ff n studiebreak

Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.

geef je mening

Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?



» resultaten poll

Geschreven door:

Anne (3 havo)

Datum ingestuurd:

19 mei 2003

Taal:

Woorden:

2.000

Bekeken:

2919 keer (0 deze maand)

Waardering:

3.3/5 (32 stemmen)

Deel op:

Naam:


Klas/niveau:


E-mail:


Bericht:


Bestemd voor

Geheime code: 


 

1. Ik heb ‘morgen ben ik beter’ gekozen omdat mijn moeder me erover vertelde. Ze raadde me aan het te lezen. Ze vertelde dat zij het een heel mooi boek vondToen ben ik er gelijk in begonnen.
2. Mijn eerste persoonlijke reactie: ik vond het boek erg ontroerend. Het zette me aan het denken. Het verhaal is heel zielig. Niet alleen voor degene die in het ziekenhuis ligt maar ook voor familie en vrienden. Ik leefde mee met de hoofdpersonen en ik voelde ook ‘de teleurstelling’ als er weer eens geen uitslagen waren en de toestand nog steeds niet beter was.
Ik vond alleen het eind teleurstellend. Het ging iets te snel en het is een beetje een open eind, je weet niet wat er verder gebeurd. Dat vind ik zonde want ik lees toch altijd naar het eind toe, ik wil weten hoe het afloopt.
3. samenvatting:
Het boek gaat over twee vriendinnen, Mariëlle en Christa. De twee vriendinnen zijn totaal verschillend van elkaar. Mariëlle is, door haar overbezorgde moeder, erg onzeker en gesloten. Christa daarentegen is heel zelfverzekerd en open, ze heeft ook veel meer lef.
Mariëlle krijgt op school plotseling last van duizelingen en gaat naar huis. Haar moeder belt de dokter maar die wil niet langskomen omdat hij denkt dat het gewoon een griepje is. Maar als het later erger wordt komt de dokter toch langs en wordt Mariëlle overgeplaatst naar het ziekenhuis. Daar komt ze op een kamer te liggen met drie andere vrouwen. Ze praat veel met Toos, onder anderen over alle onderzoeken die Mariëlle moet doen. Ook hebben ze het erover dat ze maar geen uitslagen krijgt en in het ziekenhuis alleen maar zieker wordt. Ondertussen wordt Christa ook ongeduldig en gaat op onderzoek uit. Ze stelt vragen aan artsen en aan haar broer en vriend die allebei als arts studeren. Christa sluipt zelfs een keer het kantoortje van Mariëlles arts in om naar dossiers te zoeken. Behalve een paar moeilijke termen wordt ze niet veel wijzer. Maar voor Mariëlle heeft het allemaal geen zin meer, ze besluit weg te gaan uit het ziekenhuis. Ze wil niet steeds meer afwachten op uitslagen en laat niet meer over zich heen lopen door haar moeder. En tot ieders verbazing heeft Mariëlle geen last meer van oorsuizen of duizelingen, ze kan zelfs weer naar school.
4. Spanning: In het boek is natuurlijk het afwachten op de resultaten van het onderzoek erg spannend. Als de arts de kamer van Mariëlle inkomt hoop je elke keer weer dat hij uitslagen heeft en 'voel je zelf' de spanning. Dat is heel mooi aan het boek, je leeft mee met de hoofdpersoon.
In het boek zat één heel spannend moment. Ik zat met m'n adem ingehouden te lezen. Dit was het moment dat Christa in de kamer van Mariëlles arts zocht naar gegevens van Mariëlle. Ik was telkens bang dat Christa ontdekt werd.
Personages:
- Mariëlle: Mariëlle is 16 jaar. Ze is erg gesloten en onzeker. Dit komt vooral door haar ouders. Haar moeder is altijd overbezorgd en haar vader durft daar niets van te zeggen. Thuis verlopen gesprekken daarom vaak met veel moeite.
Mariëlle heeft grote bewondering voor haar vriendin die veel lef heeft en heel zelfverzekerd is.
- Christa: Christa is de beste vriendin van Mariëlle, ook zij is 16 jaar oud. Christa is een heel zelfverzekerd meisje met veel lef. Bij haar thuis gaat het er heel anders aan toe. Ze praat veel met haar ouders en kan het goed vinden met haar broertje die problemen heeft op school.
- Mevrouw Huybregts: Zij is de moeder van Mariëlle. Ze is overbezorgd over haar dochter en daar heeft Mariëlle op een gegeven moment ook genoeg van. Ze wil alles voor haar dochter regelen.
- Meneer Huybregts: Hij is de vader van Mariëlle. Hij laat een beetje over zich heen lopen door zijn vrouw. Hij heeft geen eigen mening en zegt niet veel in het boek.
