geef je mening
Tjeerd pleit tegen internetdaten. Heb jij al eens een date (of meer) gehad met iemand die je online leerde kennen?
ff n studiebreak
Annemieke blikt terug op dat dagenlange surfen van vroeger. Tegenwoordig ben je binnen een half uur klaar.

CASA Nederland en Scholieren.com reiken dit jaar de CASA Werkstuk Award uit. Het allerbeste werkstuk wint een reis voor 2 personen t.w.v. €500, een snuffelstage en eeuwige roem! Dit jaar is het thema abortus. De redactie bedacht alvast 13 invalshoeken, klik hier en stuur je werkstuk op.
Korte Inhoud:Pompeji:Levend Begraven
Schrijver:Gaston Van Camp
Sarra wordt geboren in Pompeji op 5 februari in het jaar 62 na Christus,als kind van Julia en Trebius Flaccus.Op die dag schokt de aarde,en de stad is grotendeels verwoest.De familie vlucht naar Stabia,waar de zus van Trebius,tante Virgula,woont.
Sarra’s moeder,Julia,was heel vermoeid door de vroege geboorte, de lange tocht door de paniekerige stad had veel van haar krachten gevergd.Ze sterft een paar weken later in Stabia.
Ondertussen proberen Trebius en Rufus,een vrijgelatene rentmeester,de villa in Pompeji terug op te bouwen.Trebius wil zijn vader overtreffen door een geheel nieuw peristylium in te richten,met schitterende fresco’s.Ook in de stad zijn velen aan de heropbouw bezig. Het werk schiet goed op en langzaam begint de stad terug te herleven.
…
Op de opening van de nieuwe villa is ook tante Virgula aanwezig.Ze wil haar broer overhalen om een nieuwe slavin te kopen die moet zorgen voor zijn kinderen Palmyra en Isidorus.Zelf zou zij Sarra willen adopteren en in Stabia opvoeden.Trebius gaat meteen akkoord.
…
17 jaar na Sarra’s geboorte treft een nieuwe ramp de stad.De Vesuvius, waarvan gedacht werd dat die allang uitgeblust was, treedt opnieuw in werking.
Sarra wil onmiddellijk naar haar vader, broer en zus in Pompeji.Tante Virgula beseft dat dit waarschijnlijk de laatste keer is dat ze haar “dochter” ziet.Ze geeft Sarra nog wat geld en een mooie gouden speld,die een erfstuk in de familie is,mee.Dan loopt ze vlug naar huis, zodat Sarra niet zou zien dat ze weent.Gelukkig kan Sarra met het volgende schip dat nog naar Pompeji wil varen, vertrekken.Wanneer ze aankomt, loopt ze direct naar de villa van haar vader.Tot haar grote verbazing is iedereen gezond en wel en heeft de villa de schokken doorstaan.Iedereen is blij met het weerzien.
De volgende dag vlucht haar broer Isidorus, zonder een boodschap na te laten, naar de nabije stad Herculaneum.Hij hoopt er een nieuw leven op te bouwen.
Maar dan schiet de kraterprop van de vulkaan de lucht in en de uitbarsting is werkelijk begonnen.Pompeji, Herculaneum en Stabia worden bedolven onder lava, stof, modder en giftige dampen.
Sarra kan de dampen niet ontvluchten en stikt in de tuin.Een tijdje later is ze al volledig bedekt met assen.
De bedolven steden
Pompeji bleef ongeveer 1670 jaar onder de as bedolven en vergeten, hoewel het plateau waar eens de stad was bekend stond als “Civita”(de Stad).
In 1592 werd Domenico Fontana, een vermaard architect, aangesteld om een tunnel door de Civita te graven om water van de rivier de Sarno naar de stad Torre Annunziata te leiden.Terwijl zijn arbeiders de tunnel uitgroeven ontdekten zij funderingen van gebouwen, inscripties, beelden en muurschilderingen, maar de ontdekkingen wekten geen belangstelling.In 1689 werd in de ruïnes een steen ontdekt met de inscriptie POMPEIA.Maar ook dit werd genegeerd en al snel weer vergeten.
In 1748 hoorde Don Rocco de Alcubierre, een Spaanse ingenieur, geruchten dat arbeiders de overblijfselen van huizen hadden gevonden.Hij dacht dat die ruïnes wel eens konden horen bij de stad die was bedolven door de uitbarsting in het jaar 79.
In april van dat jaar begon Alcubierre te graven in de straat die nu bekend is als de Via della Fortuna(straat van het geluk).
