Willem Elsschot

1933

114

Nederlands

bovenbouw vmbo/havo/vwo

1 uit 5

7.3 / 10
4e klas havo
Samenvatting:
Frans Laarmans werkt als klerk op het kantoor van de General Marine and Shipbuilding Company. Hij vertelt dat zijn moeder overleden is. Zij was oud en kinds. Zij herinnerde haar man niet meer en herkende ook haar kinderen niet meer. Laarmans vertelt dat hij tot middernacht Pale-Ale heeft zitten drinken en kaarten Toen hij in bed wilde stappen was zijn broer Oscar aan de deur, die vertelde dat zijn moeder op sterven lag. Zijn familie is in het huis van zijn moeder aanwezig. Na een uur is ze dood. Thuisgekomen is hij moe en zegt maar tegen z'n vrouw dat de situatie niet veranderd is. Op de begrafenis ontmoet hij Van Schoonbeke die hem uitnodigt om op bezoek te komen.

De vrienden van Van Schoonbeke zijn rechters, advocaten, kooplieden en bezitten allen auto's. Laarmans wordt voorgesteld als 'mijnheer Laarmans van de scheepstimmerwerven'. Hij voelt zich daar niet thuis. Ze praten daar over zaken waar Laarmans niet over kan meepraten. Van Schoonbeke vraagt hem op een zekere dag om vertegenwoordiger in België van een grote Nederlandse firma te worden. Het handelt in kaas.
Op de tram naar huis voelt hij zich al een heel ander mens. Hij denkt na over het lot van klerken, die altijd nederig moeten zijn. Thuis gekomen probeert hij zo gewoon mogelijk te doen, maar zijn vrouw en zoon merken dat er iets aan de hand is. 's Avonds in bed vertelt hij het aan zijn vrouw. Laarmans wil al zijn baan bij de General Marine and Shipbuilding Company op zeggen maar zijn vrouw raadt hem dat af. Hij schrijft de volgende dag een brief naar de firma in Amsterdam en zal zich op kantoor ziek melden.
Laarmans wordt voor de firma Hornstra algemeen vertegenwoordiger voor België en het Groothertogdom Luxemburg. Hornstra zal hem om te beginnen twintig ton volvette Edammer sturen. Laarmans krijgt vijf procent van de verkoopprijs, een vast salaris van driehonderd gulden per maand en vergoeding van reiskosten. In Antwerpen aangekomen gaat hij naar de wekelijkse bijeenkomst bij Van Schoonbeke, die hem nu voorstelt als 'mijnheer Laarmans, groothandel in voedingswaren'. Laarmans gedraagt zich veel zelfbewuster dan voorheen en de gasten nemen nu ook een andere houding aan. Van Schoonbeke laat laarmans uit.


'Nu wij alleen in de gang stonden noemde hij kaas eenvoudig kaas. Boven waren het voedingswaren. Welnu ja, kaas is kaas. En was ik een ridder, ik voerde drie kazen van keel op veld van sabel'

