Geschreven door:

Karin

Datum ingestuurd:

16 januari 2003

Niveau:

5 vwo

Taal:

Nederlands

Woorden:

2776

Opvragingen:

1313 (10 deze maand)

Waardering:

3.6/5 (7 stemmen)

Titel:

Boeventucht

Auteur:

Coornhert, Dirck Volckertszoon

Jaar van uitgave:

1587

Auteur:

Coornhert, Dirck Volckertszoon

Geslacht:

man

Nationaliteit:

Nederlands

Geboren:

1522

Overleden:

01 januari 1970

Populaire titels:

A. algemeen deel
Auteur: D.V. Coornhert
Titel: Boeventucht (ofte Middelen tot mindering der schadelyke ledighghanghers)
Tekstvorm: Beschouwing
Jaar van eerste druk: 1587 in Amsterdam
Indeling: In een grote hoeveelheid paragraven, aangegeven met Romeinse cijfers.
Motto: Exodus 22

Zo iemand steelt en datmen het zelfde by
hem vint hy betale dat twevout, isset
niet in wezen hy vergheldet viervout:
heeft hijs gheen macht, men veroordele
hem tot een slaaf vercocht te werken &c.

Opnieuw uitgegeven, vertaalt en van commentaar voorzien door Arie-Jan Gelderblom, Marijke Meijer Drees en een werkgroep van Utrechtse Neerlandici in het jaar 1985.

Inhoud van de beschouwing samengevat:
Volgens Coornhert zijn er drie stadia waarin een mens zich kan bevinden op de ladder van volmaaktheid, namelijk de goede burgers, de slechte burgers die nog te genezen zijn en de slechteriken die niet meer te genezen zijn.
Doordat het aantal misdadigers de laatste jaren was toegenomen besloot hij, terwijl hij in de gevangenis zat, middelen te bedenken tot vermindering van de misdaad.
Coornhert wist dat er drie oorzaken waren waardoor de armen zich misdadig gingen gedragen.
1. Te weinig aandacht voor de armen, waardoor ze niet gaan werken, maar als luie burgers gaan drinken en rondzwerven.
2. De verwachting van de misdadigers ongestraft te blijven. Slecht weinig van de misdadigers worden opgepakt.
3. Geringe angst voor de dood. Ze weten dat ze toch ooit eens moeten sterven en ze verkiezen een korte, plotselinge dood boven een lange, slepende. Ook menen zij dat de pijn maar kort duurt.

Oplossingen voor het probleem is ten eerste het registreren van de armen, zodat zij niet meer kunnen vervallen in misdaad.
Daarnaast moeten de misdadigers die nog wel te genezen zijn te werk worden gesteld in dienst van de staat. Die levert geld op en de misdadigers zijn niet binnen de kortste keren weer vrij.
Daarnaast moeten de misdadigers die niet meer te genezen zijn overal voor iedereen zichtbaar een pijnlijke, ellendige en uitzichtloze slavernij te verduren krijgen, dat dit wanhopige verdriet meer gevreesd zal worden dan de doodstraf.

Volgens Coornhert zal hierdoor het aantal misdadigers aanzienlijk afnemen en zal de veiligheid in het land sterk toenemen.

Thematiek
Onderwerp: Middelen tot vermindering van het aantal misdadigers.

Motieven:
- Armen worden te weinig gecontroleerd, waardoor ze sneller tussen misdadigers terecht komen.
- Misdadigers hebben de verwachting ongestraft te blijven.
- Misdadigers zijn niet bang voor de dood.
- Er zijn misdadigers die nog te verbeteren zijn, deze moeten te werk gesteld worden.
- Er zijn ook misdadigers die niet meer te genezen zijn, deze moeten op een angstaanjagende wijze uit de samenleving worden verwijderd.
Thema: Coornhert hoopt dat de Staten van Holland door deze tekst na gaan denken over mogelijke oplossingen om de vele misdaden in de stad te verminderen.

B. Analyse

Titelverklaring:
Coornhert schrijft een beschouwing over middelen om de misdaad terug te dringen. Hij bedenkt straffen voor misdadigers en hoopt dat deze straffen hen ervan weerhouden zich te misdragen. Vandaar de titel Boeventucht, of middelen tot verbetering van het aantal schadelijke misdadigers.

