Heb je zin om een korte enquête in te vullen over jouw ergernissen op school? Meedoen kost een paar minuutjes van je tijd.

Geschreven door:

anoniem [meer]

Datum ingestuurd:

25 oktober 2002

Niveau:

5 vwo

Taal:

Nederlands

Woorden:

4125

Opvragingen:

5732 (98 deze maand)

Waardering:

4.1/5 (38 stemmen)

Titel:

De scharlaken stad

Auteur:

Haasse, Hella S.

Jaar van uitgave:

1952

Aantal pagina's:

288kan verschillen per editie

Moeilijkheidsgraad:


bovenbouw havo/vwo

Thema:

Historische gebeurtenis

Titel: De Scharlaken Stad
Auteur: Hella S. Haasse
Uitgever: Singel Pockets, 1994 (zeventiende druk; eerste druk: 1952)

Motivatie

Verschillende mensen hadden me dit boek aangeraden. Het onderwerp leek me ook leuk, dus heb ik dit boek genomen. Verder heb ik eigenlijk geen speciale reden waarom ik dit boek heb gekozen.

Samenvatting

Het verhaal speelt zich af in de zestiende eeuw in voornamelijk Italië, en dan vooral in Rome. Er is niet echt één duidelijke verhaallijn. Het verhaal wisselt steeds van perspectief: er komen meerdere personages voor in het boek die je steeds gedurende een tijd ‘volgt’, en die elkaar afwisselen. Over sommige zaken en personen wordt ‘door’ verschillende personages geschreven, zodat je deze dingen/mensen vanuit verschillende perspectieven bekijkt. In de chronologische volgorde van het boek wisselen de personages elkaar, zoals ik hierboven al zei, af, maar voor de duidelijkheid zal ik het ‘verhaal’ van elk personage apart vertellen.

Giovanni Borgia
Giovanni Borgia is het belangrijkste personage in het boek: er worden de meeste pagina’s aan hem besteed en het boek begint met hem en sluit met hem af. Giovanni Borgia is als klein kind opgegroeid bij de, toen nog machtige, Spaanse Borgia-familie: de paus, Alexander, van wie hij dacht dat het zijn overgrootvader was, en Cesare Borgia, van wie hij dacht dat het zijn vader was. Ook zijn vriend Rodrigo, van enkele jaren jonger, met wie hij opgroeit, speelt een belangrijke rol. Toen de Borgia’s van de troon werden gestoten, werd hij samen met Rodrigo naar Isabella gebracht. Dit is de eerste plaats waar hij en Rodrigo niet als gelijken werden behandeld: Rodrigo kreeg duidelijk de voorkeur. Dit alles begreep Giovanni Borgia toen nog niet, maar de reden was dat hij een bastaardzoon was; niemand was zeker wie nu precies zijn ouders waren. Rodrigo en hij groeiden hierdoor steeds verder uit elkaar, totdat Rodrigo op een dag overleed.
Als ‘jongeman’ gaat hij eerst in dienst bij het leger, maar de onzekerheid van zijn afkomst blijft hem kwellen. Daarom probeert hij erachter te komen wie zijn ouders zijn. Hij begint zijn tocht door naar Lucrezia, ‘een Borgia’ en vermoedelijk zijn moeder, te gaan. Lucrezia werd beschuldigd van bloedschande toen ze lang geleden een kind kreeg. Dit kind werd toen snel bij haar weggehaald, het is dus niet zeker of dit Giovanni is geweest. De vader was waarschijnlijk óf paus Alexander, óf Cesare. Na een lang verblijf bij Lucrezia en haar man, besluit hij om verder te gaan naar Rome, aangezien Lucrezia toch niet meer los wil laten. Daar gaat hij aan het werk bij het Vaticaan als pauselijke orator. Daar ontmoet hij ook messer Pietro Aretino, over wie ik hierna meer zal vertellen. Via hem ontmoet hij Tullia d’Aragona, een ‘vooraanstaande’ courtisane, die hij vanaf dat moment regelmatig bezoekt. Tullia wordt verliefd op hem. Haar moeder stelt dit niet op prijs, en jaagt Giovanni weg. Hierbij zegt ze wel dat hij de zoon zou zijn van Lucrezia en een knecht uit die tijd: Pedro Caldès. Dit werpt alleen maar nog meer vragen op bij Giovanni Borgia.
Hij sluit zich aan bij het leger van de Colonna, in de hoop zijn verleden te kunnen vergeten en zich te richten op de toekomst. In die tijd zijn de Italianen ‘verdeeld’ tussen de Fransgezinden en de Spaansgezinden, die allebei strijden om de macht over Italië. Dan zijn er nog mensen die vinden dat de Italianen zelf een leger moeten vormen en voor de macht vechten. De Colonna zijn Fransgezind en vechten tegen de Spaansen. Als ze naar Rome trekken, zijn daar groepen Duitsers en Spanjaarden de stad aan het plunderen. In de chaos komt hij Tullia ook nog tegen, maar die lijkt geheel van de wereld. Even later komen ze een groep Spanjaarden tegen, die willen dat hij Tullia aan hen afstaat. Als hij dat niet wil, wordt hij meegenomen en gemarteld. Hij weet te ontsnappen, maar hij is wel zwaar verminkt.
Hij gaat weer aan het werk aan het Vaticaan. Farnese, een kardinaal, steunt hem ongewoon veel. Hij dringt erop aan dat Giovanni Borgia een proces begint om het hertogdom van Camarino, dat hij als kleine jongen eigenlijk toegewezen had gekregen, terug te winnen. Dit proces verliest hij, maar hij komt er hierdoor wel achter dat Farnese zijn vader is.