Thuis lichtte hij zijn vrouw pas in na het eten. Zij leest het contract nauwkeurig en stelt vragen over de maandelijkse uitkering. Dit blijkt niet bedoeld te zijn als salaris maar als een voorschot op het eventuele commissieloon. Laarmans is geïrriteerd dat hij dat niet gezien heeft en probeert zijn vrouw te overbluffen door vreemde woorden te gebruiken.
Laarmans neemt geen ontslag op de werf maar zijn broer zorgt ervoor dat hij de komende drie maanden niet op hoeft komen te dagen. Hij lijdt aan 'zenuwen' en krijgt onbetaald ziekteverlof.
Hij begint nu vol goede moed met het inrichten van zijn kantoor. Het kantoor komt in een kamertje in het huis naast de badkamer. Hij wil een firmanaam hebben voor op zijn briefpapier. Hij begint met de naam 'Kaashandel' en komt uiteindelijk uit op 'General Antwerp Feeding Products Association', afgekort GAFPA. De familie laarmans krijgt ook telefoon.
Van Schoonbeke beveelt een notariszoon aan voor een eventuele associatie. Laarmans voelt daar niet zo veel voor. Thuis hoort hij dat de kaas aangekomen is Iemand had gebeld maar niemand weet waar de kaas is. Ida was de naam vergeten. Er heerst een geprikkelde stemming.
De volgende morgen belt iemand van het Blauwhoedenveem om te vragen waar de kaas moet blijven. Laarmans vraagt wat er gewoonlijk met Edammers gebeurt en de man zegt dat hij een lijst met kopers nodig heeft. Laarmans gaat naar de opslagplaats toe en laat de 10.000 kazen, verpakt in 370 kisten, opslaan in de kelders, Hij laat daar merken dat hij erg onervaren is. Eén kist laat de man thuis bezorgen, omdat de man van het veem meent dat hij monsters nodig zal hebben.
Thuis wil iedereen van de kaas proeven. Karel komt langs en vraagt of er al veel kaas verkocht is. Dat blijkt niet het geval te zijn en hij adviseert op te schieten met de verkoop. 's Avonds schrijft laarmans een brief op Van Schoonbeke zijn schrijfmachine aan Hornstra. Hij neemt gelijk een halve kaas mee. Van Schoonbeke zegt dat hij ervoor zal zorgen dat Laarmans kandidaat wordt bij de aanstaande presidentsverkiezingen van de Vakbond van Belgische Kaashandelaren.
Laarmans zoekt de hele week de stad af naar een tweedehands schrijfmachine en bureau. Hij loopt niet graag door de stad, omdat hij bang is z'n collega's te ontmoeten. Hij koopt een bureau en huurt een schrijfmachine. Op de bijeenkomst bewondert iedereen de kaas. Laarmans belooft de kaas te leveren tegen de prijs van de groothandel.
Laarmans bezorgt de kazen zelf. Het zijn er zeven en een half. Zijn broer rekent uit dat als dit in zo'n tempo voortgaat hij de kazen pas over dertig jaar verkocht heeft. Laarmans plaatst dan een advertentie om agenten aan te stellen. Hij krijgt ruim tweehonderd sollicitatiebrieven binnen. Op een middag staan er drie collega's van de scheepswerven op de stoep. Ze brengen een tric-trac spel met een zilveren plaatje met inscriptie erop.
Laarmans stelt dertig agenten aan, die werken op commissiebasis. Hij drukt fraaie bestelbonnen maar er komen geen bestellingen. Hij besluit twee agenten te bezoeken. De ene man blijkt onbekend te zijn aan het opgegeven adres en de andere man zegt dat de kaaszaken hem niet interesseren. 'Ik begrijp er niets van.'
Laarmans is gekozen tot plaatsvervangend voorzitter van de Association Professionnelie des Négociants en Fromage. Hij moet verschijnen op het Departement van Handel met een deputatie onder zijn voorzitterschap. Men wil de verhoging van de invoerrechten ongedaan krijgen. laarmans wil niet want hij is
bang voor publiciteit. Als Laarmans daar zit met vier andere mensen in kaas nemen zij het woord. Op een gegeven staat Laarmans op en zegt met luide stem 'ik heb er genoeg van'. De directeur-generaal, geschrokken, verlaagt de invoerrechten met vijf procent en hetzelfde voor het volgend jaar. Daarna treedt Laarmans af.
Hornstra belt dat hij langs zal komen om de verkochte kaaspartijen af te rekenen. Laarmans krijgt het benauwd, omdat er nog geen orders binnen zijn en gaat zelf op pad. Eerst neemt hij een korte les voor verkopers die moeite hebben met hun verkoop, waarover hij in de krant in gelezen. Met deze informatie gaat hij naar een comestibieszaak, na zich moed te hebben ingedronken in een café. Hij wordt ontvangen door de eigenaar die zegt hetzelfde beroep te hebben gehad als Laarmans.
Thuis hoort hij dat Jan een hele kist heeft verkocht aan de vader van een vriendje. Laarmans bezorgt de kaas per taxi. Ida had het ook geprobeerd en wordt nu voor kaasboerin uitgemaakt op school.
De zoon van de notaris zegt dat zijn vader bereid is de Gafpa-onderneming te 'commanditeren'. De zoen heeft een plan waarmee hij zijn vader kan oplichten. Laarmans antwoordt dat hij via Van Schoonbeke bescheid zal geven. Laarmans spijkert de kisten met kaas dicht die in de kelder stonden en brengt die per taxi terug naar Blauwhoedenveem. Hij denkt terug aan hoe hij die hele kaashandel heeft kunnen aannemen. Hij denkt dat hij te meegaand is, hij had de moed niet de aanbieding van Van Schoonbeke af te slaan.
Laarmans wacht op de komst van Hornstra, maar besluit de deur niet open te doen. Hij stuurt het geld per brief en de kazen ligt veilig opgeborgen. Als Hornstra komt doet hij of hij niet thuis is.
'Maar ik moet naar de keuken. Mijn vrouw staat daar zonder iets te doen en kijkt ons tuintje in. Ik ga op haar toe en sluit haar in mijn armen. En als mijn eerste tranen op haar verweerd gezicht vallen, zie ik dat zij mij tegenweent,' (... ) 'De kaastoren is ingestort.'
Laarmans wordt hartelijk ontvangen bij de General Marine. Hij beseft nu dat hij het daar eigenlijk best naar z'n zin had.
Laarmans schrijft aan Hornstra dat hij niet door kon werken wegens gezondheidsredenen. Drie dagen later ontvangt hij alsnog een bestelbon voor vierduizend tweehonderd kilo van een ijverig agent. Van Schoonbeke belt Laarmans om te vragen waar hij blijft. Hij gaat woensdag weer, de notariszoon is ook aanwezig. Deze is niet sympathiek. Laarmans bezoekt het graf van zijn ouders met een bos chrysanten, die hij zich liet aanpraten.
Over kaas wordt thuis niet meer gesproken. Mevrouw Laarmans is zo verstandig de volgende tijd geen kaas meer op tafel te zetten. 'Brave, beste kinderen. Lieve, lieve vrouw.'

