Info over dit verslag

Geschreven door:

koen

Kwaliteit:

Waardering:

Taal:

Nederlands

Woorden:

739

Opvragingen:

2

Hulpmiddeltjes

Openen in tekstverwerker Openen in tekstverwerker

Printen Printen

Emailen Emailen

Waardering

Gemiddelde waardering: 4 uit 5 (28 stemmen)

Heb je er iets aan gehad? Geef zelf je waardering:
Erg goed bruikbaar
Goed bruikbaar
Bruikbaar
Een beetje bruikbaar
Niks aan gehad

Titels van Herman Brusselmans

Laatst gewijzigd op 26 januari 2003

Korte inhoud:
Het is moeilijk om een hele bladzijde te schrijven over de korte inhoud van dit boek want er zit niet echt een verhaallijn in dit boek. Er zijn elementen die telkens terugkeren.
Het verhaal gaat over Louis Tinner, een bibliothecaris in een gebouw ergens in Brussel, hij noemt zijn eigen werkplaats het Boekenpaleis.
Louis is veel alleen en hij loopt vaak angstig rond. Hij houdt van mooie vrouwen en verzint bij elke (mooie) vrouw die hij tegenkomt wel iets wat hij er mee zou kunnen doen. De vrouwen die hij tegenkomt moeten wel ook goeie boeken lezen. Louis houdt ook van Brussel en van rondwandelen in deze stad. Zijn slechte gewoontes zijn roken en drinken. Hij zegt zelf dat hij een kettingroker is en elke dag drinkt hij tijdens het werk enkele blikken Jupiler.
Het verhaal begint zomaar zonder voorstelling van Tinner, zomaar wordt de lezer in het verhaal gegooid. Het meisje dat koffie schenkt komt binnen in het lokaal waar Louis werkt. Hij vindt het meisje lelijk maar verlangt wel elke dag opnieuw om haar te zien. Als ze op een dag veel te laat komt, gaat hij kijken waar ze is. De koffiemachine was kapot.
Op de deur van het lokaal staat: “Verboden Toegang”, maar Louis zegt dat die letters louter decoratie zijn en dat men zich daar verder niets moet van aantrekken.
Het verhaal wordt opgebouwd doordat elke keer mensen op de deur kloppen en Louis “Jáá” roept. De persoon die binnenkomt vraagt dan om een boek en Louis raadt de persoon dan een boek aan of af. Maar vooral wordt er verteld wat er zich vanbinnen in de bibliothecaris afspeelt.
Zoals het koffiemeisje speelt het fotokopieermeisje een terugkerende rol. Hij zoekt bijvoorbeeld uit of het fotokopieermeisje haar onder haar oksels heeft of niet.
Er is ook nog een meisje, dat enkele malen terugkeert, waarvan haar broer een schrijver is. Dat meisje komt telkens vragen of het boek van haar broer al aangekocht is.
Wanneer er een bericht, via de binnenpost, toekomt bij Louis waarop staat dat hij een verslag moet maken over het aantal boeken dat werd uitgeleend in het jaar 1982 scheurt hij het blaadje in tweeën. Hij wil zich daar niet mee bezig houden. Daar is dan weer een element dat vele keren terugkomt, een secretaresse die belt naar Tinner om te melden dat hij het verslag moet schrijven. Uiteindelijk is hij er dan toch aan begonnen, maar hij was vlug weer klaar. Dit was zijn verslag: Jaar 1982: 10012 uitleningen.
Daarna belt de secretaresse ook vele keren terug om te melden dat de directeur Louis wil spreken. Louis is al die telefoons kotsbeu en neemt daarom meestal de telefoon niet op.
Vanaf het midden van het boek begint Louis zich niet zo goed te voelen en gaat hij regelmatig weg van zijn “Boekenpaleis”. Hij gaat bijvoorbeeld heel veel naar het toilet en ging eens een wandelingetje maken in Brussel. Hij houdt zich dan ook enkel bezig met roken, bier drinken en denken of fantaseren over mensen.
Louis weet heel veel over schrijvers en over literatuur en gaat ook op zoek naar mensen die op zijn niveau zitten om mee te praten.
Hij heeft op het einde van het boek uiteindelijk besloten om naar de directeur te gaan. Hij doolt, zoals hij regelmatig deed, rond in de gangen en komt vage bekenden tegen. Hij wendt zich eerst tot het secretariaat statistiek, waar hij dan weer begint te verzinnen over en te praten met de 2 blonde secretaressen. Daar wordt hij dan doorverwezen naar de dienst personeel. In deze dienst valt hij in ruzie met een bediende, die later de zoon van de directeur bleek te zijn. Hij slaat deze bediende in de grond en dan komt de directeur het kantoor binnen. Tinner gaat mee naar zijn bureau. Daar is er dan ook een discussie waarbij de directeur alle feiten opsomt die Louis verkeerd heeft gedaan. Dan wordt hij ontslaan.
In het laatste hoofdstuk keert hij terug naar zijn werk. Hij heeft de sleutel nog van zijn lokaal, als hij binnenkomt zijn alle boeken verdwenen en staat er niets meer. Op zijn weg naar huis struikelde Louis en bleef liggen. De laatste 2 zinnen gaan als volgt: Mijdunkt was Louis nog in leven. De woorden die hij prevelde waren niet te begrijpen, maar dat het belangrijke woorden waren, daar mogen we zeker van zijn.
Het is dus een open einde en de lezer mag een beetje zelf verzinnen hoe het dan verder afloopt met Louis Tinner.

Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.

Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.