Pietro Aretino
Pietro Aretino was een satirisch schrijver en dichter. Het lijkt of hij iedereen kent, en hij bemoeit zich dan ook overal mee en is er trots op dat hij alle ‘roddels’ over belangrijke mensen als eerste te horen krijgt of zelfs verspreidt. Hij herkent Giovanni Borgia meteen als hij hem op het Vaticaan ziet, en probeert achter zijn gedachten en ‘motieven’ te komen en informatie over belangrijke personen via hem te verkrijgen. Ook stelt hij Tullia d’Aragona en Giovanni Borgia aan elkaar voor. Hij komt regelmatig over de vloer bij Tullia, vooral om via haar informatie te krijgen over alle ‘machthebbers’ etc. die Tullia regelmatig bezoeken. Ook hij wordt op een gegeven moment, als de verdeeldheid in Rome het grootst is, aangevallen en verminkt.

Michelagniolo Buonarotti
Michelagniolo Buonarotti is de beroemde kunstenaar Michelangelo. Hij maakt de indruk een erg gefrustreerde man te zijn. Aan de ene kant houdt hij erg van zijn werk, maar hij heeft last van een gevoel van onmacht, omdat hij nog veel grote opdrachten te doen heeft waar hij allang genoeg van heeft, die eindeloos duren en nooit klaar lijken te zijn. Als hij ergens aan werkt geeft hij zich er ook volledig voor over: hij werkt alleen maar en gunt zichzelf nauwelijks tijd om te slapen of eten.

Vittoria Colonna
Vittoria Colonna is de vrouw van de hertog van Pescara. Hij brengt thuis nauwelijks tijd door; hij is liever bij zijn ‘liefje’, die hem in tegenstelling tot Vittoria wél kinderen kon geven. Iedereen weet hoe slecht hun huwelijk in elkaar zit. Vittoria is een vrouw die veel nadenkt en erg zelfbewust is. Haar grootste angst is zelfbedrog. Een tijdlang meent ze een ‘oplossing’ te hebben gevonden als zij het echtpaar Varano ontmoet. Zij zijn erg religieus, vooral Caterina Varano, en helemaal in de ban van fra Matteo, die een voor haar ‘vernieuwende’ blik op de godsdienst werpt.
Pescara komt op een gegeven moment na vele jaren thuis. Op het slagveld is hij ernstig gewond geraakt, en als hij thuiskomt is hij duidelijk niet meer de oude. Hij sluit een ‘deal’ met Morone, een belangrijk man in die tijd, om de keizer te verraden. Maar ondertussen schrijft hij de keizer dat Morone hem dit voorstel heeft gedaan en verraadt hij hem dus – het is niemand helemaal duidelijk wat zijn plannen zijn.
Na een tijd sterft Pescara vanwege zijn zwakke gezondheid. Vittoria schrijft gedichten over Pescara waarin ze hem verheerlijkt; zijn reputatie wordt hersteld, en al het slechts dat hij heeft gedaan wordt zonder meer vergeten.
Vittoria komt erachter dat ze zich niet zo vol overgave op de godsdienst kan storten als Caterina. Ook komt ze erachter dat ze nu slachtoffer is geworden van dat waar ze zich haar hele leven voor heeft geprobeerd te beschermen: zelfbedrog. De gedichten over haar gestorven man meent zij niet, ze heeft nooit werkelijk van hem gehouden.