Inhoudelijke Kenmerken:

Titel
Kaas

Auteur
Willem Eisschot (Pseudoniem: Alfons de Ridder)

Uitgever
Querido, Amsterdam

1e Druk
1933

Genre
Novelle, omdat het boek handelt om één persoon de vertelde tijd is betrekkelijk kort en uitgebreide karakterbeschrijvingen zijn afwezig. Ook is de omvang niet groot.

Titelverklaring
De titel slaat op het belangrijkste onderwerp van het boek, de handel in kaas.

Opbouw
Kaas bevat 77 bladzijden. Het begint met een inleiding door de schrijver, waarin hij het over stijl heeft. Dan stelt de schrijver de personages voor. Het verhaal is verdeeld in vierentwintig korte hoofdstukken.

Tijd
De gebeurtenissen bestrijken een periode van zo'n drie maanden.

Vertelsituatie
De schrijver gebruikt de ik-situatie. De hoofdpersoon richt zich soms tot de lezer, alsof het boek een brief was. Hij gebruikt de tegenwoordige tijd. Het verhaal is, afgezien van een flash-back aan het begin, chronologisch verteld.

Ruimte
Het verhaal speelt zich af in Antwerpen. Frans laarmans maakt ook een reis naar Amsterdam.

Personages

- Frans Laarmans. Hij is de hoofdpersoon van het verhaal. Hij is een gevoelsmens, zachtmoedig en verlegen, hoewel hij ook sarcastisch kan zijn om zijn ware gevoelens te verbergen. Op de sterfdag van zijn moeder lijkt hij grof en onverschillig, maar later denkt hij met liefde aan haar terug. Voor de handel is hij ongeschikt, een born-loser. Hij is niet berekenend, niet praktisch en niet doortastend.
'En intussen sta ik daar, als een grote nul.'
- Mevrouw laarmans. Zij is een verstandige vrouw en een goede moeder, met een nuchtere kijk op dingen.
- Van Schoonbeke. Hij is de vriend van de broer van Frans laarmans, Karel. Hij is vermogend, beschikt over veel relaties. Hij neemt Frans Laarmans op als zijn protégé in zijn snobistische vriendenkring. Hij meent het goed met Frans, maar ziet vaak tegen zijn verblijf op. Hij zorgde ervoor dat Frans zijn baan kreeg.
- Karel Laarmans. Werkt als dokter en is een joviale man. Hij voelt zich verantwoordelijk voor zijn twaalf jaar jongere broer en laat dat merken.

- Jan en Ida. De kinderen van Frans. Normaal en leven met hun vader mee.