- Thijs: Thijs is het broertje van Mariëlle, hij is 12 jaar. Thijs wil niet meer naar school omdat hij problemen heeft met de leraren. Hij heeft ook vaak last van woedeaanvallen.
- Koen: Koen is de oudere broer van Mariëlle. Hij studeert samen met zijn vriend Michael voor arts. Hij neemt Michael ook een keer mee naar huis.
- Michael: Michael is de vriend van Koen. Mariëlle vind hem wel leuk. Hij heeft een hele eigen mening over geneeskunde en wil het graag anders aanpakken als hij afgestudeerd is. De ouders van Mariëlle vinden zijn mening maar raar.
- Toos: Toos is een kamergenoot van Mariëlle. Ze wordt beschreven als een 76 jaar oude lelijke vrouw. Ze heeft overal commentaar op maar heeft soms ook gelijk. Ze praat veel met Mariëlle.
- Hetty en Nora: De andere twee vrouwen die bij Mariëlle op de kamer liggen. Hetty zeurt veel en Nora is heel gelovig.
- Meneer Kersten: Deze man ligt naast de kamr van Mariëlle. Mariëlle hoorde hem een keer midden in de nacht en keek wat er aan de hand was. Later wekt hij ook de nieuwsgierigheid van Christa en Erik.
- Erik: Erik is een klasgenootje van Mariëlle en Christa. Christa heeft het niet zo op hem omdat hij altijd raar praat en wil opvallen. Hij komt in het ziekenhuis omdat hij een gebroken been heeft.
Thema: het thema van het verhaal is ziekenhuis.
Opbouw: het verhaal heeft een logisch chronologische volgorde. In het boek wordt niet echt met de tijd gespeeld. Er komen bijvoorbeeld geen flashbacks in voor.
Tijd en vertelsituatie: de vertelsituatie is: de alwetende vertelsituatie. Het boek gaat namelijk niet uit van de ik-persoon en je komt van alle personen wat te weten. Dus de ikvertelsituatie en de personele vertelsituatie vallen af.
5. leeservaring grondig beschrijven:
onderwerp:
- Het onderwerp spreekt me erg aan. Ik heb nog niet zo veel over dit onderwerp gelezen. Wel heb ik het boek afscheidsbrief eerder gelezen, dit boek gaat over het zelfde onderwerp en sprak me ook erg aan.
- Het boek heeft me nieuwe kanten van het onderwerp laten zien want ik had er nooit over nagedacht dat het ziekenhuis het ook mis kan hebben, in het ziekenhuis weten ze niet altijd wat er met je aan de hand is. Daar had ik eigenlijk nooit bij stilgestaan.
- Ik ben anders over dit onderwerp gaan denken. Eigenlijk geldt een beetje hetzelfde als hierboven staat.
- Ik vind het verrassend dat het onderwerp zo is uitgewerkt. Het boek laat zien dat je in een keer ziek kan worden en dat je vrienden en familie daar ook heel verdrietig om kunnen zijn. Ook is de spanning in een ziekenhuis heel groot. Ik vind het ook mooi dat Mariëlle eigenlijk niet in het ziekenhuis wilde liggen, dat ze liever naar huis wilde i.p.v. beter worden.
- Ik ben het niet helemaal eens met de mening die uit het boek blijkt. In het boek wordt veel verteld over de geneeskunde, vaak is dit negatief. Vooral Michael, Toos en Hetty laten veel over dit onderwerp weten. Wat er eigenlijk bedoeld wordt is dat de geneeskunde niet altijd even goed voor je is en dat je in een ziekenhuis alleen maar zieker wordt door de medicijnen. Ik denk niet dat dit voor iedereen geldt. In een ziekenhuis kun je zieker worden maar als je thuis bent zal je alleen maar zieker zijn geworden. Aan het eind is de mening van dit onderwerp overduidelijk, Mariëlle gaat naar huis en is in een keer weer helemaal beter. Ik vond het einde dan ook een beetje slap.
- Ik denk niet dat bepaalde kanten van het onderwerp te weinig aandacht hebben gekregen. Daarom vond ik het boek ook zo goed. Over veel kanten wordt verteld zonder dat het verhaal saai wordt. Ik heb dus ook niet het gevoel dat er iets in het verhaal ontbreekt.
Gebeurtenissen:
- Het verhaal bevat voor mijn gevoel voldoende gebeurtenissen om boeiend te blijven. Zoals ik bij het vorige punt al zei wordt er over veel kanten iets verteld zonder dat het verhaal saai wordt. Het verhaal is zo geschreven dat ik steeds maar door wilde lezen. Er zaten geen saaie stukken in.
- De gebeurtenissen komen logisch uit elkaar voort. Het verhaal heeft ook een logisch chronologische volgorde. Het verhaal is dus niet verwarrend.