Niccolò Machiavelli en Franscesco Guiccardini
In het boek wordt een brievenwisseling tussen Niccolò Machiavelli en Franscesco Guiccardini weergegeven. Zij schrijven veel over de politieke toestand. Machiavelli is een ideoloog, hij wil dat de Italianen zelf de macht in Italië in handen nemen, in plaats van de Spanjaarden of de Fransen. Hij is zelf eerst werkloos en wordt later in Rome aan het werk gezet. Guiccardini is een gouverneur, die wat realistischer tegen de dingen aankijkt dan Machiavelli.

Tullia d’Aragona
Tullia is een courtisane, die samen met haar moeder in Rome woont. Haar moeder zet haar voortdurend onder druk om er alles aan te doen ‘de beste en mooiste te zijn’, want ze wil natuurlijk dat de zaken altijd zo goed blijven gaan: Tullia krijgt vooral veel vooraanstaande klanten. Dit is ook een van de redenen dat Pietro Aretino er zo vaak komt: hij ‘gebruikt’ Tullia om informatie over al deze belangrijke mensen te krijgen. Tullia leeft bijna als een gevangene. Als ze Giovanni Borgia ontmoet, wordt ze bijna meteen verliefd op hem. Ze is bereid alles in de steek te laten om met hem mee te gaan. Hij wordt hier echter door verstikt en krijgt bovendien ruzie met Tullia’s moeder, Giulia. Hij vertrekt zonder iets aan Tullia te vertellen.
Het enige moment waarop Tullia weer terugkomt in het verhaal, is als Giovanni Borgia haar tijdens de plunderingen van Rome vindt. Er wordt verder niet geschreven wat er van haar terechtkomt.

Persoonlijke reactie

Onderwerp

Ik denk dat het belangrijkste onderwerp van het hele boek gewoon ‘de situatie in Rome in de zestiende eeuw’ is, omdat er verder niet één belangrijk onderwerp terug te vinden is in de verschillende verhalen. Deze verhalen hebben echter wel elk afzonderlijk ‘sub-onderwerpen’. Zo is het onderwerp van het verhaal van Giovanni Borgia de zoektocht naar en onzekerheid over zijn afkomst. Bij Vittoria Colonna is het belangrijkste onderwerp zelfbedrog. Bij Michelagniolo Buonarotti is het belangrijkste onderwerp zijn frustratie over zijn beroep, die tegelijkertijd voorkomt uit liefde daarvoor. Zo hebben alle personages wel een eigen onderwerp.

Het ‘hoofd-onderwerp’ leek me wel interessant, omdat ik historische romans meestal leuk vind om te lezen. In het boek was het wel anders uitgewerkt dan ik had verwacht; ik had verwacht dat het gewoon één verhaal zou zijn over ‘een bepaalde gebeurtenis’. In plaats daarvan waren het verschillende verhaallijnen, die aan het einde van het boek wel allemaal een min of meer gesloten einde hadden, maar het ging meer over het hele leven van de personages en over het verloop van de situatie in Rome.

Ik vind dat de schrijfster het onderwerp zeker niet oppervlakkig heeft uitgewerkt. Ten eerste worden de politieke achtergronden uit die tijd uitvoerig beschreven. De politiek is van groot belang in dit boek, mede omdat bijna alle personages er persoonlijk bij zijn betrokken. Ik weet niet of alles ook precies zo is gebeurd als het in het boek staat, maar in ieder geval komt het wel erg betrouwbaar over. Een voorbeeld waarin de politiek uitvoerig wordt besproken, is het volgende fragment uit een brief van Franscesco Guiccardini aan Niccolò Machiavelli op pagina 158:

“Ik ben op de hoogte van de plannen van messer Girolamo Morone. Die zijn overigens niet van hem afkomstig, maar in de naaste omgeving van Zijne Heiligheid uitgebroed. Het is niet bekend wie het denkbeeld het eerst geopperd heeft. Ik geloof niet dat de paus en Giberti beseffen op welk gevaarlijk terrein zij zich wagen. Men heeft ook mij in vertrouwen genomen, maar ik wil met deze gelegenheid niets te maken hebben. Dat Morone er onmiddellijk voor te vinden was spreekt boekdelen.”