Opdracht

AAN JAN GRESHOF

Ik luister zwijgend naar die stem
Die hijgt en hees is, maar vol klem,
Die in mineur zingt bij ’t verwensen
Van ’t alledaagse in de mensen

Ik volg de hoeken van die mond,
Een kwalijk toegegroeide wond
Die alles uitdrukt, als hij lacht,
Wat hij zo fel in woorden bracht

Hij heeft een vrouw en kroost en vrinden,
Hij heeft een hele hoop beminden
Waar hij plezier aan heeft als geen.
Toch staat Jan Greshof heel alleen.

Hij zoekt en kijkt, hij hoopt en wacht
Van de ene nacht tot de andere nacht.
Hij hoort iets en komt overeind:
Hij wacht in Brussel op zijn eind.

Vooruit Janlief, hanteer de riem,
En geef die rotzooi op striem!
Vaag al dat vee van uwe baan
Zo lang uw hart nog mee wil gaan.


Motieven
De relatie tussen Laarmans en zijn moeder is een belangrijk motief. Ook de onvrede van Laarmans met zijn maatschappelijke positie komt vaak tot uiting, net als zijn kleinburgelijke angst voor het oordeel van de buurvrouw, Peeters, wie, op haar beurt, niets ontgaat van wat er ten huize laarmans voorvalt.

Thema
Het thema is: de sentimenten en de gedachtengang van een gevoelsmens in contact met de werkelijkheid.

Over de Schrijver
Willem Eisschot (eigenlijk Alphonsus Josephus de Ridder; 1882-1960) Belgisch (Vlaams) schrijver. Leidde na WO 1 te Antwerpen een eigen reclamebureau. Eisschot neemt in de Nederlandstalige literatuur een eigen plaats in door zijn laconieke, geconcentreerde stijl, waarachter grote bewogenheid schuilgaat. Zijn eerste roman was 'Vilia des roses' (1913), in 1921 gevolgd door 'Een ontgoocheling' en 'De verlossing'. In 1924 verscheen 'Lijmen', de eerste van een serie ik-romans. De in wezen fatsoenlijke ik-figuur Frans Laarmans treedt eerst in de voetsporen van de doorgewinterde zakenman Boorman, maar in het vervolg 'Het been' (1938) keert hij terug tot zijn eigen fatsoensnormen. Laarmans treedt in een aantal romans op, te weten 'Kaas' (1933), 'Tsjip' (1934), 'De leeuwentemmer (1940), 'Het tankschip' (1940) en 'Het dwaallicht' (1946), Elsschot's laatste werk. Daarnaast verschenen nog de novelle 'Het pensioen'(1937) en de dichtbundel 'Verzen van vroeger (1934). Bekroond met onder andere de Belgische Driejaarlijkse Staatsprijs voor het Proza (1948) en de Nederlandse Constantijn-Huygensprijs (1951).



Recensie:

Bron De Stem

Publicatiedatum 28-8-1987

Recensent Gerard van Herpen

Recensietitel Kaas: Elsschot uit het vuistje

De novelle of kleine roman 'Kaas' is voor het schrijversbestaan van Willem Elsschot van beslissende betekenis geweest. Hij had, toen het boek in 1933 uitkwam, in tien jaar niets meer gepubliceerd. Zijn laatste boek 'Lijmen' was in 1923 verschenen en daarna viel er over de figuur van Elsschot een stilzwijgen.

Jan Greshoff, die bevriend was met Elsschot, sprak daar in 1933 zijn verwondering over uit Later verklaarde Elsschot dat hij die opmerking van zijn vriend 'als een zweepslag' had ervaren. Zijn boek 'Lijmen' had in 1923 vooral in Vlaanderen geen beste kritieken ontvangen. De Vlaamse critici waren nog helemaal in de ban van het picturale en lyrische werk van Streuvels en Timmermans en in het bondige, zakelijke proza van Elsschot herkenden zij de taal van Vlaanderen en de perikelen van de Vlaamse mens nog niet.

Alfons Jozef de Ridder, zo als Elsschot in werkelijkheid heet, was in de reclame gegaan en werkte sinds 1931 volledig voor zichzelf. Met 'Kaas' begon Willem Elsschot aan een episode in zijn literaire leven die hem tot een van de grootste Nederlandse romanschrijvers heeft gemaakt. Hij was Greshoff daar zo dankbaar voor, dat hij het boekje aan hem opdroeg met een aan Jan Greshoff gewijd gedicht.