Personages:
- De ledighghanghers zijn de arme mensen die vervallen in de misdaad, doordat zij te weinig gecontroleerd worden, de verwachting hebben ongestraft te blijven als ze een misdaad begaan, en niet bang zijn voor de dood.
- De boeren zijn bang ledighghanghers aan te geven, omdat de misdadigers als ze vrij komen hem misschien zullen beroven.
- De overheid heeft het te druk met andere zaken en let niet zorgvuldig op de handel en wandel van de arme mensen.
- De gerechtelijke ambtenaren van een stad zijn bang dat ze hun onkosten langdurig moeten voorschieten aan arme gezinnen, wanneer zij misdadigers veroordelen.

Perspectief:
Het verhaal wordt verteld in een vertellersperspectief: Coornhert geeft zijn mening over misstanden in de maatschappij. Hij probeert ons iets uit te leggen.
(zie: MAER ghenomen henluyden t´ongheluck al mochte treffen van ghevangen of ghedodet te werden, zo achten zy een ghoed spelen ghaen een ghatslaghwaerdigh te zijn. Vertaling: Maar gesteld al dat hen het ongeluk mocht treffen gevangen genomen of gedood te worden, dan nog menen zij dat eens flink uit de band springen wel een aframmeling waard is.)

Verteltijd:
Het verhaal is in een uur te lezen, maar met het vele commentaar erbij doe je er langer over. Wat ook extra tijd kost is het taalgebruik. Je moet goed op de woorden en zinopbouw letten anders volg je het verhaal niet meer.
Het verhaal zelf beslaat ongeveer 25 bladzijden. Het boek telt 107 bladzijden.

Tijd waarin het verhaal zich afspeelt:
De beschouwing is geschreven in 1587. Terwijl Coornhert zelf in een gevangenis verbleef. Hij werd opgepakt wegens verzet tegen de Rooms-katholieke kerk. Hij merkte in de gevangenis de grote overlast op van geboefte. Deze overlast groeide enorm in die tijd, omdat de boeven nauwelijks gestraft werden voor hun misdaden.

De toepassing van het strafrecht in de zestiende eeuw:
In 1570 vaardigde Philips II een aantal ordonnantiën uit, die bekend zijn geworden als de Criminele Ordonnantiën. Uit deze verordeningen blijkt dat men iedere misdaad beschouwt als een vergrijp tegen de staat. Een verdachte moet dan ook door de staat worden vervolgd. Er moet bewijsmateriaal worden verzameld en het liefst ook een bekentenis van de verdachte. Tijdens het gerechtelijk onderzoek blijft de verdachte opgesloten. Zo´n voorarrest kan tot drie jaar duren.
Als straf is opsluiting overigens niet gebruikelijk. De volgende straffen worden in de zestiende eeuw alleen of in combinatie gebruikt: doodstraffen, lijfstraffen (verminkende of vernederende straffen, waarbij de veroordeelde niet zijn leven verliest, maar zijn eer), verbanning, geldstraffen en tewerkstelling.

De straf tewerkstelling wordt na de beschouwing van Coornhert pas in Nederland gebruikt, daarvoor bestond het al wel in Spanje. Of Coornhert invloed heeft gehad op deze manier van straffen komt later in dit verslag nog aan de orde.

Ruimte:
Nederland in de zestiende eeuw. Nederland bestond toen uit een aantal steden en uit het platteland. De bevolking groeide in die tijd hard, waardoor het op het land te weinig voedsel was op iedereen te voeden. Daarom trokken veel mensen naar de steden, maar daar kregen ze het niet veel beter. Ze werden straatarm. Moesten bedelen of stelen om aan hun geld te komen.
In die tijd waren er twee soorten armen: de armen die door God beproefd werden of zij die door God gestraft werden. Volgens de hogere sociale klassen hadden deze ´kwade´ armen gebrek aan werkwilligheid, hun ´ledigheyt´.
In praktijk was het verschil tussen de ´goede´ en ´slechte´ armen niet duidelijk zichtbaar. Je kon wel werkwillig zijn, maar vaak was er geen werk. Daardoor moesten deze mensen toch gaan bedelen. En wie eenmaal tussen de bedelaars terecht was gekomen had weinig kans meer op terugkeer naar een geordend leven. Hij was per definitie onbetrouwbaar geworden.

