Geschreven door: | |
Datum ingestuurd: | 9 december 2002 |
Taal: | |
Woorden: | 1897 |
Opvragingen: | 7039 (0 deze maand) |
Waardering: |
TITEL: Straatkatten.
SCHRIJVER: Mieke van Hooft.
UITGEVER: U.M.Holland Haarlem.
ILLUSTRATIES: Annet Schaap.
OMSLAGONTWERP: Annet van de Moosdijk/Patrick Fransen.
HOOFDFIGUREN:
LIZZY:
Lizzy is een koppig, gevoelig twaalfjarig meisje, die na enkele fikse ruzies met haar moeder, besluit naar een ex-stagiare van school te reizen.
Door allerlei omstandigheden komt Lizzy letterlijk op straat terecht.
WANJA:
Wanja is een stoer, strijdvaardig, maar grillig vijftienjarig meisje die al zes maanden op straat leeft. Wanja heeft in drie kindertehuizen gezeten en is al vijf keer weggelopen. Zij “kotst” van de hulpverlening, die in haar ogen geen rekening houdt met wat Wanja wil.
Wanja vertrouwt geen mens en uit haar boosheid op een onverschillige en sarcastische manier.
Het ene moment is ze keihard, dan weer is ze aardig en lief.
Wanja “ontfermt” zich over Lizzy. In eerste instantie doet zij dit uit eigen belang, naderhand vindt ze het toch wel gezellig met Lizzy.
BIJFIGUREN:
VALENTINO:
Valentino is een kleine dertienjarige jongen, met een Italiaanse vader, die ook op straat leeft, om zo het kindertehuis te ontvluchten.
Valentino overleeft de straat door middel van stelen en het verkopen van peuken aan volwassen zwervers. Dit zijn meestal alcoholisten en junks.
HENK:
Henk is een jongen die in een van de slooppanden overnacht. Lizzy komt hem tegen terwijl ze naar lucifers zoekt. Henk kent Wanja reeds langer. Als Wanja ziek dreigt te worden, “regelt” Henk een auto, zodat Wanja het warm heeft.
Ze vinden plaids, chips en bier in deze auto.
Henk blijkt echter andere motieven te hebben om hen te helpen. Hij probeert Wanja te versieren.
DON:
Don is een grote zwarte man. Hij is een zwerver en verdient een centje bij door met zijn hond Vrolijk op straat op te treden.
Don vindt het leven op straat veel te gevaarlijk voor Lizzy en haalt haar over naar haar moeder terug te gaan. Hij geeft haar geld voor de trein naar huis.
Het verhaal speelt zich af in het leven van nu in een stad in Nederland.
Samenvatting
Lizzy woont samen met haar moeder. Haar ouders zijn al sinds haar vijfde jaar gescheiden. Haar vader is opnieuw getrouwd en heeft twee kinderen. Zij wil niet bij haar vader en stiefmoeder wonen.
Karel is de nieuwe vriend van haar moeder. In het begin vindt ze hem aardig.
Vijf dagen geleden staat hij echter met zijn koffers voor hun deur om bij hen te komen wonen. Haar moeder heeft dit niet met Lizzy besproken en haar ook niet voorbereid. De angst van Lizzy is dat Karel de rol van haar vader gaat opeisen. Ze besluit dan naar Marcella, een ex-stagiaire van haar school, te gaan. Marcella weet vast raad. Met haar spaargeld op zak gaat Lizzy per trein naar de stad.
Bij aankomst blijkt Marcella verhuist te zijn. Het is inmiddels zo laat dat ze in een opslagruimte van het appartementencomplex de nacht doorbrengt. De volgende morgen wordt ze wakker door gerommel aan de deur. Dan maakt ze haar eerste spannende moment mee. Ze moet ontsnappen. Dit lukt vrij eenvoudig. Ze gaat naar de bakker en koopt twee appelflappen. Op een bankje eet ze haar appelflap op. Dan komt er een meisje bij haar op het bankje zitten en grist de andere appelflap uit haar handen en eet hem op. Dat meisje is Wanja. Zij gaat Lizzy de regels van de straat leren. Lizzy mag niet op straat gaan slapen want dat is de plek voor zwervers. Als ze bij de telefooncel komen belt Lizzy naar huis. Haar moeder is ontzettend boos en Lizzy hangt op. Geschrokken besluit ze nu zeker niet meer naar huis te gaan. Bij de fontein ontmoet ze Wanja weer en zij haalt Lizzy over bij haar te blijven. Op een slinkse manier krijgt Wanja het voor elkaar dat Lizzy haar geld besteed aan een maaltijd bij het station.