Aanleiding om overhaast te schrijven is de uitgave van de 24-ste druk in de vorm van een Salamander, gestoken in een kaasgele omslag van J. Tapperwijn, die nog net niet naar kaas riekt. Een Elsschot uit het vuistje. Toen vorig jaar het Verzameld Werk van Willem Elsschot verscheen, heb ik in mijn argeloosheid geschreven dat ik niet begreep waarom er behalve een Verzameld Werk gelijktijdig ook nog afzonderlijke Elsschotjes moesten verschijnen. In het speciale Elsschotnummer van BzztoH (1977!) lees ik nu pas dat er hartstochtelijke verzamelaars van die losse Elsschot-bundels bestaan. Maarten Biesheuvel Is er kennelijk een van.

Bij de heruitgave van 'Kaas' als afzonderlijk boekje, realiseer ik mij pas goed hoe plezierig het is om een Elsschot los in handen te hebben. Te meer omdat we hier te maken hebben met een heel curieus Elsschotboek. 'Kaas' schreef bij in veertien dagen tijd en het is tevens een boek dat hij zelf veel hoger aansloeg dan zijn ander werk.

Het verhaal is ontroerend en simpel als het leven zelf. Frans Laarmans, klerk bij de Generale Marine and Shipbuilding Company, besluit om zijn leven een andere wending te geven door zelfstandig een handel in Hollandse kaas te beginnen. De klerk gaat in zaken en op een kwade dag ligt er zo maar tien ton echte Hollandse kaas opgeslagen in een Antwerps veem.

De vraag is dan hoe de klerk Laarmans zijn kaas kwijt raakt. Laarmans krijgt in het café weliswaar meteen het aanzien van een echte zakenman, maar thuis gebeurt er eigenlijk helemaal niets met de handel.
Hij stelt overal in het land vertegenwoordigers aan, die hij overigens niet of nauwelijks kent, hij schaft zich een nieuw bureau, speciaal bedrukt postpapier en een schrijfmachine aan, maar er wordt nog geen bolletje kaas verkocht. Behalve dan de ene kist die zijn zoon Jan na schooltijd terloops van de hand deed Er wordt, nadat de kaashandel een beetje vreemd van de hand is gedaan, in het gezin van Laarmans nooit meer over kaas gesproken. 'Kaas' is niet alleen het verhaal van een zakelijke mislukking. De mens achter de hele onderneming trekt zich na dit menselijke debácle in zijn burgerlijke doodgewoonheid terug, binnen de veilige grenzen van zijn eigen bastion, dat van zijn 'brave, beste kinderen en van zijn lieve, lieve vrouw'.

Hoe dicht Elsschot bij de gestalten in zijn boek stond en in welke mate hij zich in hun leven en werken had ingeleefd, bleek toen de schrijver zijn nieuwe boek in 1933 voorlas aan Ary Delen, Jan Greshoff, Jan van Nijlen, uitgever Van Kampen en Menno ter Braak. Bij het laatste hoofdstuk gekomen, was Elsschot zo ontroerd dat hij begon te snikken en moest stoppen met voorlezen, zijn vriend Ary Delen nam toen de voorlezing van hem over.


Het boek verscheen eerst in het tijdschrift 'Forum' en werd daarna uitgegeven bij Van Kampen in Amsterdam Het kostte in 1933 f'1,75 en f 2,50 gebonden. In Critisch Bulletin van 1934 vond ik de eerste recensie over deze nieuwe Eisschot. M. Revis is vooral getroffen door de spanning die het boek bij de lezer oproept. Die lezer vraagt zich heel direct af hoe het met de nieuwbakken koopman zal aflopen. Revis prijst in Elsschot de gespannen aandacht voor de klein held van het mensenleven: "Het is harder dan de milde spot van Fallada's 'Kleiner Mann, was nun"'.

"Het verhaal ", zegt Revis, "balanceert zo voortdurend op de rand van het lachwekkende en het droevige, datje niet van harte vrolijk kunt zijn, omdat het voelbaar is dat de kaasaffaire, die zo mooi leek op papier, de verkeerde kant opgaat. Ontsnappen is niet mogelijk ".