C. Beoordeling

Praktische argumenten:
De beschouwing is geschreven in 1567 en is gedrukt in 1587, nadat het handschrift enigszins is aangepast. Ik heb van de eerste druk uit 1587 een vertaling gelezen uit 1985. Toch vond ik het nog lastig om te lezen, want er stonden veel onbekende, oude woorden in, zo overgenomen uit eerste druk. Ook was de zinsbouw erg moeilijk. Het leek wel of de tekst woord voor woord vertaald was. De zinsbouw was bijna hetzelfde.
Ook waren de zinnen erg lang en stonden er veel komma´s in de zinnen.
Een voorbeeld:
Eerste druk: VERTOONT met eerbieding zeker liefhebber des ghemeynen nuts, dat hy bemerckende den groten overlast te beduchten staende zoo opten weghen als inden velden vasnt ledigh gheboefte, nu eenighe Jaren by na heel ongestraft geweest, door de zware stormen des oorlochs als hinderlyke beletselen voor den uytwiedinghe van zulc willigh ende mild aenwassend oncruyd, ende daer door (ooc mede door dien dese krijgh veel naerstige broodwinners in verderflycke ledigh ghangers heeft verdorven) in groter menichvuldicheyd vermeedert zijnde,
Vertaling: legt iemand wie het algemeen belang ter harte gaat met eerbied voor, dat hij zich het hoofd heeft gebroken over maatregelen, toen hij oog kreeg voor de grote overlast, die zowel op de wegen als in het veld te vrezen is van het leeglopend geboefte, dat nu al enkele jaren bijna in het geheel niet gestraft is, doordat de zware stormen van de oorlog het wieden van zulk welig tierend en overvloedig opschietend onkruid op hinderlijke wijze beletten en dat daardoor nu (ook al doordat de oorlog vele hardwerkende kostverdieners in kwalijke leeglopers heeft doen ontaarden) tot een grote massa is vermeerderd.

Emotionele argumenten:
Het is een interessant boek. Het laat je zien wat er fout ging in de zestiende eeuw bij het bestraffen van misdadigers. En het toont je mogelijke oplossingen voor dit probleem. Het zet je aan het denken en dat vind ik leuk. Ik kan niet veel zeggen over mijn gevoel, want het is een informatieve tekst.

Morele argumenten:
Het is begrijpelijk dat deze zeer arme mensen vervallen in misdaad. Hoe kunnen ze anders aan eten komen als er geen werk is. Toch vind ik het niet acceptabel ze kunnen ook zelf iets verzinnen om als werk te doen, laten ze iets maken van oude troep en dat verkopen, of laten ze hun krachten aanbieden bij de staat voor een klein loon. Ze hoeven dan in ieder geval niet te bedelen of te stelen.
Ik vind de ideeën van Coornhert wel goed. Hoe het in de praktijk zal uitvallen moeten we nog bezien, maar het klinkt juist.
Als deze ideeën in praktijk gebracht willen worden moeten er wel openbare werken zijn die uitgevoerd kunnen worden. Ook moeten er investeerders zijn, die het aandurven hun geld in dit soort zaken te steken.
Het strenge straffen van de ongeneeslijke mensen lijkt me erg wreed, maar het moet de andere burgers natuurlijk afschrikken, dus is het misschien wel goed idee. De ledighghanghers waren tenslotte niet bang voor de doodstraf.

Argumenten met betrekking tot de werkelijkheid:
De ideeën van Coornhert lijken me zeker realistisch. Door registratie kunnen de arme burgers verplicht
tot werken worden gesteld. Door de werkstraffen, zullen de
boeren de misdadigers durven aan te geven, en zal de verwachting van de boeven niet gestraft te zullen worden verdwijnen. Zoals ik hiervoor al zei, zijn de ledighghanghers niet bang voor
de doodstraf, maar voor zo´n afschuwelijke, langdurige
lijdensweg waarschijnlijk wel. Dus ik denk dat het aantal
misdadigers in Nederland inderdaad zal afnemen en de veiligheid
sterk zal toenemen.

Argumenten met betrekking tot de vorm:
De indeling in paragraven is zeer duidelijk. In sommige gevallen
staat er ook nog een titeltje boven. Je weet dan precies wat de functie van de paragraaf is. Er zit een
goede opbouw in de beschouwing. Hiernaast zie je een overzicht van die opbouw.