Vooral in de brieven van Guiccardini en Machiavelli wordt er op deze manier over de politiek gesproken, op een manier waarop mensen uit die tijd er echt over zouden kunnen hebben geschreven. Verder lijkt het alsof de schrijfster precies weet hoe alles in het normale leven ging in die tijd: hoe mensen met elkaar omgingen, wat de normen en waarden waren, hoe mensen zich gedroegen, etc. wordt allemaal erg realistisch beschreven (hoewel ik dus niet met zekerheid kan zeggen dat het ook echt zo is geweest).

Gebeurtenissen

De gedachten en gevoelens van de personages zijn ongeveer even belangrijk als de gebeurtenissen. Er wordt niet meer aandacht aan het één besteed dan aan het ander. Een uizondering is misschien Vittoria Colonna, want bij de gedeeltes die over haar gaan zijn haar gedachten en gevoelens belangrijker dan bij de andere pesonages. Dit komt waarschijnlijk doordat ze ook voor Vittoria zelf belangrijker zijn: ze denkt hier veel over na, terwijl de andere personages eerder zullen nadenken over de gebeurtenissen in het land en in hun eigen leven. Ik vind dat dit goed past bij het verhaal, omdat de gebeurtenissen natuurlijk belangrijk zijn om een beeld te schetsen van de situatie, maar daarnaast zijn gedachten en gevoels van personages zeker niet minder belangrijk: deze hebben namelijk invloed op de gebeurtenissen, net zoals de gebeurtenissen invloed hebben op de gevoelens en gedachten. Dat er bij Vittoria Colonna meer aandacht wordt besteed aan haar gevoelens en gedachten, helpt om een duidelijker karakter neer te zetten.

De gebeurtenissen volgen elkaar wel logisch op. Het verhaal verloopt, afgezien van flashbacks, chronologisch. Als er wordt overgeschakeld naar een ander personage gaat het verhaal meestal gewoon door waar het bij het vorige personage is opgehouden; in andere gevallen maakt het óf niet zoveel uit wanneer het speelt, óf het wordt door bepaalde gebeurtenissen duidelijk wanneer het verhaal zich afspeelt: de verhalen overlappen elkaar af en toe, dit wordt dan duidelijk doordat een gebeurtenis die bij een bepaald personage werd beschreven dan opnieuw wordt beschreven bij weer een ander personage. Alle belangrijke gebeurtenissen worden beschreven, en je mist dus niets, waardoor de gebeurtenissen minder samenhang zouden kunnen vertonen.

De gebeurtenissen blijven niet altijd even boeiend. In sommige delen wordt er lang over politiek en ‘belangrijke mensen’ gesproken, wat op den duur wel saai kan worden. Vooral in het begin weet je bovendien nog niet helemaal wie wie is en hoe alles in elkaar zit, zodat alles nogal onduidelijk overkomt. Maar na een tijdje begon het boek steeds boeiender te worden.

Je hoeft zelf meestal geen verbanden te leggen tussen de gebeurtenissen, want alles wordt duidelijk en uitvoerig beschreven. Alleen moet je soms wel goed ‘opletten’ om te snappen wie wie is en wat er nu precies gebeurt. Sommige dingen, zoals de ‘algemene situatie’ in de 16e eeuw in Italië, worden niet helemaal beschreven. Je moet dan zelf uitzoeken hoe iets zit. Je wordt als het ware als je begint te lezen in die tijd ‘gedumpt’. Er wordt over alles geschreven en gesproken alsof men echt in die tijd leeft, er wordt dus niets uitgelegd wat voor de mensen van toen vanzelfsprekend zou zijn geweest. Naarmate je verder leest snap je dan ook meer van het verhaal, omdat dit soort onderwerpen dan meer aan bod zijn gekomen en je de kans hebt gehad om te snappen wat er aan de hand is. Het eerste deel van het boek, over Giovanni Borgia, begint met een nogal onduidelijk gedeelte waarin het moeilijk is verband te leggen tussen de gebeurtenissen, omdat je nog niets weet over zijn achtergrond en wat er ‘mis’ zou zijn met de naam Borgia.

