Ik kon het wèl. Verdomme.
Daar zaten we dan. Mijn ouders en de twaalfjarige ik, in het kantoor van de afdelingsleider. Ik wilde dolgraag naar de havo. Helaas gooide één onderdeel van de citotoets roet in het eten.
Dat ik mijn citoscore qua Nederlands en Engels het vwo adviseerde en me een havo-advies gaf voor mijn studievaardigheden, maakte niet uit. Nee, die punten voor rekenen wezen erop dat ik veel beter op mijn plek zou zijn op het vmbo.
Maar ik wílde helemaal niet naar het vmbo.
"Havo niks voor jou"
Ja, met wiskunde en rekenen kon ik inderdaad niks, maar op de havo mocht je dat later gewoon laten vallen. En die eerste drie jaar zou ik me er wel gewoon doorheen worstelen. Of zo. Alleen, ''we moesten wel rekening houden met de status en dus het slagingspercentage van de school.'' Tuurlijk.
Want de havo zou veel te moeilijk voor me zijn, volgens de wiskundeleraar. ''Ga toch lekker vmbo doen joh, niets mis mee. Die havo is niks voor jou. Hoef je er in ieder geval niet zoveel voor te doen. En trouwens, er zijn ook hele leuke MBO-opleidingen hoor! Kun je vast ook gaan schrijven of zo.'' VMBO zou het worden dus. De zomervakantie naderde, en samen met één vriendinnetje zou ik er naar toe gaan. Totdat ik in juli werd opgebeld. Of ik alsnog havo wilde komen doen.
En zo geschiedde, dat ik toch bij mijn vriendinnen in een brugklas havo/vwo terechtkwam. Of wiskunde verschrikkelijk was? Ja natuurlijk. Mijn wiskundecijferlijst stond, ondanks het harde werken, vol drieën en vieren. Maar ik had het er voor over. In de vierde zou mijn leed verzacht worden met een fijn, wiskundeloos C&M-profiel. Ik had het toch niet voor mijn opleiding nodig.
De hel brak los
Totdat ik het profielkeuzeblad voor me had liggen, met alle opleidingen van Nederland ernaast. Ik wierp er een blik op, en zag dat ik met mijn droomprofiel C&M vrij weinig opleidingen zou kunnen doen. En daarom koos ik - tegen alle adviezen in - een E&M-profiel met wiskunde. De hel brak los.
Tuurlijk, het was een goede keus om zo'n belangrijk vak te kiezen, maar je moet er ook wat mee kunnen. En dat kon ik ook wel: m'n eerste cijfer in de vierde voor wiskunde was een drie keer tellende 1.6 voor het examenonderwerp kansberekening. Auwtsj.
Fuck you
Gelukkig ging ik wel over met een vijf (een hele prestatie, nietwaar?). Een week voor de examens vroeg ik mezelf in godsnaam af hoe ik zo'n verschrikkelijk vak had kunnen kiezen, maar terug kon ik natuurlijk niet meer. Ik ging het gewoon doen, en hopelijk kon ik mijn zenuwen met wat Valdispert een beetje in bedwang houden.
Twee weken geleden werd ik gebeld door mijn mentrix. Ik was geslaagd met een 5.7 (voldoende!) voor wiskunde. Een dikke FUCK YOU naar al die mensen die zeiden dat ik het niet zou kunnen. Je weet wat ze zeggen: the greatest thing in life is doing things people say you can't do.
voeg reactie toe
Sneller en makkelijker reageren?
Login of maak een profiel aan
reacties