Argumenten met betrekking tot de leerzaamheid:
Het leuke aan een boek uit de geschiedenis is dat het je veel leert. Zo ook dit boek. Het heeft me laten zien hoe het systeem in elkaar zat, wat daar fout aan was, en wat de mogelijke oplossingen waren. Het boek heeft me dus helemaal ingeleid in het zestiende-eeuwse strafrecht.

D. Informatie over boek en schrijver

Biografische gegevens:
Coornhert werd geboren als zoon van een welgestelde Amsterdamse koopman, kreeg een goede opvoeding waarin zijn vele begaafdheden tot hun recht kwamen, en werd, naar hij zelf vertelt, ´nearstelijck´ in de rooms-katholieke leer onderwezen. Zelfstandige lectuur van de bijbel echter maakte dat hij al vroeg ´eenighe misbruycken ende dolingen´ begon op te merken in de katholieke leer. Zelfstandig denken en zelfstandig optreden bleef hem kenmerken. Op zeventienjarige leeftijd trouwde hij tegen de wil van zijn ouders met een veel ouder en bovendien arm meisje en werd toen, op voorspraak van zijn schoonzuster –maîtresse van Reinoud van Brederode – hofmeester op het slot Batestein in Vianen. Daardoor raakte hij thuis in een milieu war men kritisch stond tegenover de autoriteit van de kerk, en waar men tevens de eigen rechten tegenover de landsheer, toen Karel V, met hartstocht verdedigde.
Omdat het hofleven hem toch niet bevalt, trekt Coornhert een paar jaar later naar Haarlem waar hij aanvankelijk als tekenaar en graveur in zijn onderhoud voorziet en vervolgens carrière maakt in de ambtelijke wereld.
Coornhert staat tussen de katholieken en de reformatoren in met zijn denkbeelden, een moeilijke zaak in een periode dat de partijen vijandig tegenover elkaar staan en als devies het ´wie niet voor mij is, is tegen mij´ voeren. Als secretaris van Haarlem probeert hij beide partijen evenveel tegemoet te komen en probeert hij excessen te voorkomen.
Als het in 1567 slecht gaat met het verzet vlucht Coornhert naar het buitenland. Wanneer hij in 1567 wordt hij opgepakt en in de Gevangenpoort in Den Haag geplaatst.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat Coornhert, nu van zo nabij geconfronteerd met de gruwelijke gevolgen van misdaad, ertoe is overgegaan zijn gedachten over het een en ander te ordenen en op papier te zetten.
Tot publicatie van het stuk is het lange tijd niet gekomen. Coornhert wist uit de gevangenis te ontsnappen en vertrok als balling naar Keulen. In de eerste jaren van de tachtigjarige oorlog had men trouwens wel andere dingen aan het hoofd dan de hervorming van het strafrecht. pas wanneer de toestand in de Noordelijke Nederlanden tot rust is, komt Coornhert officieel met zijn denkbeelden voor de dag door de Boeventucht in gedrukte vorm te doen verschijnen. Het werkje is dan aan de gewijzigde situatie aangepast; Coornhert kan er bijvoorbeeld op wijzen dat de situatie op het gebied van de criminaliteit door de burgeroorlog nog aanzienlijk verslechterd is. Bovendien is er een passage ingevoegd over tewerkstelling van goedwillende armen tot preventie van misdadigheid.

Ander werk:
- Weet of Rust
- Comedie van Lief en Leedt
- vertalingen van de klassieke auteurs, zoals Cicero en Seneca

Plaatsing in tijd/tijdgeest:
Coornhert schreef dit boek aan het begin van de zestiende eeuw. Hij kwam toen terecht in de Gevangenenpoort in Den Haag en zag hoe slecht het ging in Nederland met de criminaliteit. Het aantal misdadigers was namelijk de afgelopen jaren sterk toegenomen, o.a. door de oorlog. De oorlog zorgde er immers voor dat de eerlijk en hardwerkende burgers hun baan verloren en moesten bedelen om aan eten te komen.
Ze kwamen dan vanzelf terecht tussen de boeven en andere ´kwade´ mensen en begonnen zelf ook te stelen en dergelijke.
De mentaliteit van de boeven was slecht. Ze hadden namelijk de verwachting niet opgepakt te worden en ze waren niet bang voor de dood, wat toen de zwaarste straf was.
Dat betekende dat ze niet bang waren voor de gevolgen van hun foute daden.
In deze omstandigheden schreef Coornhert zijn boek.