Personages

De karakters van de personages worden duidelijk beschreven, niet letterlijk, maar je kent hen wel goed kennen in de loop van het boek. Er is ook duidelijk een verschil te merken tussen de personages in sfeer en karakter. Zo is Michelagniolo Buonarotti duidelijk een gefrustreerde man. Dit blijkt uit het volgende fragment van pagina 366:

“Terwijl hij voortging de torso’s van de gebonden slaven vrij te beitelen, brandde in hem als koorts de drang vorm te geven aan die nieuwe denkbeelden. Hij voelde dat zijn last verdubbeld was. Hij zwoegde niet meer met overgave aan het mausoleum. Bij het werk had hij zijn gevaarlijkste tegenstander te bestrijden, zijn eigen afkeer van zijn taak, en die kracht in hem die hem dreef naar het scheppen van de andere gestalten, die níét zijn knechtschap, zijn steunend dragen van een gehate last, maar de enig mogelijke bevrijding verzinnebeelden zouden. De woorden van paus Clemens – vergeet de Medici-kapel niet – had hij bewust uit zijn gedachten verbannen, om niet in verleiding te komen, maar nu lieten die zich niet meer verdringen, hij kon er zijn oren niet tegen verstoppen. Zij waren als de wind die het vuur aanwakkert.”

Giovanni Borgia is nog jonger, hij heeft meer ‘hoop’ en is op een andere manier doelgericht, hoewel hij wel wordt tegengehouden door zijn afkomst. Het volgende fragment van pagina 166 laat dat gedeeltelijk zien:

“Ik heb gemeend dat ik mij zou kunnen neerleggen bij het feit dat ik op het hertogdom Camerino geen enkel recht kan laten gelden. Maar dat is te veel geëist. Ik veracht Varano, die zijn burcht ontmant door er een klooster, een hostpitaal, een armenhuis van te maken. Wie zo omspringt met zijn erfgoed verdient het te verliezen. Hij steunt met raad en daad afvallige monniken en ijvert voor kerkhervorming.”

Ik denk dat het belangrijk is om de karaktereigenschappen van de personages goed te leren kennen, omdat je je dan beter in hen kan verplaatsen. Dan kun je beter begrijpen waarom ze bepaalde dingen doen of denken, en bovendien wordt het boek dan leuker om te lezen.

Hoewel de personages natuurlijk in een heel andere tijd en daarmee in een heel andere situatie leven dan wij nu, vond ik toch dat ze herkenbaar en levensecht overkwamen. De personages kwamen heel realistisch over, net alsof de schrijfster hen echt heeft gekend. Hun karakters en daden waren realistisch.

Ik vind niet dat de personages al te voorspelbaar reageren. Sommige dingen horen gewoon bij hun karakter, zoals dat Pietro Aretino in het begin steeds lange verhalen begint te vertellen over iedereen die hij ziet, of dat Giovanni Borgia uit zijn slof schiet als iemand een opmerking over zijn afkomst maakt. Maar de personages waren niet in die mate voorspelbaar dat het vervelend werd.

Opbouw

In het begin vond ik de opbouw van het verhaal wel een beetje onduidelijk. Het verhaal begint namelijk met een stuk dat ‘door’ Giovanni Borgia is geschreven. Alle namen en plaatsen zijn dan nog nieuw voor je, terwijl er over wordt gesproken alsof iedereen weet wie wie is. Dat is dus sowieso al onduidelijk. Maar de opbouw versterkt dit nog eens: er komen zeer veel flashbacks over de jeugd van Giovanni Borgia in voor, zodat je in het begin alles een beetje door elkaar haalt. Later in het boek verlopen de verhalen voor het grootste deel chronologisch. Verder zou je misschien denken dat het verwarrend zou zijn dat je steeds van perspectief wisselt, maar dit vond ik juist helemaal niet verwarrend. Elk hoofdstuk heeft gewoon de naam van het personage waar het dan om gaat, dus daar hoeft geen verwarring over te ontstaan.

Zoals ik al heb verteld, zie je de gebeurtenissen dus door de ogen van meerdere personages. Dit vind ik wel geslaagd, omdat je zo een beter totaalbeeld van de situatie krijgt. Op deze manier merk je dat sommige personages bepaalde zaken toch wel subjectief bekijken.