Ik heb ergens gelezen dat' Kaas' een briefroman kan worden genoemd. Enigszins zoals 'Sara Burgerhart' of 'Majoor Frans'. Die vergelijking is natuurlijk nogal gezocht, maar toch doet zich met "Kaas" het vreemde verschijnsel voor datje, door de spanning die het boek oproept de briefvorm ("Eindelijk schrijf ik je weer...") helemaal uit het oog verliest. Wie zich realiseert wat 'Kaas' teweeggebracht heeft in de Nederlandse letteren en welke beslissende
rol het boekje in de literaire carrière van Elsschot heeft gespeeld, verwacht in deze uitgave op zijn minst een verklarend Nawoord. 'Kaas' is na vijftig jaar nog altijd een boek dat gisteren kon zijn geschreven.

Eigen Mening:
Ik vond het boek “kaas” van Willem Elsschot een leuk boek om te lezen. Dit heeft er vooral mee te maken dat het een vrij eenvoudig boek is en dat er toch, zonder dat het er te dik bovenop ligt veel humor in voorkomt. Deze humor wordt vooral “veroorzaakt” door de hoofdpersoon, Laarmans. Dit is een nogal klungelig persoon die nooit goed nadenkt voor hij wat doet en ook een angsthaas is. Als hij bijvoorbeeld een winkel binnen wil om daar zijn kaas te verkopen, durft hij niet omdat hij bang is dat ze hem uitlachen. Ook durft hij nooit een winkel uit te gaan zonder iets te kopen, dus komt hij soms met de meest nutteloze dingen thuis.

Ik vind het ook heel knap dat Elsschot in zo’n dun boek zo’n in feite lang verhaal kan vertellen, en je krijgt toch niet het idee da je de met grote sprongen vooruit gesmeten wordt. Ik ben het met de recensie eens in die zin dat ik het knap vind hoe Elsschot met zo’n “eenvoudig onderwerp toch zoveel spanning in het boek kan leggen, en ook omdat deze spanning er eigenlijk helemaal niet is. Op het moment dat Laarmans zijn kaashandel begint, weet de lezer eigenlijk al dat dit zal gaan mislukken, maar toch blijft het spannend hoe het met Laarmans af zal lopen.

Ik kan iedereen aanraden om deze novelle van Elsschot te gaan lezen. Het boek is eenvoudig te lezen doordat er heel duidelijk beschreven wordt waar het verhaal over gaat. Hier hoeft de lezer eigenlijk niet over na te denken.

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Omdat je geen profiel hebt kan je stem niet aangepast worden.
Maak hier een profiel aan.

Hoge waardering

Pieta zeker weten goedZeker Weten Goed
Maarten Hollander 4e klas havo7.3
anoniem7.2
anoniem6e klas vwo7.4
Roxala 4e klas vwo6.9
Wessel 7.0
Meer verslagen ›

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan

2621
 

reacties

 
Hallo, ik heb uw uittreksel over "kaas" gelezen van willem elsschot. Zou u me eventueel info bezorgen over het feit dat dit boek in de vs werdt uitgebracht aangezien ik hier niets van vind op het net. wachtend op een antwoord. Kim
door Morren Kim (reageren) op 3 december 2002 om 19:20
jah toch
door jeroen (reageren) op 25 september 2003 om 12:25
Geachte heer Maarten, mijn beste compliment voor uw uitreksel, ik las het boek ((Kaas)) ook en ik vond het ook mooi, uw uitreksel heb ik ook iets aan gehad. dank u, ali
door ali (reageren) op 29 september 2003 om 20:34
HeeeeJ! Kwou F Bedankke Voor je BoekverslaGGie ! Scheelt mij een hoop werk ! GroeTTjes Annemiek
door Annemieke (reageren) op 2 oktober 2003 om 15:31
SHIT ik had er niks aan wat een flut verslag
door dikke bram (reageren) op 12 november 2003 om 12:54
goede uitreksel beetje lange kant
door piet harrissen (reageren) op 10 december 2003 om 18:02
great,thnax
door anoniem (reageren) op 29 november 2004 om 9:38
Bedankt voor de recensie... Ik had er 1 nodig
door Bartel (reageren) op 16 januari 2005 om 17:29