- Ik vind het verhaal spannend. Het onderwerp is realistisch en daardoor spreekt het me aan. Ik wilde blijven lezen. Ook zitten in het verhaal een aantal heel spannende momenten zoals het moment waarin Christa de kamer van Mariëlles arts insluipt.
- De gebeurtenissen hebben me aan het denken gezet over de situatie in ziekenhuizen. Sommige mensen willen helemaal niet in het ziekenhuis liggen om beter te worden (meneer Kersten).
- De gebeurtenis die het meeste indruk op me heeft gemaakt is dat Mariëlle opkomt voor zichzelf. Ze laat niet meer over zich heen lopen door haar moeder. Dit is de gebeurtenis dat Mariëlle besluit te vertrekken uit het ziekenhuis. Mariëlle is niet meer het stille meisje maar komt op voor zichzelf. Dat vind ik heel goed van haar!
Personages:
- De hoofdpersoon is geen heldin waarop ik zou willen lijken. Ze is heel stil en is heel onzeker. In het boek speelt ze ook helemaal geen heldin. Ik zou dan eerder kiezen om op Christa te lijken.
- De personages zijn allemaal heel verschillend dus het is moeilijk om te zeggen of ik de karakters bewonder, verafschuw of gewoon vind. Ik ga de twee belangrijkste personages af: Christa is degene met de eigenschappen die ik het meest bewonder. Ze is heel zelfverzekerd, dat is een goede eigenschap. En ze kan goed met haar broertje omgaan in tegenstelling tot haar ouders. Dit komt omdat ze haar eigen mening heeft.
Mariëlle is het tegenbeeld van Christa, haar eigenschappen bewonder ik niet maar ik verafschuw ze ook niet. Er zijn meerdere meisjes zoals haar. Onzeker, maar dat wil niet zeggen dat ze een slecht persoon is.
- Mariëlle ging voor me leven, ze lijkt op een echt mens. Ze is zoals er veel meisjes zijn. Iedereen is wel eens onzeker. Er zijn meisjes die constant onzeker zijn zoals Mariëlle. Ik vond Christa wat minder realistisch. Er zijn niet zoveel meisjes zoals zij.
- De personages reageren niet voorspelbaar. Daarom is het boek ook zo mooi. Ik vind het leuk om te lezen dat het zo onvoorspelbaar is.
- Je komt het meest te weten over Mariëlle en Christa. Ik begrijp het gedrag. Van Christa, Christa is bezorgd over haar vriendin. Maar het gedrag van Mariëlle begrijp ik niet zo goed. Ze wil weg uit het ziekenhuis, ik kan me op zich wel voorstellen dat ze weg wil uit het ziekenhuis. Maar ik kan me niet voorstellen dat ze liever naar huis ging (en zieker worden) dan in het ziekenhuis blijven en kans hebben om beter te worden.
- Ik ben het niet eens met de beslissing van Mariëlle om het ziekenhuis te verlaten. Lees daar meer over in het vorige stukje. De ideeën van Michael waren in het boek heel belangrijk. Zijn ideeën waren moeilijk om te begrijpen maar aan de ene kant was ik het wel met hem eens, aan de andere kant begrijp ik niet waarom hij zoveel commentaar heeft op de geneeskunde terwijl hij zelf als arts studeert.
Bouw:
- Het verhaal hangt goed samen. Het is makkelijk te begrijpen omdat het een logisch chronologische volgorde heeft.
- Het verhaal is heel spannend. Ik wilde steeds door blijven lezen en had het boek dan ook snel uit.
- Het verhaal is ook boeiend. Het onderwerp sprak me erg aan.
- De bouw van het verhaal vind ik goed bij het onderwerp passen. Alles is verteld aan één stuk door. Ik denk dat het verhaal een stuk minder mooi was als er met de tijd was gespeeld.
- Er zitten bijna geen terugblikken of herinneringen in. Dit vind ik goed want daardoor blijft het verhaal overzichtelijk. Het past niet bij het onderwerp als er met de tijd gespeeld was.
- Ik vind het eind een beetje slap zoals ik al eerder in dit verslag verteld heb.
Taalgebruik:
- Ik vond alleen de stukken van Michael lastig om te lezen. Hij heeft zijn eigen mening maar die was wel lastig te begrijpen. De rest van het verhaal was niet moeilijk om te volgen.
- Ik vind dat de taal past bij de personages. Het maakt ook duidelijk hoe de personages zijn. Dit blijkt het duidelijkst uit Michael. Hij lijkt heel slim omdat hij zijn eigen mening goed kan verwoorden.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.