Aan het slot blijf je gedeeltelijk wel met vragen zitten. In het boek zijn er meerdere onderwerpen die in de loop van het boek vragen opwerpen, en sommigen daarvan worden wel, en sommigen niet beantwoord. De waarschijnlijk belangrijkste vraag van het boek wordt niet helemaal beantwoord: wie zijn Giovanni Borgia’s ouders? Het wordt aan het einde van het boek wel duidelijk dat het heel goed mogelijk is dat Farnese zijn vader is, maar omdat Farnese dit onderwerp ontwijkt, is het nog steeds niet zeker. Andere onderwerpen die niet worden afgesloten zijn de toekomst van Tullia d’Aragona, Michelagniolo Buonarotti en Pietro d’Aretino; het is niet duidelijk wat er verder met hen zal gebeuren. Weer andere onderwerpen, zoals de strijd tussen de frans- en spaansgezinden en de relatie tussen Vittoria Colonna en haar man worden wel afgesloten. Gek genoeg vond ik dit slot niet eens zo vervelend, omdat ik gewoonlijk niet van een open einde houd. Het was dan ook niet helemaal een open einde, omdat ook naast de andere ‘afgesloten onderwerpen’, de vraag over de ouders van Borgia wel gedeeltelijk wordt beantwoord.

In het allereerste begin vond ik het boek nog een beetje saai, maar hoe meer ik las, hoe boeiender het werd. In de loop van het boek kwamen er echter wel weer saaiere gedeeltes voor. Pas na de tweede helft van het boek begon ik het écht leuk te vinden. Ik kan hier niet echt een duidelijke oorzaak voor aanwijzen. Misschien kwam het doordat ik toen meer in het verhaal zat en doordat je alle personages dan wat beter ‘kent’, zodat het wat levendiger wordt. Het leek ook alsof het verhaal vanaf dat moment interessanter werd, maar het kan ook dat dat alleen maar zo leek door bovengenoemde redenen.

Taalgebruik

Het taalgebruik van het boek was niet al te moeilijk. Alles was natuurlijk wel in schrijftaal opgeschreven, en dus moeilijker geformuleerd dan in gewone spreektaal. Daarom stonden er wel lange, toch wel redelijk ingewikkelde zinnen in het boek die ik twee keer moest lezen voordat ik ze begreep.

In verhouding staat er in het boek nogal veel beschrijvingen en weinig dialogen. Sommige gedeelten kunnen daardoor saai worden, omdat weinig dialoog vaak ook betekent: weinig ‘actie’ en gebeurtenissen.

Ik vond niet dat de schrijfstijl speciaal goed past bij de personages. Alles is ‘normaal’ opgeschreven, zonder bijzonderheden of zo. Ik zou ook niet weten wat de schrijfster aan de schrijfstijl zou moeten hebben aangepast om het meer bij de personages te laten passen.

Het boek leverde geen problemen op door beeldspraak of symbolische verwijzingen, omdat die er naar mijn weten niet of nauwelijks in voorkwamen.

Eindoordeel

Ik vond het een leuk boek. Het onderwerp sprak me aan, en alles was erg realistisch beschreven. De personages kwamen ook ‘echt’ over. Ik vond de schrijfstijl ook wel goed. De enige twee dingen die ik wat minder vond aan het boek, waren dat sommige gedeelten saai waren en dat alle namen van plaatsen en mensen niet werden uitgelegd, zodat daar af en toe verwarring over kon ontstaan. Maar verder vond ik het heel leuk om dit boek te lezen.

Verdiepingsopdracht

Verwachtingen


Ik had verwacht dat het boek gewoon één doorlopend verhaal zou zijn, waarbij één gebeurtenis of onderwerp centraal zou staan. Dat was niet zo, want het boek bestond dus uit meerdere verhaallijnen en er stond niet echt één gebeurtenis centraal: het hele leven van Giovanni Borgia tot op het moment dat het boek eindigt wordt beschreven, en van de andere personages lijkt het alsof het een willekeurige periode van hun leven is die in het boek is geplaatst. Dat mijn verwachtingen niet zijn uitgekomen heeft niets te maken met mijn eindoordeel, omdat ik het toch een leuk boek vond.