Als ze gegeten hebben gaan ze naar de markt. Daar verzamelt Wanja groenten en fruit dat op de grond is gevallen. Zij spoort Lizzy aan hetzelfde te doen, maar Lizzy schaamt zich. In het park heeft Wanja een schuilplaats voor het verzamelde eten. Lizzy mag deze plaats niet weten. Wanja heeft een vaste regel: niemand is te vertrouwen. ’s Middags gaan ze naar de bibliotheek. Hier is het lekker warm en droog. Ze kunnen hier koffie drinken en lezen maar bovenal kunnen ze gratis naar de w.c. en hun handen en gezicht wassen. Om zes uur ‘s avonds gaan ze naar het park terug om peuken te zoeken. Deze peuken verkopen ze dan aan Valentino. Dit herhaalt zich elke dag.
De nacht brengen ze door in een van de slooppanden in een achterbuurt. Tegenover deze panden staat een flatgebouw. Wanja besluit de flatbewoners ’n beetje te gaan jennen. Wanja begint hoog en jammerend te krijsen als een kat. Een flatbewoner gooit een pantoffel hun richting op. De tweede pantoffel volgt enkele seconden later. Dit was ook Wanja’s bedoeling. Deze pantoffels zullen haar ’s nachts warm houden.
Lizzy kijkt vol angst en verbazing toe. De nacht in het slooppand vindt Lizzy doodeng. Het idee dat er ratten zijn geeft haar letterlijk de rillingen. Wanja biedt haar aan bij haar, in een van kranten gemaakt bed, te komen slapen, zodat ze het lekker warm zal hebben.
Als er op een regenachtige dag de markt eerder afgelopen is lopen ze hun maaltijd mis en uit frustratie scheldt Wanja Lizzy de huid vol. Dit zijn momenten dat Lizzy haar thuis mist.
Ze besluiten naar de schuilplaats te gaan om hun reserves dan maar op te eten. Echter Valentino is hen voor geweest. Hij heeft alles meegenomen en zien hem nog net wegrennen Ze gaan hem achterna en zien hem onder een auto komen.
Dan wordt Wanja hysterisch en denkt dat Valentino dood is. Lizzy oppert dan het idee om naar het ziekenhuis te gaan om haar te overtuigen dat het met Valentino niet zo ernstig is als dat het op het eerste moment leek.
Om naar Valentino te gaan kijken zijn ze genoodzaakt te gaan zwartrijden. Lizzy staat doodsangsten uit dat ze betrapt worden. Maar Wanja is door de wol geverfd en brengt de rit tot een goed einde.
Valentino blijkt licht gewond te zijn, maar besluit toch maar naar het kindertehuis terug te gaan. Met een gebroken been is het moeilijk om door de hele stad zijn handeltje te drijven.
Wanneer ze het ziekenhuis willen verlaten stortregent het. Wanja komt op het idee om in het ziekenhuis te overnachten. Ze gaan op onderzoek uit en komen op een afdeling waar de centrale keuken is. Daar staat een kar waar half opgegeten broodmaaltijden in staan. Ze doen zich tegoed aan al dit lekkers.
Dit is een moment dat Lizzy erachter komt wat een bijzonder gevoel voor humor Wanja heeft. Wanja geniet volop en Lizzy geniet weer van Wanja. Ze vinden een slaapplaats in het beddenmagazijn en worden ’s morgens betrapt door een vriendelijke man. Deze man biedt hen een ontbijtje aan. Wanja vertrouwt de zaak echter niet en besluit er van door te gaan.
Op een zonnige dag besluiten ze naar het park te gaan om “mensen te kijken”. Dan ziet Lizzy plotseling haar moeder met Karel lopen. Karel heeft bezitterig zijn arm om haar moeder geslagen. Lizzy is jaloers. Wanja stookt Lizzy op dat haar moeder haar allang is vergeten en Lizzy is intens verdrietig.
Wanja vertrouwt de zaak echter niet en besluit er van door te gaan.
In het ziekenhuis kunnen ze niet meer slapen omdat alle deuren gesloten zijn. Ze zijn dus genoodzaakt weer in het slooppand te slapen. Wanneer Wanja weer flatbewoners wil gaan jennen krijgt ze niet een pantoffel naar zich toegegooid maar wordt ze natgespoten. Ze is drijfnat en raakt steenkoud. Wanja raakt in een sombere bui en wil het liefst dood. Echter Lizzy wil hier niets van horen en sleept haar erdoor.
Op zoek naar lucifers komt Lizzy Henk tegen, een oude bekende van Wanja.
