ze was kosteres luide op tijd de kerkklok, zorgde voor de verlichting, de benodigdheden voor de mis en wekte trouw alle kloosterlingen.
Daarnaast was het een mooie jonge vrouw, die beheerst werd door een tweetal liefdes. De hemelse liefde en de aardse liefde.

Ze was erg ongelukkig omdat ze beide liefdes niet tegelijkertijd kon beantwoorden. Haar liefde voor een jongeman, die ze al vanaf haar twaalfde kende, wordt zo groot dat ze besluit om afstand te doen van het habijt.

Ze brengt de jongeman op de hoogte van haar plannen. Hij treft de nodige voorbereidingen voor haar ontsnapping uit het klooster. (zoals het kopen van kleding etc) Beatrijs zingt haar liederen en neemt afscheid in een gebed. Haar schoenen en kleding legt ze op het Maria altaar. De sleutels van de sacristie hangt ze aan het Mariabeeld, zodat de andere nonnen in het klooster ze de volgende morgen zouden vinden. Diep in de nacht vluchten ze samen, op weg naar een nieuw bestaan.

Wanneer de zon opkomt en ze eigenlijk haar eerste dagelijkse taak zou moeten uitvoeren, begint ze te twijfelen of ze wel goed heeft gehandeld. De jongeman met wie ze is voelt de onzekerheid bij haar. Hij probeert deze onzekerheid weg te nemen door haar allerlei beloftes te doen. Wanneer hij haar verzekert ij is hier niet van gediend. Hij wil haar niet kwijt en wijt zijn gedrag aan de enorme liefde die hij voor haar voelt. Wat dat betreft zijn de tijden niet erg veranderd.

Ze kwamen bij een stad waar ze zeven jaar in weelde leefde. Ze kregen samen twee kinderen. Na zeven jaar was het geld op, moesten leven van de verkoop van hun bezittingen. Beide konden ze vak beoefenen waar ze hun kost mee konden verdienen. De armoede die ze toen leden, veroorzaakte een verwijdering tussen hun beide. De jongeman verbrak zijn belofte en keerde terug naar zijn geboortestreek. Hij liet haar alleen met hun twee kinderen achter. Zij heeft hem nooit meer terug gezien.

Haar liefde voor haar kinderen was zo groot, dat ze gedwongen de prostitutie inging, om zo haar kinderen te kunnen voeden. Zeven jaar lang wist ze zich op die manier te redden. Iedere dag bad ze toto Maria om haar te verlossen uit haar zonden. Na zeven jaar kon ze het niet meer opbrengen om nog langer een prostituee te zijn. (ze pleegde nog liever zelfmoord)

Ze trok met haar kinderen door het land op zoek naar haar verlossing. Ze leefde van aalmoezen, die ze verkreeg door te bedelen.
Op een dag vindt ze het klooster terug waar ze kosteres was. Ze vraagt onderdak bij een weduwe die haar niet kan weigeren door het aanzien van haar kinderen.
Ze hoort de weduwe uit over het klooster en vraagt of de weduwe iets weet over de kosteres die veertien jaar geleden het klooster heeft verlaten. De weduwe werd boos op haar en zegt dat ze niet zo over de kosteres mag praten.

De weduwe vertelde dat de kosteres hier al veertien jaar werkzaam was. De kosteres had in al die jaren maar een keer de metten gemist omdat ze ziek was. Er zou geen vromere kosteres bestaan als zij. De woorden verbaasde Beatrijs en vroeg aan de weduwe of zij de namen wist van de ouders van de kosteres.
Toen de weduwe de namen noemde, wist Beatrijs dat de weduwe haar bedoelde. Niemand had gemerkt dat ze veertien jaar was weggeweest.

Die nacht kreeg Beatrijs een visioen. Een stem vertelde haar terug te keren naar het klooster. Haar sleutels en kleding zou ze terug vinden op de plaats waar ze zee kon niet geloven dat dit visioen echt was en durfde niet terug te gaan naar het klooster. De tweede nacht verliep net zo. Pas nadat ze het visioen voor een derde keer kreeg terwijl ze wakker was, durfde ze te geloven dat de visioenen van Maria kwamen. Ze liet haar kinderen achter bij de weduwe met de wetenschap dat Maria voor hen zou zorgen en keerde terug naar het klooster.

Bij het klooster aangekomen, lagen haar spullen inderdaad nog zoals zij het had achtergelaten. Ze nam haar plaats in het klooster weer in. Het was net alsof ze nooit weggeweest was. Al die tijd had Maria haar taak waargenomen.

De kinderen hadden veel verdriet om het gemis van hun moeder. De weduwe is met de kinderen naar de Abdis gegaan. De abdis vroeg aan de weduwe om goed voor de kinderen te zorgen. Haar onkosten zouden vergoed worden en er zou niets aan hen ontbreken.

Beatrijs was nog niet helemaal verlost van haar zonden. Ze kreeg een visioen en zag dat bidden niets hielp zolang ze haar zonden niet had opgebiecht. Ze ging naar de abt en vertelde haar zonden zonder iets achter te houden. De abt gaf haar absolutie en schok haar vergiffenis. Haar biecht zou hij in een preek bekend maken zonder dat zij of haar kinderen er schade van zouden oplopen. De abt liet de kinderen toetreden in het Wilhelmieten klooster. De kinderen groeiden op als twee vrome mensen.

Na dit verhaal volgt er ter afsluiting een gebed aan God en Maria.

Verklaring van woorden.

Abt – hoofd van een abdij van monniken
Absolutie – vergeving van zonden
Abdis – bestuursster van een abdij van nonnen
Metten – nachtgebeden
Sacristie – bewaar - of kleedkamer in een kerk

Verteller van het verhaal.

Over de verteller van het verhaal weten we dat hij Gijsbrecht heette. Hij was monnik in de orde van de Wilhelmieten. De verteller van het verhaal zou dus mogelijk een van haar zoons kunnen zijn die zoals je in het begin van het verhaal kunt lezen zijn toegetreden in het Wilhelmieten klooster.

Mijn reactie na het lezen van het boek.

Op zich is dit een heel mooie legende, maar er zijn ook duidelijke boodschappen aanwezig in het verhaal.

Allereerst regel 325: Als het geld op is houd de liefde ook op.
Dit zie je in het dagelijkse leven van nu ook gebeuren. Het leven buiten de “ hemelse ” muren is een kapitalistisch bestaan, waarin het heel moeilijk is om zonder bezittingen gelukkig te zijn.

Verder straalt dit boek ook een vorm van hoop en doorzettingsvermogen uit.
Voor de gelovige luid het spreekwoord: Als god een deur sluit opent hij ergens anders een raam.
Voor de niet gelovige: Na regen komt zonneschijn.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.