De opgravingen waren nog maar net begonnen toen arbeiders de ruïnes van de nabijgelegen stad Herculaneum ontdekten, waardoor de aandacht en de belangstelling voor Pompeii verflauwde.In 1754, toen de opgravingen in Pompeii weer werdengestart, werd voor het eerst een “opgravingsdagboek”- een degelijk verslag van de ontdekkingen- bijgehouden.
Vastleggen van de ontdekkingen
Tot de bezoekers die toestroomden om de opgravingen in Pompeii te bekijken behoorde de Italiaanse architect en etser Giavanni Piranesi (1720-1778). Hij maakte tekeningen van de vidplaats en van de resten die de arbeiders onthulden. Zijn tekeningen, zeer accuraat en gedetailleerd, vormen een belangrijk verslag van het werk.
Het is Pompeji!
Vele jaren lang dacht men dat het de ruïnes van de stad Stabiae waren.Maar op 27 november 1756 verschijnt voor het eerst de naam Pompeji in het opgravingsdagboek, hoewel niemand wist hoe de juiste identificatie van de stad tot stand was gekomen.
De opgravingen werden lukraak gedaan en het werk vorderde langzaam.Het meeste werk werd gedaan door veroordeelden en slaven die geketend in paren werkten.Maar toch werden aan het eind van de 18de eeuw enkele belangrijke ontdekkingen gedaan.De belangrijkste waren de soldatenkwartieren, het huis van Diomedes, het odeon en het theater.
Een geleerde bezoeker
De Engelse wetenschapper Sir William Gell (1777-1836) bezocht Pompeji vele malen om de ruïnes te bestuderen. Hij illustreerde zijn boek, Pompeiana, met reconstructies van de verwoeste gebouwen.
Toeristenpad
Tegen het eind van de 18de eeuw maakten vele welgestelde Noord-Europeanen een “Grote Tocht” naar het zuiden, waarbij ze historische en mooie plaatsen in het zuiden bezochten. Gewoonlijk lag ook Pompeji op de route.
Johann Joachim Winckelmann
Deze grote Duitse oudheidkundige bezocht in 1762 de opgravingen in Herculaneum en Pompeji,en hij schreef er enthousiaste brieven over aan zijn vrienden.
Documentaire over Pompeji
Dag beste kijkers, vandaag gaat onze wekelijkse documentaire over de uitbarsting van de Vesuvius, en vooral over de opgravingen die daarna gebeurt zijn.
Op 24 augustus van het jaar 79 na Christus vond een verschrikkelijke natuurramp plaats.De vulkaan Vesuvius, die als allang uitgeblust werd beschouwd, trad opnieuw in werking.Dagen achtereen stootte hij te midden van rookwolken en vlammen miljoenen tonnen stof, stenen en lava de lucht in.De steden Pompeji, Herculaneum en Stabiae werden tot de nok van de huizen bedekt met de massa.De inwoners van Herculaneum en Stabiae konden nog tijdig geëvacueerd worden, maar van de circa 20000 inwoners van Pompeji-een stadje dat pas weer was opgebouwd, nadat het in 62 na Christus al door een aardbeving gedeeltelijk was verwoest-kwamen 2000 mensen om het leven.
We gaan nu enkele beelden van de opgravingen bekijken.
Achtergrondinformatie
De periodes waarin het boek zich afspeelt:
1e periode:62 na Christus
2e periode:79 na Christus
Historische personages die leefden in die periodes:
Plinius De Oudere(Gaius Plinius Secundus):leefde van 23 tot79 na Christus.Hij was een ooggetuige van de ramp, maar stierf toen hij de mensen wou helpen vluchten.
Plinius De Jongere(Gaius Plinius Caecilius Secundus):
Leefde van 62 tot 114 na Christus.Hij was een neef van Plinius De Oudere en een vriend van Keizer Trajanus.Alles wat hij zag toen de vulkaan uitbarstte, schreef hij in 2 brieven aan de geschiedkundige Tacitus.Die brieven zijn de bron van bijna al onze kennis over de uitbarsting van de Vesuvius.
Vespasianus:Keizer van Rome van 70 tot 79 na Christus.Hij stierf een maand voor de uitbarsting.
Titus:Keizer van Rome.2 maanden voor de ramp kwam hij aan de macht, als opvolger van Vespasianus.