Door middel van een gestolen auto helpt Henk hen weer warm te worden. Hij laat de motor draaien en vindt ook nog plaids, bier en chips. Echter Henk heeft niet zulke goede bedoelingen; hij probeert Wanja te versieren.
Wanja krijgt een woede-aanval en weet te vluchten. Ze bevinden zich midden in het bos en het is nacht. Lizzy en Wanja proberen toch nog wat te slapen.
Wanneer Lizzy wakker wordt ziet ze dat Wanja koortsig is. Wanja geeft aan dat ze zich in de buurt van haar ouderlijk huis bevinden.
Omdat haar moeder toch de hele dag weg is besluit Wanja op aangeven van Lizzy
in bad te gaan.
Lizzy vindt paracetamol en terwijl ze deze aan Wanja geeft komt Wanja’s vader binnen. Wanja raakt helemaal door het dolle heen en zegt tegen Lizzy dat ze weg moet gaan en er voor moet zorgen dat haar vader het kindertehuis moet bellen.
Lizzy is helemaal van streek als ze de haat in Wanja’s ogen ziet en de woede in de ogen van haar vader. Dan realiseert Lizzy zich dat er zich heel wat in de jeugd van Wanja heeft voorgedaan en dat Lizzy’s problemen niets zijn vergeleken met die van Wanja.
Lizzy rent terug naar de stad en komt Don tegen en vertelt hem het hele gebeuren. Don raadt haar aan terug naar huis te gaan om de problemen met haar moeder uit te praten.
Don betaald haar kaartje voor de trein naar huis. Als ze thuis komt sluit haar moeder haar inderdaad in de armen, precies zoals Wanja haar reeds had voorspeld.
Lizzy gaat nog eenmaal terug naar de stad om Don zijn geld terug te brengen.
In de stad ziet ze dan Wanja. Wanja bleek een longontsteking te hebben. Hiervan is ze weer hersteld. Ze leeft weer op straat. Wanja is erg afstandelijk en spottend tegen Lizzy.
Dit doet Lizzy veel pijn. Ze feliciteert Wanja met haar verjaardag en geeft haar een grote zak drop. Dit verrast Wanja, echter het weerhoudt haar er niet van om toch nog een sneer aan Lizzy uit te delen.
Analyse
De titel is Straatkatten omdat mensen op dezelfde manier leven als dat straatkatten dat doen.
Op blz. 69: in deze passage is een verwijzing naar de titel van het boek:
“Als een straatkat het eten bij elkaar scharrelen”.
Ik kon mij goed inleven bij Lizzy. Ik zou het er ook niet mee eens zijn als mijn moeder zulke grote beslissingen zou nemen zonder met mij te overleggen. Mijn leven lijkt meer op het leven van Lizzy.
Op blz. 68: Een mooi moment is wanneer Lizzy een cadeau krijgt van Wanja
nadat ze ruzie hebben gehad.
Het is zo moeilijk voor Wanja om haar gevoelens aan een ander
te tonen.
Op blz. 82: Een aangrijpend moment is de reaktie van Wanja als Valentino
onder een auto komt en naar het ziekenhuis wordt afgevoerd.
Op blz. 99: Bijzonder grappige momenten zijn als ze in het ziekenhuis het
eten en de slaapplaats ontdekken.
Het is een realistisch verhaal. Dit verhaal kan ook in echte leven gebeuren.
Het boek is bestemd voor jongens en meisjes van alle leeftijden.
Ik kan het boek iedereen aanraden; het is spannend en vaak ook humoristisch, maar het zet je ook tot nadenken en je hoopt dat dit je nooit zal overkomen.
“Terwijl ze langzaam doorlopen, ziet Lizzy een half opgerookte sigaret liggen. Ze voelt dat haar wangen rood worden. Ze gluurt naar Wanja. Die heeft de peuk ook gezien, al licht hij aan de rechterkant. Ja! Raap dan op! Roept ze. Je bent toch niet blind! Lizzy bukt en raapt de peuk op en geeft hem aan Wanja”.
Ik heb dit stukje gekozen omdat ze als zwerfkinderen naar sigaretten moeten zoeken voor geld en dat is eigenlijk toch heel zielig.
Als je zwerver bent wil niemand je kennen
Ook al kan je dan af toe flatbewoners jennen.
Het leven op straat is overleven
Het is beter te kunnen toegeven.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.

1. Straatkatten
2. Straatkatten
3. Straatkatten
4. Straatkatten
5. Straatkatten
6. Straatkatten
7. Straatkatten
8. Straatkatten
9. Straatkatten
10. Straatkatten
11. Straatkatten
... meer

Wat voor geldtype ben jij?
Meer weten over jezelf en je geld? Doe dan mee aan het Scholieren onderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!