E. Verdiepingsopdracht

I. De tekst vertoont weinig overeenkomsten met de hervorming of de Nederlandse Opstand, hoewel Coornhert zich sterk met deze zaken bemoeide. Toch vind je wel iets terug in de tekst van deze opstand en hervorming. Namelijk de gevolgen van deze gebeurtenissen, de stijging van het aantal criminelen is volgens mij een gevolg van de onenigheden binnen het land. Mensen die arm waren konden nu rustig stelen van hun vijanden, en hardwerkende mensen werden b.v. door de oorlog arm en begonnen ook te stelen bij hen die hun niet dierbaar waren.

II. Sociaal-economisch zijn er natuurlijk veel overeenkomsten met het boek, want het boek beschrijft een maatschappelijk probleem. De armoede is groot, het toezicht is slecht → de criminaliteit neemt toe.
Waarom zouden ze werken, als ze ook lekker lui kunnen zijn. Geld kunnen ze bedelen of stelen voor het beetje eten dat ze nodig hebben. De kans dat ze gepakt worden is nu een maal niet zo groot, en ach, het ergste is de doodstraf en zo erg is dat ook weer niet.
Je moet toch een keer sterven, en dan wensen we liever een snelle dood dan een langzame.

III. Coornhert heeft soms wel humanitaire gedachten, zoals de gedachten dat de bevolking beschermt moet worden tegen kwaadaardige individuen. Ook in paragraaf één haalt Coornhert een humanitair element aan: Één van de hoofddoelen van de straf is namelijk het verbeteren van de ´kwade´ lui die nog te genezen zijn.

IV. Over de functie van zijn boek zegt Coornhert zelf wat in de inleiding. Hij schrijft dat aan de heren Edelen en aan de gezanten van de steden van Holland die samen de Staten van Holland vormen: ´De schrijver verzoekt niets anders dan dat u of anders iemand in opdracht van u dit zal lezen opdat het, indien er iets nuttigs in zou staan, na verbetering in praktijk kan worden gebracht. De schrijver zal het in elk geval niet als vergeefse moeite beschouwen dat hij zich met de beste bedoelingen heeft ingespannen, zelfs al zou het tot niets anders dienen dan tot een aansporing aan u op korte termijn iets met zorg uit te denken om binnen afzienbare tijd in deze gewichtige en dringende kwestie een oplossing te bieden.

V. Over de toepassing van Coornherts werk in de praktijk is weinig bekend. Wel is er nadat dit boek verschenen is in Amsterdam een tuchthuis gebouwd. Ook is er voor vrouwen een klooster als spinhuis ingericht, dat zich als spoedig ontwikkelde van werkhuis tot strafplaats.
Ook het idee van Coornhert om misdadigers te gebruiken bij openbare werken is in praktijk gebracht. Helaas is nergens bekend of Coornherts boek invloed heeft gehad op de oprichting.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.

zoeken

a d v e r t e n t i e

Als je wilt weten wat je in Nijmegen kunt studeren, kom dan op zaterdag 7 november naar de Bachelor voorlichtingsdag van de Radboud Universiteit Nijmegen. Maak kennis met onze opleidingen en krijg een indruk van de sfeer op de campus. Meld je aan via de site.

a d v e r t e n t i e

Iets met aardrijkskunde studeren?


Oriënteer je dan goed want elke opleiding heeft z'n eigen specialisme. Heb je in A'dam of Utrecht nog niet de juiste opleiding gevonden? Kijk dan ook bij Wageningen University. Daar combineer je aardrijkskunde met technologie of economie. Bijvoorbeeld: hoe kun je de zeewering versterken tegen overstromingen? Je doet dus meer met aardrijkskunde.



Charlot had hartkloppingen voor haar interview met Carry Slee. Lees het interview hier en win een gesigneerd boek!

geef je mening: Ontbijt

Het is de week van het Nationaal Schoolontbijt. Ontbijt jij nog iedere ochtend?


Tullijk!

Meestal wel.

Eigenlijk nooit.


» resultaten poll