Plaatsen en feiten:
Plaatsen:-Pompeji
-Stabiae
-Herculaneum
Feiten:5 februari 62:aardschok aan de Baai van Napels
24 augustus 79:uitbarsting v/d Vesuvius
Wat het boek bijgebracht heeft:
Hoe het leven plots door een gebeurtenis(hier:uitbarsting vulkaan)kan veranderen:
-dat je moet vluchten om je leven te behouden
-dat je al je bezit plots moet achterlaten
Bibliografie
-Encarta encyclopedie 2000-Winkler Prins
-Een Romeinse stad
-Hoe leefden de Romeinen?
-De Romeinse wereld Mike Corbishley
-POMPEÏ aan de voet van de vulkaan Ceserani en Vestura
-Pompeï:De verdwenen stad De redactie van Time-Life Boeken
-Het oude Rome Anna Maria Libertatie en Fabio Bourbon
-Het dagelijks leven in POMPEÏ Robert Etienne
-Pompeii nu en 2000 jaar geleden Alberto C. Carpiceci
-Op zoek naar Pompeii Giovanni Caselli
-Pompeji Ian Andrews
Uitleg over gipsen afdrukken
We gaan nu uitleggen hoe de archeleogen de vorm van de mensen in Pompeji hebben kunnen behouden bij de opgravingen.
- Een inwoner van Pompeji probeerde te vluchten, maar hij werd ingehaald door de giftige gassen en even later is hij al volledig bedekt met assen.
- In de loop van de tijd vergaat het lichaam. Het skelet blijft over; binnen de gestolde steenlagen blijft de vorm van de mensen intact.
- De archeoloog ontdekt de lege ruimte onder het aardoppervlak; hij boort een verbindingskanaaltje.
- Door de opening wordt vloeibare gips naar binnen gegoten, totdat de lege ruimte helemaal opgevuld is.
- Als het gips hard geworden is, kapt de archeoloog de steenlagen errond weg.Dan blijft er een natuurgetrouwe afbeelding van het vroegere lijk over.
VIII. Bij de bedolven steden bij Karen Vandermeulen-Pompeï de verdwenen stad
IX.Bij een geleerde bezoeker- Op zoek naar Pompeii
X. J.J. Winckelmann- Op zoek naar Pompeii
BINNENLAND
STAD VERWOEST
De Vesuvius oogt tegenwoordig vredig met zijn olijfboomgaarden en grazend vee. Ooit veroorzaakte de berg echter de grootste ramp die het land heeft gekend: de verwoesting van een volledige stad.
Van onze reporter ter plaatse
Op 24 augustus 79 veranderde de vredige Vesuvius in een moordenaar. De vulkaan werd actief, strooide bij de uitbarsting as en stenen in het rond en braakte dikke, zwarte rook uit. De brandende as viel neer op het 10 km verderop gelegen stadje Pompeii. De inwoners werden door de rook verstikt, omdat vluchten onmogelijk was door een aardbeving. Kort erna staken alleen de hoogste gebouwen nog boven de aslaag uit.
Die dag stierven er ruim 20.000 mensen, verstikt door rook en as. Een bloeiende stad was verwoest.
GELUK GEHAD !!!
De schrijver Plinius de Jongere bevond zich ten tijde van de uitbarsting van de Vesuvius in het 30 km verderop gelegen Misenum. Een ooggetui-
genverslag.
“We zagen hoe de zee door de aardbeving als het ware werd weggezogen. Het water stroomde weg van de kust en vissen kwamen op het droge te liggen. Er was al sprake van een neervallende as, maar eerst was het nog niet zo veel. Toen zag ik achter ons een dikke zwarte wolk opdoemen, die als een vloedgolf steeds groter werd.
‘We moeten van de weg af nu we nog iets kunnen zien,’ zei ik,’anders worden we in het donker onder de voet gelopen.’
We zaten nog maar net toen het donker werd – niet donker zoals in een bewolkte, maanloze nacht, maar echt helemaal inktzwart -- , waar je ook keek.
We hoorden overal gillende vrouwen, huilende kinderen en schreeuwende mannen.
Toen werd het lichter, niet door de zon maar alsof in de verte een vuur was aangestoken.
En daarna werd het weer pikdonker, dit keer door de nu zeer dichte regen van as. We stonden af en toe op om de as van ons af te kloppen, anders zouden we door het gewicht zijn verpletterd.
Na enige tijd keerde het daglicht terug, maar tot onze afschuw herkenden we niets meer. De wereld was bedekt door een dikke laag as.”
K.V.
Dit verslag is bedoeld als naslagwerk, niet om plagiaat mee te plegen. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het dan weten door een reactie te geven.