Open plekken

Er komen wel een aantal open plekken voor in het verhaal. Veel open plekken ontstaan doordat je nog niet weet wie iemand is en wat er precies aan de hand is. Ook het begin van het boek, waarin Giovanni Borgia beschrijft wat zijn achternaam voor hem betekent, snap je niet waar dit op slaat. De meeste open plekken worden al redelijk snel ingevuld. Als dit niet gebeurt, zijn de open plekken meestal niet belangrijk voor de rest van het verhaal. Je kunt de open plekken meestal niet zelf invullen, want de meeste open plekken ontstaan door een gebrek aan achtergrondinformatie. Die kun je dus niet zelf bedenken.
De belangrijkste open plek is de vraag over de afkomst van Giovanni Borgia. Deze open plek wordt niet ingevuld, wat ik hierboven ook al heb besproken. Je kunt deze open plek ook niet zelf invullen, omdat je hier gewoon niet genoeg informatie voor hebt.

Spanningsbogen

De belangrijkste spanningsboog is hetzelfde als de belangrijkste open plek: de vraag over de afkomst van Giovanni Borgia. Deze spanningsboog loopt vanaf het moment dat je weet dat hier onzekerheid over bestaat, dit is een tijdje na het begin van het boek, tot het einde van het boek, hoewel de spanningsboog dan dus eigenlijk nog steeds niet is afgelopen.
Er ontstaan ook spanningsbogen doordat het boek steeds van perspectief wisselt. Je weet dan namelijk niet hoe het verder gaat met de andere personages, en je moet verder lezen om weer over een ander personage te lezen. Eigenlijk zijn er dus constant spanningsbogen over de personages waar je op dat moment níét over aan het lezen bent.

Manipulatietechnieken

De belangrijkste manipulatietechniek die de schrijfster gebruikt, is het overschakelen naar een andere verhaallijn. Ik merkte tijdens het lezen van het boek dat dit inderdaad goed werkte: als ik een gedeelte over Giovanni Borgia aan het lezen was, wilde ik bijvoorbeeld juist weten hoe het verder zou gaan met Tullia d’Aragona, weer bij iemand anders wilde ik juist weten hoe het verder zou gaan met Giovanni Borgia, etc.
Een andere manipulatietechniek die de schrijfster gebruikt, is het achterhouden van informatie.

Het einde

Het boek heeft een ‘half-open’ einde. Veel vragen worden wel opgelost, maar niet allemaal. De belangrijkste vraag wordt maar half opgelost: Giovanni Borgia is waarschijnlijk de zoon van Farnese. Ik vond dat dit einde wel goed bij het boek paste. Borgia had er namelijk het hele boek al mee ‘geworsteld’ wat zijn afkomst was, en hij had er al half in berust een Borgia te zijn en besloten om zich op de toekomst te gaan richten. Het zou een beetje vreemd zijn als hij nu dan opeens zeker zou weten dat Farnese (of iemand anders) zijn vader zou zijn. Verder vind ik het wel leuk dat Farnese nu waarschijnlijk zijn vader blijkt te zijn, omdat dit een onverwachte wending is. Daardoor is het slot toch niet voorspelbaar of saai.

Literatuur

Het boek is literatuur. Ten eerste omdat de personages karakters en geen types zijn: ze bezitten veel karaktereigenschappen en zijn onvoorspelbaar. Verder heeft het boek niet echt een ‘happy end’. Het heeft geen doorzichtige opbouw en er zit genoeg diepgang in. Bovendien is het taalgebruik niet eenvoudig.

Dit verslag is bedoeld als naslagwerk. Gebruik geschiedt op eigen risico. De verslagen op Scholieren.com zijn ingestuurd door middelbare scholieren (tenzij anders vermeld) en worden niet gecontroleerd op fouten. Heb je in dit verslag een fout gevonden of heb je een aanvulling? Laat het ons dan weten.

zoeken

a d v e r t e n t i e


Ik wil alles weten over…
• het eerste jaar
• boeken
• colleges
• de stad Leiden
• docenten
• studentenleven
• nog veel meer

Op de Open Dagen van de Universiteit Leiden kun je alles te weten komen over studeren in Leiden. Kom op 20/21 november naar de opleiding van jouw interesse.

www.opendageninleiden.nl



Gelukkig heeft Scholieren.com nu elke vrijdagmiddag film.

geef je mening: Sinterklaas

Hoe vier jij Sinterklaas?



» resultaten poll